Ik ben heel open over mezelf naar anderen toe. Ook, en soms nog meer, als ik mensen net leer kennen. Dan ga ik meteen de diepte in: wie ben jij, wie ben ik, wat houdt ons bezig,..? Hoewel deze openheid het grootste deel van de tijd beantwoord wordt en ongelooflijk verrijkende en interessante gesprekken oplevert, bots ik af en toe op een muur. Op die momenten merk ik dat de ander daar heel ongemakkelijk van wordt, en dat het misschien niet zo vanzelfsprekend is om over zulke zaken te praten. Toen ik laatst de partner van één van mijn beste vrienden voor het eerst ontmoette, bleek achteraf dat zij mijn persoonlijke vragen als nogal indringend had ervaren. Waarom wilde ik die dingen weten? Was ik aan het beoordelen of ze wel een geschikte partner voor mijn vriend was? Plots realiseerde ik me weer dat jezelf openstellen en persoonlijke dingen delen ook gepaard gaat met een aantal risico’s, die je bereid moet zijn te nemen. Door mijn onderzoek en persoonlijke ervaring, was ik ondertussen vooral de voordelen van het jezelf blootgeven gaan zien…
Wat vertelt onderzoek ons?
Onderzoek heeft duidelijk aangetoond dat het delen van kwetsbare, persoonlijke informatie, en de reactie van de ander hierop belangrijke elementen zijn in het tot stand komen van intimiteit in een relatie. Het gaat om zaken als gevoelens en gedachten, dingen die betrekking hebben op jezelf in plaats van de buitenwereld en onderwerpen die meer de diepte en breedte ingaan dan algemene informatie.
Elke keer dat je zulke persoonlijke zaken uit, geef je de ander de kans om dichter bij te komen. Natuurlijk staat de reactie van de ander, en vooral hoe deze reactie door jou geïnterpreteerd wordt, centraal. Als de ander hierop naar jouw aanvoelen begripvol, erkennend en ondersteunend reageert, leidt dit ertoe dat je je gezien en aanvaard voelt voor wie je bent. En wie wil dat nu niet? Zo’n reactie bevordert bovendien het vertrouwen tussen jullie beiden en zorgt voor het gevoel niet alleen te staan. Wanneer je die positieve reactie vaak ervaart, zorgt dit niet alleen voor een hechtere en betere relatie, maar ook voor allerlei andere positieve uitkomsten, zoals meer persoonlijk welzijn, beter fysisch functioneren en lagere sterftecijfers, en meer slaapkwaliteit.
Dus.. Hier ben ik dan!.. Of toch maar niet?
Als het uiten van je emoties en gedachten zo veel voordelen heeft, waarom houden we onszelf dan toch zo vaak in? Jezelf blootgeven kan ook heel kwetsbaar zijn en risico’s inhouden. Wanneer je jezelf toont zoals je echt bent, in de plaats van bepaalde dingen te verbloemen of een masker op te zetten, kan het ook zijn je wordt afgewezen om wie je echt bent. En dat doet veel meer pijn dan afgewezen worden op basis van oppervlakkigheden of een onjuist beeld. Bovendien kan de ander de informatie tegen jou gebruiken.
Daarom balanceren we in relaties steeds tussen twee polen: onszelf beschermen tegenover nabijheid zoeken. We zijn (en sommigen meer dan anderen) ongelooflijk bang om afgewezen te worden, en vrezen de pijn die daarop kan volgen. Denk aan de pijn die je vroeger op de speelplaats kon ervaren wanneer je niet mocht meespelen. En dat valt in het niet bij de pijn die je mogelijk al ervaren hebt bij een relatiebreuk. Hoe dichter iemand bij ons staat, hoe meer pijn diens afwijzing doet.
Tegelijkertijd is jezelf kwetsbaar opstellen en de ander toelaten dus net noodzakelijk om kwaliteitsvolle relaties op te bouwen en fundamentele noden te vervullen. Mensen hebben heel erg nood aan de nabijheid van, en verbondenheid met anderen. Hoe veel verbondenheid mensen met anderen ervaren, en de kwaliteit van de relaties die ze hebben, bepalen in verregaande mate hun welzijn en gezondheid.
Dit zorgt voor een dilemma: gedragingen die cruciaal zijn voor het tot stand komen van bevredigende relaties met anderen verhogen tegelijkertijd het risico op afwijzing en bijhorende pijn. Daarom wegen mensen dus onbewust steeds de twee doelen “nabijheid zoeken” en “zelfbescherming” tegen elkaar af. Wanneer ze redenen hebben om te verwachten dat de ander goed zal reageren, zoeken ze toenadering en stellen ze gedrag dat de relatie ten goede komt, zoals meer openheid ten opzichte van de ander. Maar wanneer ze verwachten dat de ander daar niet voor openstaat, beschermen ze zichzelf door de afstand te vergroten. Dit kan betekenen dat mensen zichzelf gaan terugtrekken, niets persoonlijks uiten en hun gevoelens gaan onderdrukken, of zelfs net de ander gaan afwijzen.
Wat zorgt er nog voor dat we ons blootgeven?
Naast verwachtingen over de reactie van de ander, spelen ook context en individuele verschillen een rol in hoe makkelijk we ons blootgeven. In een kwetsbare positie, zoals in de ongelijke relatie van een werknemer met een baas, is nabijheid waarschijnlijk minder belangrijk dan zelfbescherming. Je baas vertellen over al je mentale problemen en worstelingen, kan ervoor zorgen dat die gaat twijfelen aan je professioneel functioneren. In de werkomgeving zet je het delen van persoonlijke informatie dan ook vaak strategischer in.
Qua individuele verschillen, kunnen mensen bijvoorbeeld verwachten dat anderen niet responsief zullen zijn omwille van eerdere ervaringen. Ook verschillen mensen in hoe groot hun nood aan verbondenheid met anderen is en hoe belangrijk ze zelfbescherming vinden. Zulke zaken bepalen mee of en hoe snel iemand zich zal blootgeven aan anderen.
Andere zaken die een rol spelen in zelf-onthulling zijn culturele normen, het aantal hechte relaties dat je al hebt en interpersoonlijke vaardigheden. Sommige mensen geven zich gemakkelijk bloot. Anderen zorgen er dan weer voor dat hun gesprekspartners zich gemakkelijk openen. Toch blijkt uit onderzoek dat zelf-onthulling vooral een interactioneel proces is, eerder dan een persoonlijkheidstrek. In belangrijke mate bepaalt de gesprekspartner die voor je zit hoe open je zal zijn. Zo geef je jezelf veel gemakkelijker bloot als je partner dit ook doet, en ervaar je dit gesprek dan als veel aangenamer. Omgekeerd kan je dit ook toepassen: als jij jezelf een zetje geeft om opener te zijn, is de kans groot dat je gesprekspartner hierop zal reageren met meer openheid, en je ook aantrekkelijker zal vinden.
In nieuwe relaties wordt zelf-onthulling soms ook expliciet ingezet om te kijken hoe de ander erop reageert. Op basis daarvan kun je besluiten of je een relatie met diegene wilt aangaan.
Eens proberen dan maar?
Misschien heb je in dit verband ooit al gehoord van de “36 questions to closeness”? In 1997 zetten enkele onderzoekers een experiment op waarbij ze door middel van 36 vragen intimiteit tussen vreemden probeerden te creëren. Deze vragen waren zo opgesteld dat ze in stijgende mate zorgden voor het delen van persoonlijke informatie, dat om beurten en dus wederkerig diende te gebeuren. De vragen focusten op herkenbaarheden en gemeenschappelijkheden, zoals “wanneer heb je voor het laatst gehuild?”. Deze vragen werkten zo goed in het creëren van intimiteit dat het aanleiding gaf tot talloze vervolgstudies, waarbij bijvoorbeeld bewakers en gedetineerden dichter bij elkaar werden gebracht.
Het onderzoek en de bijhorende vragen kwamen in heel wat media aan bod. Zo ging een artikel in de New York Times en bijhorende TED-talk viraal waarin een journaliste, Mandy Len Catron, vertelde hoe de vragen haar verliefd deden worden op haar date. Natuurlijk is het allemaal zo simpel niet, maar de vragen zorgen er inderdaad wel voor dat wederzijdse zelf-onthulling tot stand komt, hetgeen in onderzoek duidelijk aangetoond heeft tot wederzijdse aantrekking te leiden, en het verlangen om een relatie te starten. Je kan er dus altijd eens een paar uitproberen (zie kader).
Veelgestelde vragen
Wanneer je intimiteit belangrijk vindt in een relatie, is het belangrijk om de sprong soms te wagen en iets kwetsbaars te delen. Uiteindelijk blijkt dit vaker op meer intimiteit dan afwijzing te leiden. Waag die sprong af en toe dus eens!
Veelgestelde vragen
Schrijf je in op onze nieuwsbrief
En blijf op de hoogte van de laatste inzichten in wetenschap en technologie.

