De wetenschap zit midden in een polycrisis

De wetenschap zit midden in een polycrisis

Delen:

De vraag hoe het vandaag met de wetenschap gesteld is, laat zich niet in één zin beantwoorden. Sommige stemmen schetsen een haast apocalyptisch beeld. Maar wie de situatie met enige afstand bekijkt, ziet een dynamisch en groeiend onderzoekslandschap dat wordt geconfronteerd met ingrijpende en vaak onderling verweven uitdagingen. De wetenschap bevindt zich midden in een polycrisis die bestaat uit een veelheid aan gelijktijdige, elkaar versterkende problemen die diep in onze tijd verankerd zijn. Tegelijk vormt juist diezelfde wetenschap een onmisbaar onderdeel van de oplossing voor de bredere mondiale onrust.

Bloei en veerkracht

Laten we om te beginnen de wijdverbreide gedachte nuanceren dat de wetenschap in verval zou zijn. Wie naar de cijfers kijkt, ziet juist het tegenovergestelde: veel indicatoren wijzen erop dat de de wetenschap bloeit. Het academische landschap is vandaag intrinsiek mondiaal, en het aantal universiteiten, onderzoekers, financieringsstromen én wetenschappelijke publicaties groeit in een ongezien tempo.

Landen als China leveren inmiddels een substantieel aandeel van de wereldwijde, kwaliteitsvolle onderzoeksoutput. Ze maken daarbij gebruik van het enorme potentieel van een bevolking van 1,4 miljard mensen, waarvan steeds meer jongeren toegang hebben tot hoger onderwijs en onderzoeksfaciliteiten.

De globalisering van de wetenschap creëert ongekende mogelijkheden: internationale samenwerking krijgt nieuwe vormen, onderzoeksteams worden diverser, en innovaties verspreiden zich sneller dan ooit. Het toont hoe flexibel en veerkrachtig de wetenschap als systeem is. Van een neergang is dan ook geen sprake, nog nooit in de menselijke geschiedenis was de schaal en reikwijdte van wetenschappelijke activiteit zo groot als vandaag.

De keerzijde

Ondanks de indrukwekkende wereldwijde groei staat de wetenschap onder druk, deels door dynamieken binnen het systeem zelf, deels door krachten van buitenaf.

De academische gemeenschap kampt nog altijd met een opstapeling van excessen. Het publicatiesysteem dat vaak wordt gestuurd door de dominante en soms vertekenende invloed van de impactfactor, kan leiden tot perverse prikkels.

Tegelijk groeit de vraag naar maatschappelijke relevantie. Zoals een voorzitter van de European Innovation Council (EIC) het tijdens een workshop van het vakblad Frontiers kernachtig formuleerde: ‘Ik ben het beu om financieringsvoorstellen te krijgen over hoe rijke, witte mensen langer dan 100 jaar kunnen leven.’ Deze uitspraak illustreert de bezorgdheid dat een aanzienlijk deel van het onderzoek mogelijk voorbijgaat aan de meest urgente mondiale uitdagingen, zoals de toekomst van onze planeet of sociale ongelijkheid.

Daarnaast verandert de opkomst van private wetenschap de dynamiek in het veld, met mogelijke gevolgen voor onderzoeksagenda’s en toegankelijkheid.

Daarbovenop krijgt de wetenschap te maken met een zorgwekkende ontkenning van haar waarde. Hoewel die ontkenning niet universeel is, is het wantrouwen in bepaalde toepassingen wel wijdverbreid. De covid‑19‑pandemie en de aanhoudende klimaatcrisis hebben duidelijk laten zien hoe wetenschappelijke consensus kan worden betwist, gepolitiseerd of zelfs volledig afgewezen door burgers en politieke leiders.

Hoewel dit verlies aan vertrouwen niet overal even sterk aanwezig is, vormt het een serieuze bedreiging voor evidence‑based beleid en voor het publieke begrip van wetenschap.

Wetenschap in gevaar

Naast die bekende uitdagingen dienen zich bedreigingen aan die de wetenschap zelf in een kwetsbare positie brengen.

Wetenschap wordt steeds vaker ingezet als instrument binnen geopolitieke strategieën. Begrippen als ‘soevereiniteit’ worden soms aangegrepen om internationale samenwerking te beperken en onderzoek belandt geregeld in het spanningsveld van economisch en technologisch gedreven machtsconflicten. Die politisering vormt een risico voor de samenhang van de wetenschap wereldwijd. Ook belemmert ze de vrije uitwisseling van ideeën, een kernvoorwaarde voor wetenschappelijke vooruitgang.

Het openlijk delen van kennis is fundamenteel voor de wetenschap. Toch bevindt naar schatting 60% van alle wetenschappelijke publicaties zich achter betaalmuren, wat aanzienlijke drempels opwerpt voor onderzoekers in minder welvarende regio’s, kleinere ondernemingen en het brede publiek. Bovendien valt het grootste deel van de wetenschappelijke data niet onder de FAIR-principes, die stellen dat wetenschappelijke gegevens goed vindbaar, toegankelijk, uitwisselbaar en herbruikbaar moeten zijn. Dat limiteert de bruikbaarheid van onderzoek en beperkt de mogelijkheid tot nieuwe ontdekkingen sterk.

De opkomst van kunstmatige intelligentie is een tweesnijdend zwaard. Data, vaak omschreven als het ‘nieuwe goud’ voor zowel AI als wetenschap, maken diepgaandere inzichten mogelijk. Tegelijk betekent dit dat toegang tot data die ooit bijna vanzelfsprekend was, niet meer altijd gegarandeerd is. De controle over grote datasets kan uitgroeien tot een bron van macht en invloed. Dat versterkt bestaande ongelijkheden binnen de wetenschap en remt open innovatie af.

De dubbele opdracht van de wetenschap

De wetenschap staat zelf midden in een polycrisis: ze kampt met interne uitdagingen die haar relevantie en werkwijze onder druk zetten, terwijl ze tegelijk wordt beïnvloed door de complexe, onderling verbonden crises die wereldwijd spelen.

Toch blijft wetenschap onmisbaar om deze polycrisissen te kunnen begrijpen, te beheersen en uiteindelijk op te lossen. Voor de komende twee decennia tekent zich daarom een dubbele opdracht af.

Ten eerste opereert de wetenschap vandaag digitaal, datagedreven en wordt steeds meer ondersteund door krachtige computersystemen. Die snel veranderende manier van werken moet minstens zo robuust, betrouwbaar en transparant worden als de ‘wetenschap 1.0’ waarop ze voortbouwt. Dat betekent dat kwesties rond data‑integriteit, algoritmische vooringenomenheid en gelijke toegang tot geavanceerde tools en infrastructuren actief moeten worden aangepakt.

In een wereld die minder vanzelfsprekend wetenschapsgedreven lijkt dan voorheen, moet de wetenschap daarbovenop werken aan het herstellen en versterken van haar internationale gezag. Dat vraagt om het vergroten van betrouwbaarheid, het aantonen van relevantie voor urgente maatschappelijke uitdagingen, het bevorderen van open communicatie en het actief betrekken van zowel publiek als beleidsmakers.

De toekomstige gezondheid van de wetenschap en daarmee ook die van onze planeet, hangt af van hoe effectief die kritieke uitdagingen worden aangepakt. Tegelijkertijd kunnen we zo de enorme kansen benutten die de mondiale wetenschappelijke gemeenschap biedt.

Dit artikel is gebaseerd op de openingsrede uitgesproken bij de start van de JRC Science Week in november 2025. Vertaling: Robin Hanssens.

Delen:

De finaletickets van de PhD Cup zijn uitgedeeld. Op woensdagavond 30 september kregen de zestien kandidaten tijdens de halve finale bij SciMingo drie minuten om de jury te overtuigen. Acht van hen mogen zich nu opmaken voor de finale van de elfde editie op woensdag 21 oktober in de Handelsbeurs in Gent.

Ging een experiment uit jouw onderzoek ooit spectaculair mis? Of liep je veldwerk een tikkeltje anders dan gepland? SciMingo gaat met Jacotte Brokken voor het tweede seizoen van de podcast 'Missen is wenselijk' opnieuw op zoek naar onderzoekers die hun faalverhalen willen delen.

Een interdisciplinair onderzoeksteam trekt aan de alarmbel omdat de academische wereld “voorspelbaar” en “voorzichtig” onderzoek lijkt te bevoordelen in plaats van gedurfde ideeën. Dit vormt niet enkel een probleem voor de toekomst van de wetenschap, maar treft vooral de nieuwe generatie vorsers/academisch talent.

Waarnemen, tellen, meten en classificeren: een greep uit de taken die burgers uitvoeren om de wetenschap vooruit te helpen. Kan AI dit allemaal overnemen? Nee, stelt astronoom Stijn Calders: mensen doen veel meer dan alleen data produceren.

Infectioloog Isabel Brosius (Instituut voor Tropische Geneeskunde) onderzoekt hoe nieuwe infectieziekten zich verspreiden tijdens een uitbraak. Toen in 2023 een nieuwe mpox-variant opdook in Oost-Congo, trok ze samen met Congolese onderzoekers meteen naar het getroffen gebied om een diagnose-, behandel- en onderzoekscentrum op te zetten. Haar onderzoek werd vanavond bekroond met de Eos Pipet.

De selectie voor de Vlaamse PhD Cup 2026 is rond. Ontdek welke zestien jonge wetenschappers zich opmaken om hun jarenlange doctoraatsonderzoek te vertalen naar een krachtige en heldere presentatie van drie minuten.

Het magazine Annals of Improbable Research reikte vrijdagnacht voor de 36ste keer de Ig Nobelprijzen uit - voor wetenschappelijk onderzoek dat je eerst doet lachen, maar dan doet nadenken. De ceremonie vond voor de eerste keer in de geschiedenis van de prijs niet in de VS plaats.

Een toonaangevende studie waaruit bleek dat echt vernieuwend onderzoek steeds minder voorkomt, deed een paar jaar geleden flink wat stof opwaaien. Nu stelt een team onder leiding van VUB-onderzoekers vast dat de hoeveelheid baanbrekend onderzoek uit het verleden overschat werd.

Leraren leren niet alleen op studiedagen of in begeleidingstrajecten. Veel vaker worden ze gevormd door collega’s die elke dag tonen hoe je kunt lesgeven, bijsturen en opnieuw beginnen. En soms ook door collega's die tonen hoe het helemaal niet moet.

En blijf op de hoogte van de laatste inzichten in wetenschap en technologie.

Nieuwsbrieven