Biodiversiteit in  de diepvriezer

Biodiversiteit in de diepvriezer

Delen:

Voedselzekerheid voor miljoenen mensen, zorgvuldig opgeborgen in een keldertje van 4 op 4 meter. Zo zou je de bevroren plantenbibliotheek van het Leuvense Laboratorium voor Tropische Plantenteelt kunnen omschrijven. In het bescheiden lokaaltje staan tien vaten in roestvrij staal die dienstdoen als diepvriezer. Ze zijn niet veel groter dan het toestel in je keuken, maar hebben een inhoud van onschatbare waarde.

Elk vat bevat zo’n dertigduizend tubes met plantenmonsters. Daaronder bevinden zich meer dan duizend bananensoorten, een collectie zoete aardappelen en diverse oude Belgische witloofvariëteiten. De monsters worden bewaard in vloeibare stikstof bij –196 graden Celsius. Die extreem lage temperatuur is nodig om het genetische goud voor vele honderden jaren, en in theorie zelfs voor altijd, te bewaren.

‘Het is een vorm van verzekering’, zegt biotechnoloog Bart Panis, die de collectie van de organisatie Bioversity International aan de KU Leuven beheert. ‘Wanneer een gewas op het veld wordt bedreigd door een conflict, ramp of schimmel, kunnen we een monster uit de diepvriezer halen en terug tot leven wekken. We kunnen een bedreigd gewas uit de collectie recupereren, of we kunnen op zoek gaan naar een alternatief.’

‘Stel bijvoorbeeld dat een nieuwe ziekte de bananenproductie in een bepaalde regio in gevaar brengt, dan halen we een resistente variant uit de collectie om uit te planten in het aangetaste gebied. Met onze verzameling willen we in de eerste plaats de genetische diversiteit van gewassen veiligstellen. Elke variëteit beschikt over specifiek­e eigenschappen die vandaag of in de verre toekomst van cruciaal belang kunnen zijn.’

De techniek waarmee de wetenschappers de planten bewaren heet cryopreservatie. De plantencellen worden daarbij zo hard diepgevroren dat elke moleculaire beweging binnenin tot stilstand komt. De plant gaat als het ware in een extreem diepe slaapmodus, en veroudert niet meer tot ze vele jaren later wordt ontdooid. ‘Mocht de plant met haar ogen kunnen knipperen, dan zou het lijken alsof ze plots naar de toekomst is geflitst, terwijl er voor de wetenschappers die ze in de cryotank stopten honderden of duizenden jaren voorbij zijn gegaan’, legt doctoraatstudent Hannes Wilms (KU Leuven) uit. ‘We laten de planten eigenlijk reizen naar de toekomst.’

Plant in pauzestand

Cryopreservatie is niet zo simpel als groentjes in de diepvriezer stoppen. ‘We willen een levend organisme in pauzestand brengen, zonder dat het sterft. We moeten de garantie hebben dat we in de toekomst weer gewoon op de startknop kunnen drukken’, zegt Panis.

Dat is niet eenvoudig, want bevriezing is potentieel dodelijk voor planten. ‘Plantencellen bevatten veel water. Als dat bevriest, ontstaan vlijmscherpe ijskristallen die de celwanden stuk prikken’, legt Panis uit. ‘Het gevolg zie je op een vriesdag ook in je tuin: plantenbladeren hangen dan treurig naar beneden omdat de cellen zijn beschadigd. Om dat te voorkomen, dehydrateren we weefsels vóór het invriezen. Dat moet zorgvuldig gebeuren. Een cel die te veel water verliest gaat ook dood. Daarna behandelen we de cellen nog met een antivriesmiddel dat ijsvorming afremt.’

De laatste stap van cryopreservatie is de meest cruciale. Daarin bevriezen de onderzoekers het plantenmonster razendsnel door het in een ultrakoud bad van vloeibare stikstof (–196°C) te dompelen. ‘Door de abrupte temperatuurdaling stoppen alle watermolecules in de cellen zo snel met bewegen dat ze geen tijd hebben om ijskristallen te vormen’, aldus Panis. ‘Deze toestand noemt de glastoestand of vitrificatie. De plant staat nu echt op pauze.’

Het is onmogelijk om een volledige plant in die glastoestand te brengen. ‘De extreme koude die daarvoor nodig is, kan niet snel genoeg tot de plantenkern doordringen. Daardoor zullen de binnenste cellen toch nog ijskristallen vormen, waardoor ze beschadigd raken. We moeten daarom een zo klein mogelijk deel van een plant selecteren. Dat deel moet er dan wel een zijn waaruit de plant na ontdooiing terug kan groeien.’

In een cryotank niet groter dan een koelkast passen wel driehonderdduizend plantenmonsters

Het allerkleinste levensvatbare deel vinden de onderzoekers diep binnenin de groeiknop van een plant. ‘We pellen een groeiknop af tot enkel het allerbinnenste deeltje overblijft. Vergelijk het met het schillen van een ajuin. Haal er schil voor schil vanaf tot er enkel nog een miniem en onschilbaar deeltje achterblijft. Dat deeltje – niet groter dan een maanzaadje – noemen we het meristeem. Dat gaan we cryopreserveren.’

Cryopreservatie is een hele klus. ‘Het is een uiterst precies werk dat veel tijd vraagt’, zegt Panis. ‘Een ervaren medewerker kan per jaar tussen de veertig en zeventig variëteiten in de cryotank krijgen. Voor een collectie van tweeduizend gewassen zijn dus in totaal ongeveer dertig mensenjaren nodig. En als we beslissen om een specifiek gewas te cryopreserveren, dan beslaat het volledige proces van akker tot cryotank een tot twee jaar, afhankelijk van het type gewas.’

‘Maar eens een plant in de tank zit, is de onderhoudskost laag. De monsters blijven in theorie eindeloos houdbaar en zijn beschermd tegen ziekteverwekkers. Bijkomend voordeel: omdat het meristeem zo klein is, passen er wel driehonderdduizend plantenmonsters in een cryotank niet groter dan een koelkast.’

Veelgestelde vragen

Ark van Flora

Het invriezen van planten om ze te bewaren doet denken aan de Svalbard Global Seed Vault, een enorme kluis op het eiland Spitsbergen waarin meer dan een miljoen plantenzaden uit bijna alle landen ter wereld worden bewaard. Die ‘ark van flora’ bevindt zich 100 meter diep in een rots die bedekt is door een dikke laag permafrost. Het hoofddoel is hetzelfde als bij cryopreservatie: een back-up bewaren van voedingsgewassen en wilde planten om ze te beschermen tegen bedreigingen als gevolg van de klimaatverandering of biodiversiteitsverlies.

‘Toch is er een wezenlijk verschil tussen de zadenbank en cryopreservatie’, zegt Hannes Wilms. ‘De temperatuur in de Svalbard Global Seed Vault bedraagt –20°C. Bij die temperatuur verouderen de zaden nog altijd. Het gaat gewoon traag.’

Let er maar eens op de volgende keer dat je diepvriesgroenten klaarmaakt: op de verpakking staat een houdbaarheidsdatum. ‘Bevroren levensmiddelen bederven omdat er bij –20°C nog altijd biologische, chemische of fysische activiteit plaatsvindt. De zaden op Spitsbergen moeten elke tien à honderd jaar vervangen worden, afhankelijk van de soort. Bij cryopreservatie staat de tijd echt stil. In een cryotank blijven zaden honderden jaren en mogelijk zelfs veel langer levensvatbaar.’

Toch geven de meeste zadenverzamelaars vandaag nog de voorkeur aan bewaring bij diepvriestemperatuur. ‘Het is voorlopig makkelijker en goedkoper om zaden bij –20°C te bewaren’, zegt Panis. ‘Op termijn zullen we wel een shift naar cryopreservatie zien, omdat je de zaden dan niet telkens hoeft te vervangen. Dat houdt risico’s in. Zaden kunnen verloren gaan of er kunnen ziektes mee ingevroren worden.’

Veelgestelde vragen

Planten zonder zaden

Niet alle planten kunnen via diepgevroren zaad bewaard worden. ‘De zaden mogen niet veel water bevatten, anders gaan ze stuk tijdens het invriezen’, legt Panis uit. ‘Enkel zaden die van nature al zeer droog zijn, zogenaamde orthodoxe zaden, kun je daarom in een diepvriezer bewaren. Een vijfde van alle zaden ter wereld is niet bestand tegen het droogproces dat ze moeten ondergaan voor ze ingevroren kunnen worden. Cryopreservatie van die zaden of embryo’s kan dan een oplossing vormen.’

En dan zijn er nog de gewassen die geen zaden aanmaken of die zich niet via zaad vermenigvuldigen, maar door klonen van zichzelf te maken. Aardbeien maken uitlopers die zich op een kleine afstand van de moederplant in de grond nestelen. ‘Ook de aardappel, banaan, appel, zoete aardappel, yam, druif, cassave en knoflook worden vegetatief vermeerderd’, weet Panis. ‘Sommige van die gewassen produceren wel zaad, maar als we dat zouden gebruiken, gaan de gewenste eigenschappen van de moederplant verloren.’

Wetenschappers bewaren een back-up van dergelijke gewassen daarom noodgedwongen in een veldcollectie, als levende plant dus, of als een scheut in een proefbuisje. Beide methodes zijn arbeidsintensief en houden ook een risico in. ‘Planten in een veldcollectie zijn kwetsbaar voor plagen en ziektes, en ze kunnen vernietigd worden door een natuurramp of een oorlog.’

‘De scheuten die we in proefbuizen bewaren, moeten worden opgekweekt, ze moeten ziektevrij zijn, en ze moeten elk jaar vervangen worden (zie ook kaderstuk ‘De bananenbibliotheek’). Elke vervanging is riskant. De scheuten kunnen sterven, er kunnen virussen, bacteriën of schimmels in het monster sluipen of de nieuwe scheuten kunnen genetisch muteren en dus niet meer de eigenschappen bezitten waarvoor ze worden bewaard. Cryopreservatie heeft die risico’s niet.’

De plantencellen worden zo hard diepgevroren dat elke moleculaire beweging binnenin tot stilstand komt

Wereldwijde cryobank

Bart Panis droomt al langer van een equivalent van de Svalbard Global Seed Vault, maar dan voor vegetatief vermeerderde gewassen of gewassen met zaden die je niet kunt invriezen. ‘Er zijn wereldwijd een vijftiental instituten die een cryocollectie bezitten. Dat zijn vooral geïsoleerde collecties. Als de cryotanks door pech of kwaad opzet uitvallen, gaan de collecties verloren.’

‘Wij bewaren daarom een back-up van onze collectie in een instituut in Montpellier. We willen dat uitbreiden, naar een wereldwijd netwerk met back-upcentra. Helaas is dat niet vanzelfsprekend. Vooral politiek ligt het gevoelig. Heel wat landen zijn er niet happig op om hun materiaal vrij te geven. Ze vrezen dat buitenlandse bedrijven misbruik zullen maken van hun kostbare nationale biodiversiteit. Er zal nog veel moeten worden onderhandeld voor we tot een equivalent van de Global Seed Vault komen.’

De Wereldzadenbank bewees nochtans al meermaals haar nut. Zo werd een plantencollectie in Syrië in 2012 vernietigd door het conflict ginds. De Syrische collectie bevatte veel unieke graangewassen die waren veredeld voor dorre gebieden. Gelukkig werden deze voorraden ‘gebackupt’ in Spitsbergen en kon zo een nieuwe collectie worden opgericht in Libanon. ‘Een wereldwijde cryobank, aanvullend op de zadenbank, zou een nog betere verzekering vormen van het wereldwijde landbouw­erfgoed.’

Delen:

De voedingssector ontwikkelt dagelijks betere, gezondere, duurzamere en lekkerdere producten. Maar in de EU kan je niet zomaar nieuwe voedingsmiddelen of ingrediënten op de markt brengen. De complexe en lijvige Novel Foods-wetgeving is een strenge poortwachter, ter bescherming van de consument.

De Nutri-Score werd strenger, waarna het stilletjes van sommige verpakkingen verdween. De eenvoud van de Nutri-Score is zijn grote troef, maar ook zijn grootste beperking: het label wordt nog te vaak gelezen als een algemeen oordeel over gezond of ongezond. De discussie gaat dus niet alleen over één letter op een verpakking, maar ook over welke informatie consumenten te zien krijgen — en of die verplicht zichtbaar moet zijn.

België verovert stilaan een plaats op de internationale wijnkaart. Tijdens een tochtje op een van de talrijke landelijke fietspaden zie je steeds meer wijnranken opduiken. Achter dat idyllische landschap schuilt een verrassend complexe wereld.

Het sportvoedingssupplement creatine is populair onder gezondheidsinfluencers en sporters die beweren dat creatine kan helpen om sterkere spieren en een scherpere geest te krijgen. Maar klopt dat wel?

Hoe zullen microalgen een cruciale rol spelen in het vervangen van de synthetische kleurstoffen in onze voeding?

Een vegetarisch of veganistisch beïnvloedt de kans op verschillende kankers, blijkt uit recent onderzoek. Onderzoeker Ines Thiers neemt de verschillende studies onder de loep.

Een frisse pint op een zomers terras: een klein geluksmoment… tot je ondervindt dat je versgetapt bier soms naar nat karton kan smaken. Hoe komt dat — en waarom ligt de redding bij een vrucht die al eeuwen symbool staat voor onsterfelijkheid?

Dit is een artikel van: Vlaamse PhD Cup

Is het je ooit opgevallen dat online supermarkten verschillen? De éne rangschikt zijn producten zus, de andere zo. Bij de éne staat de Nutri-Score trots te pronken naast de leeuwtjes. Bij de concurrent is de Nutri-Score dan weer nergens te bekennen. Maar wist je dat eigenlijk niemand weet wat het slimste ontwerp is? Wij bouwden onze eigen supermarkt en deden de test!

Onze voedselomgeving beïnvloedt elke dag wat we eten, vaak zonder dat we het beseffen. Via het project "De Grote Voedselkaart" willen wetenschappers die omgeving in kaart brengen. Ook jij kan helpen.

En blijf op de hoogte van de laatste inzichten in wetenschap en technologie.

Nieuwsbrieven