Worminfectie beschermt muizen tegen dodelijke griep
- 5 november 2026
Eitjes en larven van de grote rondworm (Ascaris lumbricoides) in een ontlastingsstaal van een menselijke patiënt.
Muizen die eerder met een spoelworm werden geïnfecteerd, reageren minder heftig op een gevaarlijk griepvirus. Die kennis kan een opstap zijn naar een ander type therapie bij toekomstige pandemieën.
Ernstige virale aandoeningen van de luchtwegen variëren sterk van persoon tot persoon. Maar vroeg in de covid-19-pandemie, merkten onderzoekers van de NYU Grossman School of Medicine in New York en van het Radboudumc in Nijmegen toch iets vreemds op. In regio’s waar veel infecties met parasitaire wormen voorkomen, bleek het ziekteverloop na een infectie met het coronavirus milder. Ze vroegen zich af of een eerdere worminfectie van invloed kan zijn op de manier waarop het lichaam reageert op een luchtwegvirus.
Om dit uit te zoeken verdeelden de onderzoekers, onder leiding van Kamal Khanna uit New York, muizen in twee groepen. De ene groep infecteerden ze met de parasitaire spoelworm Nippostrongylus brasiliensis, de andere niet. Vier tot zes weken later stelden ze alle muizen bloot aan H1N1, een gevaarlijk griepvirus. De resultaten waren opmerkelijk: alle muizen die met spoelwormen waren geïnfecteerd overleefden de griep, alle niet-geïnfecteerde controlemuizen bezweken vijf à zes dagen na de blootstelling aan het griepvirus.
Vreemd genoeg bleek dat de hoeveelheid virus bij alle muizen gelijk bleef. Het was dus niet zo dat de muizen die waren geïnfecteerd met een spoelworm het virus sneller opruimden. Hoe werkte de bescherming dan wel?
Pandemieën
De onderzoekers ontdekten dat de bescherming lag aan een gespecialiseerde soort macrofagen die ze eerder al hadden gevonden, een type cel van het afweersysteem in de luchtwegen en in de zenuwen van de longen. ‘Deze cellen slaan een eerdere ervaring met een worm op in een soort geheugen, en zorgen vervolgens voor een tolerante afweer bij een volgende infectie, waarbij de afweer veel minder heftig reageert’, legt promovendus Yavor Yardanov van het Radboudumc uit. ‘Daardoor ontstaat een minder schadelijke ontsteking, herstelt longweefsel sneller en blijft de ademhaling beter behouden.’
Om hun bevindingen te bevestigen voerden de onderzoekers verschillende vervolgexperimenten uit. Daaruit bleek dat de macrofagen inderdaad verantwoordelijk waren voor de tolerante reactie bij de griepinfectie. Wanneer ze deze cellen verwijderden verdween de bescherming. En wanneer ze de cellen overbrachten naar andere dieren, konden ze hun bescherming herstellen. Ondertussen wisten de onderzoekers hetzelfde beschermende effect ook te behalen met twee gezuiverde signaalmoleculen, dus zonder dat ze de spoelworm zelf moesten inzetten, en vonden ze vergelijkbare macrofagen in menselijke longen.
Volgens de onderzoekers kunnen hun bevindingen een opstap zijn naar een ander type therapie die zich niet richt op het virus zelf, maar op het vermogen van de longen om de infectie te verdragen. ‘Omdat zo'n aanpak niet afhankelijk is van kennis over welk virus er precies circuleert, kan dit van grote waarde zijn tijdens toekomstige pandemieën’, vertelt Musa Mhlanga, hoogleraar in het Radboudumc. ‘Bovendien zou deze strategie vooral mensen met onderliggende aandoeningen kunnen helpen, omdat zij het meest kwetsbaar zijn voor ernstige longschade door infecties.’
Schrijf je in op onze nieuwsbrief
En blijf op de hoogte van de laatste inzichten in wetenschap en technologie.

