‘Mijn dwanggedachten zijn als een kras in de plaat’

‘Mijn dwanggedachten zijn als een kras in de plaat’

Delen:

Iedereen denkt wel eens ‘Wat als ik die persoon op het perron een duw geef?’ Of ‘Wat als ik hoog van een toren naar beneden spring?’ Intrusies heten die gedachten. Ze komen even plotseling op als ze weer verdwijnen. Bij mij blijven die gedachten zich aandienen. Als ik tegen mezelf zeg dat ik ze niet mag hebben, dringen ze zich des te nadrukkelijker op. Die gedachten kunnen dagen, weken, maanden in mijn hoofd zitten. Ik wil obsessief weten waar ze vandaan komen.

Mijn dwanggedachten zijn vooral agressief of seksueel van aard. Dan zie ik vanuit de keuken mijn lieve vriendin in de tuin aan het werk. Tegelijk zie ik ook een mes hangen. En opeens denk ik ‘Wat als ik dat mes tussen haar ribben steek?’ Zonder dat ik enige aandrang voel tot daden over te gaan. Maar ik krijg wel enorme schuldgevoelens, alsof ik haar bij wijze van spreken al heb vermoord. Die dwanggedachten maken dat ik minder goed functioneer in het dagelijks leven. Mijn stoornis heeft me mijn carrière in de televisiewereld gekost.

Wat als ik dat mes tussen haar ribben steek?

Het is met smetvrees begonnen. Ik was een jaar of tien, en ik vond deurkrukken ontzettend smerig. Als ik een deur had geopend moest ik mijn handen wassen. Eerst met zeep, toen werd het schuurmiddel, uiteindelijk spiritus. Ik heb zelfs mijn handen in de fik gestoken om bacteriën te doden. Het is me uiteindelijk gelukt die smetvrees te overwinnen. Maar toen kreeg ik dwanggedachten dat ik aids zou krijgen. Had ik met een meisje met een beugel gezoend, dan meldde ik me al bij een soa-kliniek, want misschien was er bloed vrijgekomen. Liefst wilde ik dat het meisje ook een test deed. Dan wees de testuitslag voor 99,99 procent uit dat ik geen hiv had. Moest ik per se nog een test doen om uit te sluiten dat ik tot die 0,01 procent hoorde die toch besmet was.

Terwijl ik zat te kijken naar de film Titanic betrapte ik me op de gedachte dat Leonardo di Caprio best een mooie vent was. Prompt vroeg ik me af of ik homoseksueel was en mijn vriendin voor de gek hield. Ik beëindigde de relatie, want wie weet werd ik een gefrustreerde homo die zijn vriendin iets aan zou doen. Ik heb zelfs een coming out gedaan naar mijn familie, terwijl ik helemaal niet homoseksueel ben. Mijn dwanggedachten zijn als een kras in de plaat. Ik moet iets doen om de naald te verplaatsen, meestal terug naar het begin van de plaat. Tot die naald weer bij die kras komt, enzovoort.

Vanaf mijn 24ste ben ik hulp gaan zoeken. Eerst bij een psycholoog, want zelf vermoedde ik een identiteitscrisis. Toen ik in 2012 zo ziek werd en mijn baan kwijtraakte, mijn relatie stukliep en ik mijn huis moest verkopen, belandde ik wegens suïcidale gedachten bij een crisisopvang. Daar ben ik met prozac en antipsychotica behandeld. Omdat veel dwanggedachten seksueel getint waren, ben ik ook bij een verslavingskliniek behandeld. Die kliniek stuurde me naar een psychiater, en die stelde obsessief-compulsieve stoornis (OCD) vast. Hij behandelde mij met Eye Movement Desensitization and Reprocessing (EMDR - een therapie die vooral gebruikt wordt bij posttraumatische stressstoornis en waarbij je je trauma verwerkt terwijl je bewust met de ogen beweegt, red.).

Pas toen ik min of meer bij toeval betrokken raakte bij het televisieprogramma Levenslang met dwang (dat in 2014 liep op RTL5, red.), ben ik met cognitieve gedragstherapie echt goed geholpen om mijn stoornis leefbaar te krijgen. Ervan genezen is een illusie. Tegenprestatie was dat in beeld te doen, en sindsdien ziet mijn leven er anders uit.

Ik ben veel stabieler geworden. Ik slik nu lexapro en wellbutrin. Elke zes weken spreek ik mijn psychiater. Van mijn kwetsbaarheid probeer ik nu mijn kracht te maken. Ik ken geen gêne meer over mijn stoornis en help anderen met een dwangstoornis bij het wegnemen van hun (zelf)stigma. Stigma’s zijn als vooroordelen, daar moet je tegen vechten. Hopelijk draagt mijn openheid ook bij een groter publiek bij tot meer bewustwording daarvan.

In het kader van de 10-daagse van de Geestelijke Gezondheid verschijnt er vanaf dinsdag 1 oktober iedere dag een getuigenis over een psychische stoornis. Deze getuigenis is afkomstig uit What’s Wrong With Me – Faces of the DSM van auteur Vittorio Busato. Daarmee wil hij psychische stoornissen uit de DSM, de ‘diagnosebijbel’ van de psychiatrie, een gezicht geven.

Delen:

Mensen met een verslaving die rondzwerven op straten en pleinen en slapen in het park. Ze lijken met steed smeer te zijn. Klopt dat? En: hoe kun je mensen met complexe problematiek het beste helpen? Liesbeth Gijsel (Eos Wetenschap) vraagt het aan Luna Van Suetendael.

Hoe kunnen kleuterleerkrachten de taalontwikkeling van jonge kinderen stimuleren? En welke rol spelen dagelijkse interacties daarin? Je leest het in deze blog van Saskia Bruyninckx.

Dit is een artikel van: OpgroeienBlog

Steeds meer scholen experimenteren met beweging tijdens de schooldag: een korte beweegpauze tussen twee lessen, of beweging tijdens de lesuren. Maar is dat wel efficiënt? Het antwoord uit de wetenschap is genuanceerd: beweging biedt vele kansen, mits het doordacht geïmplementeerd wordt.

Wat als je kind vaak druk, boos, stil of gevoelig is? Het heeft niet gewoon een slechte dag, maar het is zo, elke dag. Onder ouders aan de schoolpoort hoor je dan al snel: dat kind heeft een diagnose nodig. Maar klopt dat wel? Eos-redacteur Kim Verhaeghe vraagt het aan Liesbeth Gijsel, hoofdredacteur van Eos Psyche&Brein en auteur van het boek 'Druk, stil, gevoelig?'

Het gaat niet goed met jongeren. Ze hebben last van angsten, depressieve gevoelens en slaapproblemen. Komt dat door de smartphone en sociale media? Liesbeth Gijsel (Eos Wetenschap) vraagt het aan psycholoog Ernst Koster (UGent).

Een begroting opmaken lijkt tegenwoordig enkel te lukken als je meerdere dagen achter elkaar doorwerkt tot in de vroege uurtjes. Is dit echt een succesvolle manier van werken? En kunnen we de uiteindelijke beslissingen die genomen zijn vertrouwen, gezien het feit dat ze genomen zijn onder invloed van aanzienlijke mentale vermoeidheid en slaapgebrek?

Een op de vier jonge nieuwkomers voelt zich vaak of altijd eenzaam. Dat is twee tot drie keer vaker dan leeftijdsgenoten zonder migratieachtergrond. Toch ziet bijna niemand het. Zelfs leerkrachten en medeleerlingen zijn verrast door hoe groot en veelvoorkomend die eenzaamheid is.

Dit is een artikel van: Vlaamse PhD Cup

Theezetten lijkt vanzelfsprekend, maar weinig mensen kunnen vertellen hoe de waterkoker er exact uitziet of gebruikt wordt. Op het werk mijn vingers verbranden was een uitnodiging om daar eens dieper over na te denken.

Een architect ontwerpt gebouwen, toch? Dat niet alleen. Een architect kan ook mensen helpen om hun verlies een plaats te geven. Zo ontstaan persoonlijke herdenkingsplekken die betekenisvol blijven, ook al worden deze nooit gebouwd.

Dit is een artikel van: Vlaamse PhD Cup

En blijf op de hoogte van de laatste inzichten in wetenschap en technologie.

Nieuwsbrieven