Waarom we dansen

Waarom we dansen

Delen:

Dat wilden onderzoekers van McMaster University in Canada uitzoeken. In het bijzonder Daniel Cameron die in zijn vrije tijd drumt en zijn publiek wat meer wil opzwepen.

Er is anekdotisch bewijs dat er een verband bestaat tussen bastonen en dansen. Mensen die houden van elektronische dansmuziek hebben het al eens over de dreunende bas die een sensatie opwekt waardoor ze meer bewegen. Bovendien blijkt uit eerdere experimentele studies dat wanneer proefpersonen mee moeten tikken met een reeks tonen, ze dat iets nauwkeuriger en gesynchroniseerder doen bij tonen met een lage frequentie.

Om uit te zoeken of meer lage tonen mensen inderdaad meer aan het dansen zetten, lieten Cameron en zijn collega’s een elektronisch muziekduo naar hun lab komen en ensceneerden ze een concert. Ze nodigden fans van de groep uit en vroegen hen of ze mee wilden werken aan een experiment. De vrijwilligers kregen een hoofdband om met motion capture-reflectoren waarmee de onderzoekers hun bewegingen konden analyseren.

Voeten liegen niet

Tijdens het concert pasten de onderzoekers de baslijnen van de muziek aan. Ze maakten daarvoor gebruik van speciale luidsprekers die lagere frequenties konden afspelen dan de meeste systemen aankunnen. Ze zetten de luidsprekers het hele concert door 2,5 minuten aan en vervolgens weer 2,5 minuten uit, en deden dat zo subtiel dat het publiek er zich niet van bewust was.

Uit de vragenlijst die de vrijwilligers achteraf moesten invullen, bleek inderdaad dat ze helemaal niet door hadden dat er iets was veranderd. Maar uit de motion capture-gegevens bleek dat hun voeten wel beter wisten. Wanneer de luidsprekers aanstonden, namen de vrijwilligers meer plaats in en bewogen ze 12 procent meer en sneller.

Delen:

Mensen met een verslaving die rondzwerven op straten en pleinen en slapen in het park. Ze lijken met steed smeer te zijn. Klopt dat? En: hoe kun je mensen met complexe problematiek het beste helpen? Liesbeth Gijsel (Eos Wetenschap) vraagt het aan Luna Van Suetendael.

Hoe kunnen kleuterleerkrachten de taalontwikkeling van jonge kinderen stimuleren? En welke rol spelen dagelijkse interacties daarin? Je leest het in deze blog van Saskia Bruyninckx.

Dit is een artikel van: OpgroeienBlog

Steeds meer scholen experimenteren met beweging tijdens de schooldag: een korte beweegpauze tussen twee lessen, of beweging tijdens de lesuren. Maar is dat wel efficiënt? Het antwoord uit de wetenschap is genuanceerd: beweging biedt vele kansen, mits het doordacht geïmplementeerd wordt.

Wat als je kind vaak druk, boos, stil of gevoelig is? Het heeft niet gewoon een slechte dag, maar het is zo, elke dag. Onder ouders aan de schoolpoort hoor je dan al snel: dat kind heeft een diagnose nodig. Maar klopt dat wel? Eos-redacteur Kim Verhaeghe vraagt het aan Liesbeth Gijsel, hoofdredacteur van Eos Psyche&Brein en auteur van het boek 'Druk, stil, gevoelig?'

Het gaat niet goed met jongeren. Ze hebben last van angsten, depressieve gevoelens en slaapproblemen. Komt dat door de smartphone en sociale media? Liesbeth Gijsel (Eos Wetenschap) vraagt het aan psycholoog Ernst Koster (UGent).

Een begroting opmaken lijkt tegenwoordig enkel te lukken als je meerdere dagen achter elkaar doorwerkt tot in de vroege uurtjes. Is dit echt een succesvolle manier van werken? En kunnen we de uiteindelijke beslissingen die genomen zijn vertrouwen, gezien het feit dat ze genomen zijn onder invloed van aanzienlijke mentale vermoeidheid en slaapgebrek?

Een op de vier jonge nieuwkomers voelt zich vaak of altijd eenzaam. Dat is twee tot drie keer vaker dan leeftijdsgenoten zonder migratieachtergrond. Toch ziet bijna niemand het. Zelfs leerkrachten en medeleerlingen zijn verrast door hoe groot en veelvoorkomend die eenzaamheid is.

Dit is een artikel van: Vlaamse PhD Cup

Theezetten lijkt vanzelfsprekend, maar weinig mensen kunnen vertellen hoe de waterkoker er exact uitziet of gebruikt wordt. Op het werk mijn vingers verbranden was een uitnodiging om daar eens dieper over na te denken.

Een architect ontwerpt gebouwen, toch? Dat niet alleen. Een architect kan ook mensen helpen om hun verlies een plaats te geven. Zo ontstaan persoonlijke herdenkingsplekken die betekenisvol blijven, ook al worden deze nooit gebouwd.

Dit is een artikel van: Vlaamse PhD Cup

En blijf op de hoogte van de laatste inzichten in wetenschap en technologie.

Nieuwsbrieven