'Die depressies hebben mijn leven verrijkt'

Mike de Graeve (53) getuigt over zijn leven met depressie.

Ruim twee jaar lang heb ik last gehad van paniekaanvallen en depressies. Mijn eerste paniekaanval kreeg ik kort na mijn vijftigste verjaardag. Ik lag in bed en kon niet slapen. Mijn hart ging als een razende tekeer en ik vreesde voor een hartaanval. Doodsbang was ik dat ik mijn zoontje niet meer zou zien. Ik heb mijn vriendin wakker gemaakt en zij belde de ambulance. De ambulancebroeders hadden snel door dat het om hyperventilatie ging.

Aanvankelijk zag ik deze aanval als een waarschuwing, en mijn schuldgevoel over mijn levensstijl als oorzaak. Maar na een paar maanden dienden de paniekaanvallen zich steeds frequenter en heftiger aan, steevast gevolgd door depressies. Het is moeilijk uit te leggen wat ik dan voel. N­egatieve gedachten malen continu tot in het extreme door mijn hoofd. Het was alsof ik in een zeepbel liep. Stemmen hoorde ik in de verte. Steeds was ik bang in die gemoedstoestand te blijven hangen. Nogal een contrast met de vreugde die ik voel als ik toch weer uit een depressie komt.

Op uitnodiging van een klant ging ik mee op een driedaags outdoor event dat zijn bedrijf organiseert. Dat is een openbaring gebleken. In het bos bouwden we een eigen kamp en overnachtte ik alleen. Ik was geheel op mezelf aangewezen. Ik sliep slecht en dacht heel veel aan mijn overleden pa. Ontzettend moe kwam ik thuis. De volgende dag kreeg ik weer een paniekaanval. Toen nam ik voor het eerst contact op met mijn huisarts.

Die schreef in eerste i­nstantie oxazepam voor, een rustgevend middel dat de scherpe kantjes van mijn gedachten haalde. Uitgebreid hartonderzoek bevestigde dat ik een fysieke oorzaak voor mijn paniekaanvallen kon uitsluiten. Ook verwees mijn huisarts me door naar een psycholoog, maar de cognitieve gedragstherapie pakte de oorzaak van mijn problemen niet aan. Een vriendin heeft me veel concreter geholpen met ademhalingsoefeningen om mijn paniekaanvallen te pareren. Naarmate ik die beter onder controle kreeg, nam ook de intensiteit van mijn depressies af en kwam ik weer in een opwaartse spiraal.

Ik heb staan janken en schreeuwen naar God, in wie ik niet eens geloof

Op advies van een coach die een burn-out constateerde, ben ik een tijdje gestopt met werken. Via gesprekken met haar analyseerde ik het ontstaan van mijn depressies. Gaandeweg en ook via onder meer een weerzien met mijn vroegere karateleraar besefte ik dat mijn problemen niet werkgerelateerd waren, maar dat de dood van mijn vader me enorm in de weg zat. Volgens mijn karateleraar zat ik in een verlaat rouwproces. Dat was de spijker op zijn kop.

Mijn vader is op een nare manier gestorven. Hij had een hersentumor, moest als een klein kind verzorgd worden en wilde nog niet dood. Zijn enige drive om te blijven leven was onze zoon geboren te zien worden. Steeds kwam hij weer bij van de morfine, tot verbazing van de artsen in het ziekenhuis. Huilend heb ik hem in mijn armen genomen en gevraagd of hij wilde sterven, en gezegd dat hij zichzelf niet langer moest kwetsen. Onze zoon heeft hij nooit gezien.

De rouw daarover heb ik lang weggestopt; ik moest immers maar door en door na de geboorte van onze zoon. Twee weken na die opmerking van mijn karateleraar ging ik fietsen. Het waaide hard en het miezerde. Midden in een weiland kwam er plots zoveel verdriet en woede naar boven. Ik heb staan janken en schreeuwen naar God, in wie ik niet eens geloof. Hoe oneerlijk het was dat mijn vader op die manier moest gaan, dat ik hem niet meer om raad kon vragen voor de o­pvoeding van mijn eigen zoon.

Terugblikkend hebben die depressies op een keiharde manier mijn leven verrijkt. Ik nam de tijd niet om te rouwen, om mijn verdriet te verwerken. Op een gegeven moment trapt je lichaam op de rem. Als je uit je depressies rechtkrabbelt en de oorzaak weet, leer je wat de belangrijke dingen in je leven zijn. Ik heb ontzettend veel steun van mijn vriendin en zoon gehad. Het is zo pijnlijk als je in een depressie je eigen zoon niet om je heen kunt hebben. Gelukkig had hij er lak aan. “Papa is moe”, zei hij dan.

In het kader van de 10-daagse van de Geestelijke Gezondheid verschijnt er vanaf dinsdag 1 oktober iedere dag een getuigenis over een psychische stoornis. Deze getuigenis is afkomstig uit What’s Wrong With Me – Faces of the DSM van auteur Vittorio Busato. Daarmee wil hij psychische stoornissen uit de DSM, de ‘diagnosebijbel’ van de psychiatrie, een gezicht geven.