Een muzikaal brein werkt anders

Een muzikaal brein werkt anders

Delen:

Without a song or a dance, what are we? ABBA stelde de vraag al in 1977. Een recent onderzoek besloot nog een stapje verder te gaan. Drie neurowetenschappers – en tevens muzikanten – hebben onderzocht hoe het menselijk brein muziek probeert te begrijpen. In tegenstelling tot vorig onderzoek over het verwerken van muziek in het brein, betrok huidig onderzoek meerdere muziekgenres en mat het zowel de breinactiviteit van muzikanten als van niet-muzikanten tijdens het luisteren naar muziek.

Door een muzieknummer op te delen in verschillende segmenten, wordt het voor ons brein logischer om structuur te vinden en overgangen te identificeren in het nummer. Zo trachten onze hersenen betekenis te geven aan de muziek en in te schatten hoe het muzieknummer verdergaat. Tijdens de overgang tussen die verschillende segmenten moeten de hersenen zich aanpassen. Die reactie vanuit onze hersenen vindt plaats omdat het brein net minder kan inschatten wat zal volgen en de onzekerheid dus toeneemt.

Dit aanpassingsproces werkt anders bij muzikanten dan bij niet-muzikanten, volgens de onderzoekers. Zij hebben in een fMRI-experiment het brein van 18 muzikanten en 18 niet-muzikanten gescand terwijl de proefpersonen aan het luisteren waren naar drie muzieknummers uit drie verschillende genres. Muzikanten met jarenlange ervaring in theorie en praktijk konden de muziek beter inschatten en waren meer vertrouwd met muzikale regelmatigheden dan niet-muzikanten. Muzikanten gebruikten bovendien eerder gespecialiseerde netwerken voor auditieve verwerking in het brein, bijvoorbeeld door zich in te beelden dat ze een instrument bespelen wanneer ze een nummer horen. Niet-muzikanten hanteerden een breder en meer algemeen netwerk om de muziek te verwerken en het vervolg te proberen inschatten. Hieruit besloten de onderzoekers dat kennis en expertise verwerven als muzikant de manier van geluiden verwerken en voorspellen kan vormen en verfijnen.

Delen:

Mensen met een verslaving die rondzwerven op straten en pleinen en slapen in het park. Ze lijken met steed smeer te zijn. Klopt dat? En: hoe kun je mensen met complexe problematiek het beste helpen? Liesbeth Gijsel (Eos Wetenschap) vraagt het aan Luna Van Suetendael.

Hoe kunnen kleuterleerkrachten de taalontwikkeling van jonge kinderen stimuleren? En welke rol spelen dagelijkse interacties daarin? Je leest het in deze blog van Saskia Bruyninckx.

Dit is een artikel van: OpgroeienBlog

Steeds meer scholen experimenteren met beweging tijdens de schooldag: een korte beweegpauze tussen twee lessen, of beweging tijdens de lesuren. Maar is dat wel efficiënt? Het antwoord uit de wetenschap is genuanceerd: beweging biedt vele kansen, mits het doordacht geïmplementeerd wordt.

Wat als je kind vaak druk, boos, stil of gevoelig is? Het heeft niet gewoon een slechte dag, maar het is zo, elke dag. Onder ouders aan de schoolpoort hoor je dan al snel: dat kind heeft een diagnose nodig. Maar klopt dat wel? Eos-redacteur Kim Verhaeghe vraagt het aan Liesbeth Gijsel, hoofdredacteur van Eos Psyche&Brein en auteur van het boek 'Druk, stil, gevoelig?'

Het gaat niet goed met jongeren. Ze hebben last van angsten, depressieve gevoelens en slaapproblemen. Komt dat door de smartphone en sociale media? Liesbeth Gijsel (Eos Wetenschap) vraagt het aan psycholoog Ernst Koster (UGent).

Een begroting opmaken lijkt tegenwoordig enkel te lukken als je meerdere dagen achter elkaar doorwerkt tot in de vroege uurtjes. Is dit echt een succesvolle manier van werken? En kunnen we de uiteindelijke beslissingen die genomen zijn vertrouwen, gezien het feit dat ze genomen zijn onder invloed van aanzienlijke mentale vermoeidheid en slaapgebrek?

Een op de vier jonge nieuwkomers voelt zich vaak of altijd eenzaam. Dat is twee tot drie keer vaker dan leeftijdsgenoten zonder migratieachtergrond. Toch ziet bijna niemand het. Zelfs leerkrachten en medeleerlingen zijn verrast door hoe groot en veelvoorkomend die eenzaamheid is.

Dit is een artikel van: Vlaamse PhD Cup

Theezetten lijkt vanzelfsprekend, maar weinig mensen kunnen vertellen hoe de waterkoker er exact uitziet of gebruikt wordt. Op het werk mijn vingers verbranden was een uitnodiging om daar eens dieper over na te denken.

Een architect ontwerpt gebouwen, toch? Dat niet alleen. Een architect kan ook mensen helpen om hun verlies een plaats te geven. Zo ontstaan persoonlijke herdenkingsplekken die betekenisvol blijven, ook al worden deze nooit gebouwd.

Dit is een artikel van: Vlaamse PhD Cup

En blijf op de hoogte van de laatste inzichten in wetenschap en technologie.

Nieuwsbrieven