Waarom sommige mensen heerlijk ruiken, en andere stinken

We gebruiken marketingcookies om deze website optimaal te laten werken. Accepteer deze cookies om verder te gaan.

Delen:

Beluister het gesprek met microbioloog Chris Callewaert

Hoe ontstaat onze lichaamsgeur?

‘Onze lichaamsgeur wordt bepaald door twee dingen: zweet en bacteriën.’

‘Onze oksels produceren drie soorten zweet:
•    Eccrien zweet: het ‘natte’ zweet dat ons koel houdt,
•    Sebum: ook wel talg genoemd, is een vettige substantie die de huid soepel houdt,
•    Apocrien zweet: afkomstig van zweetklieren die voornamelijk in de oksels en liezen zitten. Dit zweet is meer olieachtig en bevat meer eiwitten en vetten dan eccrien’

‘Apocrien zweet bevat geurloze, grote moleculen die pas gaan ruiken als ze worden afgebroken door bacteriën. Zonder bacteriën geen lichaamsgeur. Het zijn vooral de soorten bacteriën (niet de hoeveelheid) die bepalen hoe je ruikt. Sommige bacteriën zetten zweet om in onaangename geur, andere zorgen voor een neutralere of zelfs aangename geur.’

Is veel zweten dan niet gelijk aan sterk ruiken?

‘Nee. Overmatig zweten staat los van sterke geur. Je kunt veel zweten zonder te stinken, en omgekeerd. Uit onderzoek blijkt dat mensen met een sterke geur ook meer specifieke geurproducerende bacteriën hebben.’

Waarom vinden we sommige mensen lekker ruiken en andere niet?

‘Geur is sterk subjectief en cultureel gevormd. Wat voor de één heerlijk is, kan voor een ander storend zijn. Geur en herinnering worden in dezelfde hersenzones verwerkt, wat ook verklaart waarom we geur met emotie en herinnering associëren. Kinderen ruiken doorgaans aangenamer omdat ze nog geen apocrien zweet aanmaken, dat begint pas met de puberteit.’

Speelt erfelijkheid een rol?

‘Ja, lichaamsgeur is deels genetisch bepaald. Een belangrijk gen is ABCC11, dat onder meer de samenstelling van apocrien zweet en de consistentie van oorsmeer beïnvloedt. Zo hebben veel Oost-Aziaten een variant van dit gen waardoor hun oorsmeer en zweet droger is. Daardoor produceren ze minder lichaamsgeur.’

Dieren gebruiken geur om te communiceren. Doen wij dat nog?

‘Niet bewust. Maar geur bevat nog steeds veel informatie. Bijvoorbeeld: honden kunnen met hoge nauwkeurigheid ziektes als corona ruiken op basis van okselgeur. Ook bij mensen zit er veel informatie in onze geur, al doen we er weinig mee - we proberen het eerder te maskeren.’

Welke bacteriën zorgen voor een slechte geur?

‘In onze oksels leven vooral twee soorten bacteriën. Corynebacteriën zorgen voor sterke, zure of muffe okselgeur. Stafylokokken zorgen voor een neutralere of zelfs aangename, zeepachtige geur. Hoe meer corynebacteriën je hebt, hoe sterker (en vaak onaangenamer) je ruikt.’

Welke factoren bepalen de samenstelling van ons huidmicrobioom?

‘Ons huidmicrobioom, inclusief dat onder onze oksels, ontwikkelt zich onder invloed van verschillende factoren. Vanaf de geboorte begint dit ecosysteem zich te vormen. Biologische sekse speelt hierbij een grote rol: mannen hebben doorgaans een dikkere huid, meer haargroei en produceren meer huidvetten (lipiden), wat gunstig is voor lipofiele bacteriën zoals Corynebacterium, die een belangrijke rol spelen in lichaamsgeur. Vrouwen daarentegen hebben vaker een beter gehydrateerde huid met een hoger watergehalte en minder lipiden, wat leidt tot andere samenstellingen van het huidmicrobioom.’

‘Leeftijd is ook van invloed. Bij jonge kinderen is het huidmicrobioom vrij neutraal, maar met de puberteit vindt er een grote omslag plaats: de talgproductie stijgt, waardoor ook het microbioom en de geur veranderen. Met de leeftijd neemt de talgproductie lineair weer af, wat, bij een 80 jarige, leidt tot een huid die qua vetproductie weer dichter bij die van jonge kinderen komt, met vaak een subtielere lichaamsgeur als gevolg. Terzelfdertijd verandert het microbioom ook weer en wordt het veel diverser, en dit kan dan weer leiden tot een specifieke ‘ouderengeur’.’

‘Voeding is een belangrijke, vaak onderschatte factor. Het typische westerse dieet, rijk aan vetten, suikers en bewerkte voedingsmiddelen, beïnvloedt onze darmgezondheid én ons huidmicrobioom. Een verstoring van de darmflora kan via de hormonenhuishouding en het immuunsysteem een indirect effect hebben op het huidmicrobioom, inclusief dat van de oksels. Ook verhoogt stress, mede als gevolg van een slechte darmgezondheid, de productie van apocrien zweet, dat meer geur veroorzaakt.’

‘Zelfs kleding speelt een rol. Synthetische stoffen, zoals polyester, creëren een omgeving waarin geurproducerende bacteriën zich makkelijker kunnen vastzetten en vermenigvuldigen. Zelfs na het wassen blijven geurstoffen en bacteriën in de vezels achter, waardoor kleding bij het dragen opnieuw een onaangename geur kan afgeven.’

Er is een relatie tussen wat we eten en lichaamsgeur. Welk dieet doet ons harder stinken?

‘Meer vlees en fastfood leiden tot een sterkere en onaangename lichaamsgeur. Omgekeerd veroorzaakt het eten van groenten een neutralere en aangenamere geur en een gezondere huidflora.’
‘Ook specifieke voedingsstoffen spelen een rol. Overmatige consumptie van koolhydraten en suikers heeft een negatief effect op het darmmicrobioom en het immuunsysteem. Dit kan leiden tot ontstekingsreacties, verhoogde stressniveaus en meer apocrien zweet - allemaal factoren die bijdragen aan lichaamsgeur.’

‘De verhouding van vetzuren in de voeding is eveneens belangrijk. Westerse diëten bevatten doorgaans te veel omega-6 (vooral uit vlees) en te weinig omega-3 (uit vis). Die disbalans beïnvloedt niet alleen onze algemene gezondheid, maar ook de samenstelling van de huidlipiden en dus de geur.’

Hoe beïnvloedt regelmatig sporten (en dus zweten) de lichaamsgeur?

‘Tijdens het sporten produceren we vooral eccrien zweet, dat op zich geurloos is. Het microbioom verandert niet onmiddellijk tijdens een uur fysieke inspanning. De geur die we na het sporten waarnemen, komt dus grotendeels van bestaande bacteriën én van de interactie met synthetische kleding.’

‘Polyester houdt geurstoffen langer vast dan katoen en is moeilijker volledig schoon te krijgen, waardoor geuren zich snel opnieuw manifesteren bij transpiratie. Sportkleding speelt dus een grote rol in hoe we na het sporten ruiken.’

Jezelf regelmatig wassen en deodorant gebruiken: is dat niet voldoende om van geurtjes af te komen?

‘Dagelijks wassen is in principe goed om overtollige lipiden en bacteriën te verwijderen. Maar niet alle zeep is even geschikt. Vloeibare douchegel met een neutrale pH (rond 5) is beter dan vaste zeep met een hoge pH (rond 9-10), die de natuurlijke zuurgraad van de huid verstoort en het microbioom negatief kan beïnvloeden. Weken in bad helpt trouwens beter om geurstoffen en bacteriën los te maken dan een korte douche.’

‘Deodorants en antitranspiranten bevatten antimicrobiële stoffen en aluminiumzouten die bacteriën doden en zweetklieren blokkeren. Hoewel dit op korte termijn geur vermindert, leidt langdurig gebruik vaak tot microbiële verstoringen en de dominantie van geurveroorzakende, resistente bacteriën. Dit kan een vicieuze cirkel creëren waarbij steeds meer product nodig is om geur te onderdrukken.’

Een vicieuze cirkel… is het dan wel mogelijk om te stoppen met deodorant?

‘Ja. Uit onderzoek blijkt dat mensen hun geurprofiel kunnen herstellen door het microbioom opnieuw in balans te brengen. Net zoals we pre- en probiotica inzetten voor de darmen, kunnen we het huidmicrobioom actief sturen met gerichte bacteriën (probiotica) en voedingsstoffen voor goede bacteriën (prebiotica). Daarbij speelt pH-aanpassing ook een sleutelrol: het creëren van een licht zure omgeving (zoals de huid van nature is) bevordert gunstige bacteriën en onderdrukt geur veroorzakende soorten.’

Wat kan je doen tegen onaangename lichaamsgeur?

  • Gebruik minder agressieve zepen en kies voor een pH-neutrale douchegel.

  • Vermijd synthetische kleding, zeker bij het sporten.

  • Beperk deodorantgebruik en probeer het microbioom te herstellen.

  • Pas je voeding aan: minder vlees, minder fastfood, meer groenten en vis.

  • Beweeg regelmatig, maar zonder overmatig stresshormonen op te bouwen.

  • Overweeg natuurlijke oplossingen, zoals weken in bad of gebruik van zachte, microbiome-vriendelijke huidproducten.

Delen:

Van een eenvoudig prikje tot een heuse operatie: doneren kan op meer manieren dan je denkt. Maar wat kan je eigenlijk allemaal afstaan, en hoe gaat dat in zijn werk?

Een doktersafspraak inplannen, je medisch dossier inkijken, of die onverklaarbare hoestsymptomen eens opzoeken: we beheren onze eigen gezondheidszorg steeds meer online. Toch als je daar de middelen, digitale en taalvaardigheden toe hebt. Want wat als die digitalisering net een muur vormt tussen jou en je hulpverlener?

De boevengildes zitten nooit stil, maar de mensen die jacht op hen maken gelukkig ook niet. De forensische wetenschap maakt overuren en komt onder meer met celisolerende lasers, eiwitidentificatie en de bestudering van genen die pas na de dood actief worden. Zo komen verkrachters en moordenaars steeds vaker van een koude kermis thuis.

In een bloedstaal zitten miljoenen cellen, elk met hun eigen kenmerken en functie. Door met behulp van licht al die cellen één voor één te analyseren, kunnen we patronen ontdekken die artsen helpen om ziektes sneller en beter te herkennen.

Ben jij altijd rond dezelfde periode verkouden, of heb je vooral last van je neus na het maaien van je gazon? Christine Breynaert, allergoloog aan KU Leuven, legt uit hoe je het verschil kan herkennen tussen een verkoudheid en een allergie.

Dit is een artikel van: Universiteit van Vlaanderen

Sinds 12 augustus is de samenstelling van je beker afhaalkoffie veranderd. Sinds die dag trad namelijk een Europees verbod op pfas in voedselverpakkingen in werking voor afhaalbakjes, koffiebekers en andere materialen die met voedsel in contact komen.

Volgens het Departement Zorg heeft een besmetting met het westnijlvirus in Vlaanderen het leven gekost aan twee mensen. Het gaat om personen die behoorden tot een risicogroep voor een ernstig ziekteverloop. Wat moet u weten over deze door muggen overgedragen ziekte?

Dit is een artikel van: Scientific American

Onderzoekers van de TU Delft bootsen de unieke verbinding tussen botten en pezen in het menselijk lichaam nauwkeurig na.

Uit nieuw onderzoek blijkt dat mensen die na een COVID-vaccinatie hogere koorts krijgen, vaak vergelijkbare darmkenmerken vertonen.

En blijf op de hoogte van de laatste inzichten in wetenschap en technologie.

Nieuwsbrieven