De pil stuurt het gedrag van vrouwen niet

De pil stuurt het gedrag van vrouwen niet

Delen:

Waar komt dit nieuws vandaan?

De studie¹, die veel aandacht kreeg in de media, is geen nieuw onderzoek. Het is een samenvatting van bestaande bevindingen uit 46 studies. Het gaat om dus een overzichtsonderzoek, waarbij een groep psychologen de resultaten samenlegden van de studies over de impact van hormonale anticonceptie. Die vergeleken ze met een aantal theorieën over deze impact op onder andere competitie, motivatie en relaties.

Dat hormonen een invloed hebben op ons gedrag is niet nieuw: denk maar aan de puberteit, aan premenstruele spanningen bij vrouwen, haantjesgedrag bij mannen of kraambedtranen (babyblues) na een bevalling. Hormonen bepalen ons gedrag niet, maar gieten er een soort sausje over.

Bepaalde hormonen worden op basis van studies in verband gebracht met bepaalde eigenschappen. Zo wordt het mannelijk hormoon testosteron gelinkt aan een groot libido, competitie, dominantie en agressie. De vrouwelijke hormonen oestrogeen en progesteron bepalen samen in wisselende mate stemming, libido, neiging tot sociale interacties, enzovoort. Deze hypothesen, die min of meer ondersteund worden door onderzoek bij grote groepen mensen, gelden voor de natuurlijke hormonen die ons lichaam zelf produceert.

In deze overzichtsstudie gingen de onderzoekers na of synthetische hormonen, zoals deze in de pil, die de natuurlijke hormoonproductie beïnvloeden, ook het gedrag kunnen beïnvloeden. Ze vergeleken het gedrag van pilgebruiksters in bepaalde situaties met dat van niet-pilgebruiksters, op basis van tientallen kleine studies bij doorgaans kleine groepen vrouwen. De conclusie van de wetenschappers luidt dat het op basis van bestaand onderzoek niet uitgesloten is dat de pil het gedrag van vrouwen kan beïnvloeden, maar dat er onvoldoende bewijs is om dit te bevestigen.

Hoe moet je dit nieuws interpreteren?

In dit overzichtsonderzoek zijn heel veel studies opgenomen, die zo beperkt zijn dat je er eigenlijk niets uit kan besluiten. Een paar voorbeelden:

  • Eén studie stelde vast dat vrouwen die geen anticonceptiepil nemen rond hun vruchtbare dagen meer uitdagende kledij zouden dragen dan pilgebruiksters (bij wie de vruchtbare dagen uiteraard onderdrukt worden).

  • Pilgebruiksters zouden sommige dagen ook meer make-up gebruiken dan niet-pilgebruiksters.

  • Een andere studie toont een klein, niet-relevant verschil in competitie tussen pil- en niet-pilgebruiksters.

In deze onderzoeken wordt zelden rekening gehouden met andere beïnvloedende factoren, waardoor ze weinig voorstellen. Dat stellen ook de psychologen die het overzichtsonderzoek gepubliceerd hebben. Ze formuleren een reeks aanbevelingen aan wetenschappers die de effecten van hormonale anticonceptie bestuderen, zodat we daar in de toekomst wel iets aan hebben.

Conclusie

Omdat de hormonen die we zelf produceren een impact hebben op ons gedrag, is het aannemelijk dat geneesmiddelen die ingrijpen op hormoonsystemen, zoals de pil, ook ons gedrag beïnvloeden. Psychologen verzamelden tientallen studies over de impact van de anticonceptiepil op het gedrag van vrouwen. Ze stelden wisselende, beperkte verschillen vast bij kleine groepen vrouwen, waar ze geen grote conclusies aan konden vastknopen. Het kan best dat sommige vrouwen zich minder goed voelen bij deze of geen pil, terwijl andere er zich net beter bij voelen. De pil verandert het gedrag van vrouwen echter niet. Daarvoor bestaat geen enkel bewijs.

Noten

  1. Arthur L, Casto K, Blake K. Hormonal contraceptives as disruptors of competitive behavior: Theoretical framing and review. Frontiers of Neuroendocrinology 2022; 6 July.

Delen:

Uit nieuw onderzoek blijkt dat mensen die na een COVID-vaccinatie hogere koorts krijgen, vaak vergelijkbare darmkenmerken vertonen.

Wereldwijd doemen steeds meer bacteriën op die zich niet langer door antibiotica laten tegenhouden. Om deze gevaarlijke infecties te bestrijden, richten onderzoekers hun pijlen nu op speciale virussen die de ziektekiemen alsnog uitschakelen, zogeheten bacteriofagen. Ondanks dat artsen ze al decennia als therapie kunnen gebruiken, heeft hun toepassing een apart randje: ze moet zichzelf nog steeds bewijzen.

Vrouwen leven langer dan mannen, maar vaak minder lang in goede gezondheid. Rond de menopauze lijkt er iets te kantelen: niet alleen in de hormonen, maar in het hele lichaam. Steeds duidelijker wordt dat de eierstokken hierin een grote rol spelen. Maar hoe precies? In Berlijn onderzoeken wetenschappers een diertje dat hier meer inzicht in geeft: de naakte molrat.

Wie een leven lang gezonde keuzes maakt krijgt toch soms kanker. En wie er alle mogelijke kantjes vanaf loopt soms niet. In zijn boek Waarom we kanker krijgen en wat we eraan kunnen doen legt Philippe Westerlinck, radiotherapeut-oncoloog en wetenschappelijk onderzoeker aan het Universitair Ziekenhuis in Luik, in detail uit hoe dat komt en waarom het vaak de moeite loont om te proberen je risico te beperken.

Voor vrouwen die door vulvakanker een deel van hun clitoris kwijtraken, is nu eindelijk een reconstructie mogelijk waarbij ook de seksuele functie behouden blijft.

De Nobelprijs voor Fysiologie of Geneeskunde 2026 wordt gezamenlijk toegekend aan Karl Deisseroth (Verenigde Staten), Peter Hegemann (Duitsland) en Georg Nagel (Duitsland) voor de ontwikkeling van optogenetica, een methode waarmee kan worden aangetoond hoe zenuwcellen herinneringen, gevoelens en gedragingen in het levende brein vormgeven.

Hoe verschillend is elk lichaam? Open een anatomieboek en je ziet een menselijk lichaam met botten die op een vaste plaats zitten, organen met een vaste vorm en bloedvaten die netjes een uitgetekende route volgen. Maar bestaat er iets als een standaardlichaam? Het antwoord is eenvoudig: nee.

Begrijpen hoe de hersenen herinneringen, gevoelens en gedrag vormen, is al jaren een droom van onderzoekers. Karl Deisseroth, Peter Hegemann en Georg Nagel ontvangen de Nobelprijs voor Geneeskunde 2026 voor hun ontdekkingen die leidden tot optogenetica. Met deze techniek kunnen onderzoekers zenuwcellen in levende hersenen gericht aan- en uitzetten.

Er is geen behandeling voor mazelen. Antivirale middelen hebben geen vat op het mazelenvirus. Daarom is vaccinatie zo cruciaal.

En blijf op de hoogte van de laatste inzichten in wetenschap en technologie.

Nieuwsbrieven