Wanneer is iemand met covid-19 het meest besmettelijk?

Wanneer is iemand met covid-19 het meest besmettelijk?

Delen:

Om te achterhalen op welk moment iemand met covid-19 het meest besmettelijk is, heeft een Schots team een systematisch literatuuroverzicht¹ gemaakt. Ze vonden hiervoor 79 studies met in totaal 5.340 personen met covid-19. Ze publiceerden de resultaten in het toonaangevende tijdschrift The Lancet.

De onderzoekers onderzochten de volgende zaken:

  • Hoelang onderzoekers genetisch materiaal van het coronavirus konden vinden in verschillende stalen. Hierbij waren ook stalen afkomstig van de bovenste luchtwegen (neus, keel en strottenhoofd). Deze stalen verkregen ze bijvoorbeeld met een coronatest, zoals onze standaard PCR-test met de diepe neuswisser.

  • Hoelang ze levend virus konden vinden, wanneer ze dit virusmateriaal kweken in een lab.

De studies die zochten naar het levende virus zijn veel moeilijker uit te voeren. Maar 11 van de 79 studies in het overzicht deden dit.

Resultaten

Onderzoekers konden virusmateriaal in stalen uit de bovenste luchtwegen tot 83 dagen na de start van de symptomen detecteren. Gemiddeld was dit ‘maar’ 17 dagen. De grootste hoeveelheid virusmateriaal vonden ze in de eerste week na de start van de symptomen.

In geen enkele studie konden onderzoekers nog levend virus aantonen 9 dagen na de start van de symptomen.

Hoe moet je dit nieuws interpreteren?

Weten wanneer iemand het meest besmettelijk is en correct inschatten hoe lang die besmettelijkheid duurt zijn uiterst belangrijk om een pandemie als deze onder controle te krijgen.

Virusmateriaal versus levend virus

Onze standaard coronatest (PCR-test) spoort het genetisch materiaal (RNA) van het virus op in de neus en/of de keel. Bij iemand die positief test wil dit zeggen dat er dus virusmateriaal aanwezig is. In het begin namen we aan dat de test alleen positief was als er levende virussen aanwezig waren. Ondertussen weten we dat we nog weken na het doormaken van covid-19 overblijfselen van dode virussen kunnen opsporen, maar geen levende virussen meer. Je bent alleen besmettelijk als er levende virussen in je neus of keel zitten. Deze nieuwe studie bevestigt dit.

Test je dus positief? Dan kan dit wijzen op nog levende of dode virussen, maar het vertelt je niet of je (nog) besmettelijk bent.

Het meest besmettelijk

Uit deze en uit eerdere studies weten we dat iemand met een coronabesmetting het meest besmettelijk is voor anderen vanaf de start van de symptomen. In de eerste week vinden we de grootste hoeveelheid virusmateriaal. Hoe zieker iemand is, hoe meer hij hoest en hoe meer virussen hij kan verspreiden. Zodra je niet meer hoest, zal je ook minder virussen verspreiden. We nemen aan dat de kans om andere mensen te besmetten blijft bestaan tot drie dagen na het stoppen met hoesten of drie dagen na het verdwijnen van de koorts. We gaan er van uit dat je veertien dagen na het begin van de symptomen niet meer besmettelijk bent, op voorwaarde dat je geen symptomen meer hebt.

Besmettelijkheid zonder symptomen

In hoeverre mensen die zelf besmet zijn maar (nog) niet ziek zijn, besmettelijk zijn voor anderen blijft nog onduidelijk. Gemiddeld gezien zou iemand besmettelijk kunnen zijn vanaf twee tot drie dagen voor het begin van de klachten.

Conclusie

De kans dat je anderen besmet wanneer je covid-19 hebt, is het grootst in de eerste week dat je klachten hebt. Waarschijnlijk ben je het meest besmettelijk op de dag dat je klachten starten. Vroegtijdige isolatie is dus heel belangrijk om de verdere verspreiding van het virus tegen te gaan. Ben je besmet, maar ben je zelf (nog) niet ziek? Dan kan je ook anderen besmetten. Hoe groot die kans is, is minder duidelijk. Vermoedelijk kan je twee tot drie dagen voor je zelf ziek wordt al anderen besmetten.

Noten

  1. Cevik M, tata M, Lloyd O, et. al. SARS-CoV-2, SARS-CoV, and MERS-CoV viral load dynamics, duration of viral shedding, and infectiousness: a systematic review and meta-analysis . Lancet Microbe 2021; 2: e13–22

Delen:

Uit nieuw onderzoek blijkt dat mensen die na een COVID-vaccinatie hogere koorts krijgen, vaak vergelijkbare darmkenmerken vertonen.

Wereldwijd doemen steeds meer bacteriën op die zich niet langer door antibiotica laten tegenhouden. Om deze gevaarlijke infecties te bestrijden, richten onderzoekers hun pijlen nu op speciale virussen die de ziektekiemen alsnog uitschakelen, zogeheten bacteriofagen. Ondanks dat artsen ze al decennia als therapie kunnen gebruiken, heeft hun toepassing een apart randje: ze moet zichzelf nog steeds bewijzen.

Vrouwen leven langer dan mannen, maar vaak minder lang in goede gezondheid. Rond de menopauze lijkt er iets te kantelen: niet alleen in de hormonen, maar in het hele lichaam. Steeds duidelijker wordt dat de eierstokken hierin een grote rol spelen. Maar hoe precies? In Berlijn onderzoeken wetenschappers een diertje dat hier meer inzicht in geeft: de naakte molrat.

Wie een leven lang gezonde keuzes maakt krijgt toch soms kanker. En wie er alle mogelijke kantjes vanaf loopt soms niet. In zijn boek Waarom we kanker krijgen en wat we eraan kunnen doen legt Philippe Westerlinck, radiotherapeut-oncoloog en wetenschappelijk onderzoeker aan het Universitair Ziekenhuis in Luik, in detail uit hoe dat komt en waarom het vaak de moeite loont om te proberen je risico te beperken.

Voor vrouwen die door vulvakanker een deel van hun clitoris kwijtraken, is nu eindelijk een reconstructie mogelijk waarbij ook de seksuele functie behouden blijft.

De Nobelprijs voor Fysiologie of Geneeskunde 2026 wordt gezamenlijk toegekend aan Karl Deisseroth (Verenigde Staten), Peter Hegemann (Duitsland) en Georg Nagel (Duitsland) voor de ontwikkeling van optogenetica, een methode waarmee kan worden aangetoond hoe zenuwcellen herinneringen, gevoelens en gedragingen in het levende brein vormgeven.

Hoe verschillend is elk lichaam? Open een anatomieboek en je ziet een menselijk lichaam met botten die op een vaste plaats zitten, organen met een vaste vorm en bloedvaten die netjes een uitgetekende route volgen. Maar bestaat er iets als een standaardlichaam? Het antwoord is eenvoudig: nee.

Begrijpen hoe de hersenen herinneringen, gevoelens en gedrag vormen, is al jaren een droom van onderzoekers. Karl Deisseroth, Peter Hegemann en Georg Nagel ontvangen de Nobelprijs voor Geneeskunde 2026 voor hun ontdekkingen die leidden tot optogenetica. Met deze techniek kunnen onderzoekers zenuwcellen in levende hersenen gericht aan- en uitzetten.

Er is geen behandeling voor mazelen. Antivirale middelen hebben geen vat op het mazelenvirus. Daarom is vaccinatie zo cruciaal.

En blijf op de hoogte van de laatste inzichten in wetenschap en technologie.

Nieuwsbrieven