Irritatie en somberheid: onverwachte drijfveren voor beweging bij ouderen

Irritatie en somberheid: onverwachte drijfveren voor beweging bij ouderen

Delen:

Op een doordeweekse werkdag nam ik me voor om tijdens mijn lunchpauze te sporten, zoals ik wel vaker doe. Maar toen het eenmaal zover was, voelde ik de vermoeidheid toeslaan en verdween mijn motivatie. Klinkt dat herkenbaar? Verschillende factoren bepalen of we al dan niet in beweging komen. In mijn doctoraatsonderzoek onderzocht ik welke dynamische factoren hierop van invloed zijn bij ouderen.

In een studie met 64 gezonde oudere volwassenen bekeken we hoe bepaalde emoties en lichamelijke klachten op korte termijn gerelateerd zijn aan beweging. Gedurende een week vulden de deelnemers tot zes keer per dag een korte vragenlijst in op een smartphone. Hierin gaven ze aan hoe ze zich voelden, of ze vermoeid waren en hoe sterk hun intentie en het vertrouwen in hun eigen capaciteiten waren om te bewegen. Tegelijkertijd werd hun activiteit gemeten met een beweegmeter.

De resultaten toonden aan dat negatieve emoties zoals irritatie en somberheid, evenals een sterke intentie en vertrouwen in hun eigen capaciteiten, leidden tot meer beweging in de daaropvolgende minuten tot uren. Met andere woorden: wanneer ouderen eerder geïrriteerd of somber voelden, bewogen ze juist méér op korte termijn. Daarentegen ging gevoelens van ontspanning, tevredenheid en vermoeidheid gepaard met minder beweging.

Wanneer worden digitale beweegsuggesties opgevolgd?

Naast spontane beweging onderzochten we in twee andere studies hoe ouderen reageren op beweegsuggesties aangeboden via een smartphone. In de eerste studie keken we naar persoonsgebonden factoren, zoals geslacht, die invloed kunnen hebben op het opvolgen van deze suggesties. Veertig ouderen gebruikten een smartphone applicatie die hen tot zes keer per dag oefeningen aanbood zoals stretch- en krachtoefeningen. De resultaten toonden aan dat mannen, ouderen met een hogere initiële bewegingsgraad, minder angst en een grotere sociale participatie vaker de beweegsuggesties opvolgden.

De tweede studie richtte zich specifiek op momenten waarop ouderen niet actief waren. Dertig oudere volwassenen kregen via een smartphone applicatie een suggestie om te wandelen na een half uur van inactiviteit. Ook hier vulden ze gedurende de dag korte vragenlijsten in over hun emoties, lichamelijke klachten, intentie en vertrouwen in hun eigen kunnen om te bewegen. Daarnaast werd bevraagd naar hoe toegankelijk hun sociale en fysieke omgeving op dat moment was om te wandelen. We ontdekten dat ouderen met een hoge intentie, veel vertrouwen en een toegankelijke omgeving de wandelsuggesties vaker opvolgden. Daarentegen neigden ouderen die dachten al voldoende bewogen te hebben, minder snel naar actie.

Slimmere beweeginterventies voor ouderen

Uit deze drie studies blijkt dat beweeggedrag niet stabiel is, maar beïnvloedt wordt door dynamische factoren zoals emoties en de omgeving. Digitale beweeginterventies zouden hier effectiever op kunnen inspelen. Een succesvolle aanpak zou dus rekening moeten houden met volgende zaken:

  • Individuele verschillen: factoren zoals eerdere activiteit spelen een rol bij het opvolgen van beweegsuggesties

  • Het juiste moment: interventies kunnen beter afgestemd worden op momenten waarop ouderen het meest ontvankelijk zijn, bv. wanneer ze zich somber voelen of een hoge intentie hebben om te bewegen

  • Omgevingsfactoren: een toegankelijke omgeving vergroot de kans dat ouderen beweegsuggesties opvolgen

Door rekening te houden met deze dynamische factoren, kunnen digitale gezondheidsinterventies beter worden afgestemd op de specifieke behoeften van ouderen. Zo krijgen zij de optimale ondersteuning om een actieve(re) levensstijl aan te nemen of te behouden. Niet elke beweegmelding is op elk moment effectief, maar de kunst is om de suggestie op het juiste moment te geven. Misschien is dit wel hét moment om even je benen te strekken!?

Delen:

Uit nieuw onderzoek blijkt dat mensen die na een COVID-vaccinatie hogere koorts krijgen, vaak vergelijkbare darmkenmerken vertonen.

Wereldwijd doemen steeds meer bacteriën op die zich niet langer door antibiotica laten tegenhouden. Om deze gevaarlijke infecties te bestrijden, richten onderzoekers hun pijlen nu op speciale virussen die de ziektekiemen alsnog uitschakelen, zogeheten bacteriofagen. Ondanks dat artsen ze al decennia als therapie kunnen gebruiken, heeft hun toepassing een apart randje: ze moet zichzelf nog steeds bewijzen.

Vrouwen leven langer dan mannen, maar vaak minder lang in goede gezondheid. Rond de menopauze lijkt er iets te kantelen: niet alleen in de hormonen, maar in het hele lichaam. Steeds duidelijker wordt dat de eierstokken hierin een grote rol spelen. Maar hoe precies? In Berlijn onderzoeken wetenschappers een diertje dat hier meer inzicht in geeft: de naakte molrat.

Wie een leven lang gezonde keuzes maakt krijgt toch soms kanker. En wie er alle mogelijke kantjes vanaf loopt soms niet. In zijn boek Waarom we kanker krijgen en wat we eraan kunnen doen legt Philippe Westerlinck, radiotherapeut-oncoloog en wetenschappelijk onderzoeker aan het Universitair Ziekenhuis in Luik, in detail uit hoe dat komt en waarom het vaak de moeite loont om te proberen je risico te beperken.

Voor vrouwen die door vulvakanker een deel van hun clitoris kwijtraken, is nu eindelijk een reconstructie mogelijk waarbij ook de seksuele functie behouden blijft.

De Nobelprijs voor Fysiologie of Geneeskunde 2026 wordt gezamenlijk toegekend aan Karl Deisseroth (Verenigde Staten), Peter Hegemann (Duitsland) en Georg Nagel (Duitsland) voor de ontwikkeling van optogenetica, een methode waarmee kan worden aangetoond hoe zenuwcellen herinneringen, gevoelens en gedragingen in het levende brein vormgeven.

Hoe verschillend is elk lichaam? Open een anatomieboek en je ziet een menselijk lichaam met botten die op een vaste plaats zitten, organen met een vaste vorm en bloedvaten die netjes een uitgetekende route volgen. Maar bestaat er iets als een standaardlichaam? Het antwoord is eenvoudig: nee.

Begrijpen hoe de hersenen herinneringen, gevoelens en gedrag vormen, is al jaren een droom van onderzoekers. Karl Deisseroth, Peter Hegemann en Georg Nagel ontvangen de Nobelprijs voor Geneeskunde 2026 voor hun ontdekkingen die leidden tot optogenetica. Met deze techniek kunnen onderzoekers zenuwcellen in levende hersenen gericht aan- en uitzetten.

Er is geen behandeling voor mazelen. Antivirale middelen hebben geen vat op het mazelenvirus. Daarom is vaccinatie zo cruciaal.

En blijf op de hoogte van de laatste inzichten in wetenschap en technologie.

Nieuwsbrieven