Liefhebbers van snelle wagens denken dat ze kleiner geschapen zijn

Liefhebbers van snelle wagens denken dat ze kleiner geschapen zijn

Delen:

De link tussen het aantal pk’s onder de motorkap en het aantal centimeters achter de rits is even oud als de sportwagen zelf en is zowat overal ter wereld onderwerp van humor of spot, maar ook van wetenschappelijk onderzoek.

Vanuit evolutionair oogpunt zou je enige logica kunnen zien. Een dure sportwagen heeft dan dezelfde rol als de staart van een pauw. Een meer dan honderd jaar oude theorie noemt het ‘opzichtige consumptie’, ofwel ‘een kostbaar vertoon van schijnbaar verspilde middelen die uitsluitend is ontworpen om partners aan te trekken’. En dat zou nog lukken ook. Een Amerikaanse studie uit 2011 toonde bijvoorbeeld aan dat vrouwen dezelfde man aantrekkelijker vinden als hij naast een sportwagen staat. Een andere mogelijke verklaring is dat mannen niet hun beperkte penislengte, maar hun lage zelfbeeld willen opkrikken. Verschillende onderzoeken tonen aan dat luxegoederen, zoals sportwagens, die magische kracht hebben.

De onderzoekers van University College London probeerden dat aan te tonen. Ze schotelden tweehonderd mannen allerlei weetjes voor, en peilden tegelijk naar hun interesse in sportwagens en andere luxegoederen. De onderzoekers lieten de deelnemers geloven dat zij een relatief kleine of grote penis hadden door hen onjuiste informatie te geven over de gemiddelde penislengte. Mannen die dachten dat hun penis korter is dan gemiddeld, verlangden meer naar een dure sportwagen dan mannen die ontdekten dat ze tot de groter geschapen jongens van de klas behoorden. De link werd sterker eens mannen de negenentwintig gepasseerd zijn. De onderzoekers manipuleerden het gevoel van eigenwaarde op nog andere manieren, maar dat had geen impact op het verlangen naar sportwagens of andere luxeproducten. Toch maar een Smartje kopen dan?

Delen:

Mensen met een verslaving die rondzwerven op straten en pleinen en slapen in het park. Ze lijken met steed smeer te zijn. Klopt dat? En: hoe kun je mensen met complexe problematiek het beste helpen? Liesbeth Gijsel (Eos Wetenschap) vraagt het aan Luna Van Suetendael.

Hoe kunnen kleuterleerkrachten de taalontwikkeling van jonge kinderen stimuleren? En welke rol spelen dagelijkse interacties daarin? Je leest het in deze blog van Saskia Bruyninckx.

Dit is een artikel van: OpgroeienBlog

Steeds meer scholen experimenteren met beweging tijdens de schooldag: een korte beweegpauze tussen twee lessen, of beweging tijdens de lesuren. Maar is dat wel efficiënt? Het antwoord uit de wetenschap is genuanceerd: beweging biedt vele kansen, mits het doordacht geïmplementeerd wordt.

Wat als je kind vaak druk, boos, stil of gevoelig is? Het heeft niet gewoon een slechte dag, maar het is zo, elke dag. Onder ouders aan de schoolpoort hoor je dan al snel: dat kind heeft een diagnose nodig. Maar klopt dat wel? Eos-redacteur Kim Verhaeghe vraagt het aan Liesbeth Gijsel, hoofdredacteur van Eos Psyche&Brein en auteur van het boek 'Druk, stil, gevoelig?'

Het gaat niet goed met jongeren. Ze hebben last van angsten, depressieve gevoelens en slaapproblemen. Komt dat door de smartphone en sociale media? Liesbeth Gijsel (Eos Wetenschap) vraagt het aan psycholoog Ernst Koster (UGent).

Een begroting opmaken lijkt tegenwoordig enkel te lukken als je meerdere dagen achter elkaar doorwerkt tot in de vroege uurtjes. Is dit echt een succesvolle manier van werken? En kunnen we de uiteindelijke beslissingen die genomen zijn vertrouwen, gezien het feit dat ze genomen zijn onder invloed van aanzienlijke mentale vermoeidheid en slaapgebrek?

Een op de vier jonge nieuwkomers voelt zich vaak of altijd eenzaam. Dat is twee tot drie keer vaker dan leeftijdsgenoten zonder migratieachtergrond. Toch ziet bijna niemand het. Zelfs leerkrachten en medeleerlingen zijn verrast door hoe groot en veelvoorkomend die eenzaamheid is.

Dit is een artikel van: Vlaamse PhD Cup

Theezetten lijkt vanzelfsprekend, maar weinig mensen kunnen vertellen hoe de waterkoker er exact uitziet of gebruikt wordt. Op het werk mijn vingers verbranden was een uitnodiging om daar eens dieper over na te denken.

Een architect ontwerpt gebouwen, toch? Dat niet alleen. Een architect kan ook mensen helpen om hun verlies een plaats te geven. Zo ontstaan persoonlijke herdenkingsplekken die betekenisvol blijven, ook al worden deze nooit gebouwd.

Dit is een artikel van: Vlaamse PhD Cup

En blijf op de hoogte van de laatste inzichten in wetenschap en technologie.

Nieuwsbrieven