Dwarrelende peperkoeken huisjes
- 20 oktober 2026
Illustratie: Charlotte Goeyers
De herfst is het seizoen waarin de natuur haar kleurrijkste tapijt uitrolt. Voor veel tuiniers is dat vooral een uitnodiging om de bladblazer boven te halen. Zonde, want in die rommelige laag bladeren krioelt het van het fascinerende leven.
Scooters, getunede sportwagens, tandartsboren … Het assortiment machines dat mijn zenuwstelsel doet rillen, is gelukkig beperkt, maar helaas wel zeer aanwezig. Voor mij stijgt één machine boven alle andere uit: de bladblazer. Het is een merkwaardig apparaat. Doet ongeveer hetzelfde als een hark, maar dan met onnodig lawaaierig machtsvertoon.
De ene bladblazerman blaast de bladeren van zijn gazon naar dat van zijn bladblazerbuurman, die ze vervolgens weer terug blaast
Terwijl de herfst een jaarlijkse rust inluidt door kleurrijke bladeren vredevol naar beneden te laten dwarrelen, blaast de ene bladblazerman de bladeren van zijn gazon naar dat van zijn bladblazerbuurman, die ze vervolgens weer terug blaast. Ze dragen oorbeschermers, waardoor iedereen behalve zijzelf er potdoof van wordt. De drang naar efficiëntie heeft ons een potentieel ontspannen taakje ontnomen.
Met een ouderwetse hark hark je bladeren rustig bij elkaar terwijl je de koolmezen hoort ti-tu-ti-tu-ti-tu’en. En op een hark kan je leunen terwijl je een praatje slaat met de harkende buurman. Heerlijk.
Bladeren hoeven trouwens geen afval te zijn. Laat ze gewoon liggen, daar waar ze vielen of hark ze op een hoopje onder struiken of in de borders. Geef het wat tijd en binnenkort kan je op bodemsafari. Ecoloog Pallieter De Smedt leerde me de kneepjes van het vak. In een bos nabij Gent schudden we een hoopje afgevallen bladeren door een zeef, boven een bakje van twintig bij dertig centimeter. We zagen tientallen pissebedden, miljoenpoten, slakken, springstaarten en andere kriebeldieren.
Pallieter De Smedt op safari in een bakje met bladstrooisel.
Veel van die soorten kan je ook gewoon in je tuin spotten, als je de bladeren laat liggen tenminste. De kriebeldieren-bingokaart is goed gevuld en divers. De Smedt: ‘Zo zijn er in België veertig soorten pissebedden en een vijftigtal soorten miljoenpoten. We weten zelfs niet zeker hoeveel soorten regenwormen er zijn, minstens 25. De grootste strooiseldieren – pissebedden, miljoenpoten, regenwormen en slakken – eten onder andere de afgevallen bladeren en breken ze in grove stukken. Kleinere dieren, zoals springstaarten en mijten, doen de fijnere afbraak. En uiteindelijk zijn het micro-organismen zoals bacteriën en schimmels die het werk afmaken en alles omzetten in voedingsstoffen voor planten.
Naast de planteneters vind je in de strooisellaag ook actieve jagers. Grote spinnen en duizendpoten loeren daar op prooien, net zoals roofdieren dat bovengronds doen. Sommige jagen actief, andere liggen te wachten in een hinderlaag. Het is een jungle op millimeterschaal.
’Een hoop afgevallen bladeren is geen willekeurig mengsel van bladeren en beesten. ‘Schimmels groeien het liefst op specifieke bladsoorten. Een blad van een eik huisvest dus andere schimmelsoorten dan dat van een esdoorn. Daardoor verschillen ook de soorten die van de schimmels grazen, zoals pissebedden, naargelang de bladsoort. De pissebedden eten zelf ook eerst de bladeren die ze het lekkerst vinden, zoals die van de els of es. Pas als die op zijn, beginnen ze, weliswaar met lange tanden, aan de taaiere eik- of beukenbladeren. Een beetje zoals kleuters eten dus.
Een hoop bladeren betekent een thuis voor onder andere pissebedden, miljoenpoten, slakken, springstaarten en andere kriebeldieren.
’Daardoor verdwijnen de verschillende bladsoorten ook aan een ander tempo. Bladeren van de es zijn na enkele maanden al verdwenen, die van de beuk en eik kunnen enkele jaren blijven liggen. ‘Die koppige bladeren helpen er wel hun familie mee, want de traag verterende bladeren verzuren de bodem waardoor enkel nieuwe beuken en eikenbomen kunnen groeien’, vertelde plantenwetenschapper Jeroen Schreel mij. Ook de strooiselfauna vaart er wel bij, want terwijl de ene bladsoort het strooiselleven van voedsel voorziet, kunnen ze in de trager verterende bladeren gaan wonen.
De favoriet van Pallieter De Smedt zit ergens tussenin. ‘Het afgevallen blad van de esdoorn ziet er mooi uit en verdwijnt niet te snel, waardoor het opkrult en zo een huisje vormt voor veel dieren.’ Een peperkoekenhuisje, want het klein grut kan de woonst ook geleidelijk aan opeten.Als dit stille spektakel zich mag voordoen in je tuin, dan vormen de bladeren eerst een isolerend winterbed voor je planten, waarna ze als voedingsstoffen in de grond verdwijnen en je planten de volgende zomer ook nog eens beschermen tegen droogte. Bye bye bladblazer?
Meer over vallende bladeren
Schrijf je in op onze nieuwsbrief
En blijf op de hoogte van de laatste inzichten in wetenschap en technologie.


