Herinneringen ophalen gaat achterstevoren

Herinneringen ophalen gaat achterstevoren

Delen:

We weten al dat herinneringen meestal geen precieze replica’s zijn van wat we echt zagen of meemaakten. Ze zijn onder meer afhankelijk van onze kennis en van hoe we naar de wereld kijken. Hoe een herinnering dan precies tot stand komt, is nog altijd onduidelijk.

Neurologen¹ aan de University of Birmingham probeerden een tipje van de sluier te lichten. Voor hun onderzoek gingen ze uit van een bekend gegeven. Als we voor het eerst een voorwerp zien, dan nemen we eerst de details waar. Dat zijn bijvoorbeeld patronen en kleuren. Pas daarna zien we het geheel en nemen we het voorwerp zelf waar.

De onderzoekers vroegen proefpersonen om een aantal voorwerpen te bekijken. Daarbij hoorde telkens een specifiek woord dat helpt het voorwerp te herinneren. Vervolgens werden de voorwerpen weggehaald en moesten de proefpersonen zich de correcte voorwerpen herinneren aan de hand van de woorden. Tijdens de test maten de onderzoekers via elektroden de hersenactiviteit van de proefpersonen.

De wetenschappers lieten de informatie van de elektroden door een algoritme lezen. Dat algoritme heeft al eerder geleerd welke patronen van hersenactiviteit horen bij welke soort informatie. Deze techniek heet brain decoding. Daarmee zagen de wetenschappers dat de deelnemers zich eerst het concept van het object herinnerden en later pas de details van het voorwerp. Dat is het omgekeerde van wat gebeurt als we een herinnering aanmaken.

Deze resultaten helpen wetenschappers onder meer begrijpen hoe betrouwbaar de herinneringen van ooggetuigen zijn. De neurologen willen nu onderzoeken hoe we complexe herinneringen oproepen.

De bevindingen zijn gepubliceerd in het vakblad Nature Communications.

Noten

  1. Juan Linde Domingo, University of Birmingham, VK

Delen:

Mensen met een verslaving die rondzwerven op straten en pleinen en slapen in het park. Ze lijken met steed smeer te zijn. Klopt dat? En: hoe kun je mensen met complexe problematiek het beste helpen? Liesbeth Gijsel (Eos Wetenschap) vraagt het aan Luna Van Suetendael.

Hoe kunnen kleuterleerkrachten de taalontwikkeling van jonge kinderen stimuleren? En welke rol spelen dagelijkse interacties daarin? Je leest het in deze blog van Saskia Bruyninckx.

Dit is een artikel van: OpgroeienBlog

Steeds meer scholen experimenteren met beweging tijdens de schooldag: een korte beweegpauze tussen twee lessen, of beweging tijdens de lesuren. Maar is dat wel efficiënt? Het antwoord uit de wetenschap is genuanceerd: beweging biedt vele kansen, mits het doordacht geïmplementeerd wordt.

Wat als je kind vaak druk, boos, stil of gevoelig is? Het heeft niet gewoon een slechte dag, maar het is zo, elke dag. Onder ouders aan de schoolpoort hoor je dan al snel: dat kind heeft een diagnose nodig. Maar klopt dat wel? Eos-redacteur Kim Verhaeghe vraagt het aan Liesbeth Gijsel, hoofdredacteur van Eos Psyche&Brein en auteur van het boek 'Druk, stil, gevoelig?'

Het gaat niet goed met jongeren. Ze hebben last van angsten, depressieve gevoelens en slaapproblemen. Komt dat door de smartphone en sociale media? Liesbeth Gijsel (Eos Wetenschap) vraagt het aan psycholoog Ernst Koster (UGent).

Een begroting opmaken lijkt tegenwoordig enkel te lukken als je meerdere dagen achter elkaar doorwerkt tot in de vroege uurtjes. Is dit echt een succesvolle manier van werken? En kunnen we de uiteindelijke beslissingen die genomen zijn vertrouwen, gezien het feit dat ze genomen zijn onder invloed van aanzienlijke mentale vermoeidheid en slaapgebrek?

Een op de vier jonge nieuwkomers voelt zich vaak of altijd eenzaam. Dat is twee tot drie keer vaker dan leeftijdsgenoten zonder migratieachtergrond. Toch ziet bijna niemand het. Zelfs leerkrachten en medeleerlingen zijn verrast door hoe groot en veelvoorkomend die eenzaamheid is.

Dit is een artikel van: Vlaamse PhD Cup

Theezetten lijkt vanzelfsprekend, maar weinig mensen kunnen vertellen hoe de waterkoker er exact uitziet of gebruikt wordt. Op het werk mijn vingers verbranden was een uitnodiging om daar eens dieper over na te denken.

Een architect ontwerpt gebouwen, toch? Dat niet alleen. Een architect kan ook mensen helpen om hun verlies een plaats te geven. Zo ontstaan persoonlijke herdenkingsplekken die betekenisvol blijven, ook al worden deze nooit gebouwd.

Dit is een artikel van: Vlaamse PhD Cup

En blijf op de hoogte van de laatste inzichten in wetenschap en technologie.

Nieuwsbrieven