‘Jarenlang joeg ik obsessief op elke mogelijke serotoninebron. En toch sliep ik slecht’

‘Jarenlang joeg ik obsessief op elke mogelijke serotoninebron. En toch sliep ik slecht’

Delen:

Dit is deel 4 van de slaapblog van journalist Thomas Detombe. Lees hier:

- Deel 1: ‘Ik ga met stress de trap op. Zal ik vannacht wel kunnen slapen?’

- Deel 2: 'Pas als ik écht slaperig ben, kruip ik in bed'

- deel 3: ‘Constant denken aan een vuurtoren is beter dan gefrustreerd wakker liggen’

In deze video vertelt hij over zijn ervaringen tot nu toe:

We gebruiken marketingcookies om deze website optimaal te laten werken. Accepteer deze cookies om verder te gaan.

Toch probeerde ik krampachtig mijn opgelegde slaap-waakschema te volgen. Na enkele nachten met heel weinig slaap voelde ik me uitgeput. Ik mailde mijn persoonlijke slaapcoach. Zij vertelde dat ik extra slaap mocht nemen. Wie ziek is, moet rusten.

Intussen is de zware hoest voorbij en zit ik weer op schema. Na twee weken 7.30u bedtijd, kreeg ik er bovendien een half uur bij. Oef! Mijn krachten keren beetje bij beetje terug. Ik voel opnieuw hoe – als de omstandigheden meezitten – ik diep slaap, veel dieper dan vroeger.

De afgelopen week was er een met ups en downs

Enkele dagen terug vreesde ik nochtans het ergste. Ik voelde me vermoeid op manieren die ik nooit eerder had gevoeld – of me alleszins niet kan herinneren. Tegelijk raasde de adrenaline door mijn lijf. Ik wilde dat de slaaptraining zou lukken en panikeerde bij de gedachte dat ik mezelf tevergeefs uitputte.

Heel onprettig. Toch slaagde ik erin om rustig te blijven. Vermoedelijk zorgde ook dat voor een kentering. Stress, zo vertelt Start to sleep, maakt het immers moeilijk om in te slapen en maakt het vrijwel onmogelijk om voldoende diepe slaap te krijgen. De boosdoener? Een hogere hersenactiviteit.

Stress en angst leiden ook tot hogere cortisolspiegels in je lichaam. Cortisol wordt geproduceerd in de bijnier en helpt je om ’s ochtends wakker en alert te worden. Doorheen de dag daalt je cortisolniveau. Dat is nodig om ’s avonds goed te kunnen slapen. Veel slechte slapers hebben in de avonduren nog te veel cortisol in hun lijf.

Veel slechte slapers hebben in de avonduren nog te veel cortisol in hun lijf

Hoe ga je stress en cortisol tegen? Met ontspanningsoefeningen. Start to sleep biedt er een aantal aan. Maar ook zonlicht en beweging helpen. Zij stimuleren de aanmaak van serotonine, het gelukshormoon. Serotonine is goed voor je stemming, dag- en nachtritme en breekt stresshormonen af. ’s Avonds wordt het product omgezet in melatonine, het bekende slaaphormoon.

Jarenlang joeg ik obsessief op elke mogelijke serotoninebron. Als de zon scheen, spurtte ik naar buiten, elk vrij kwartier was een verplicht wandelkwartier en ’s avonds mediteerde ik. Op zichzelf allemaal helpende strategieën, en toch sliep ik slecht.

Waarschijnlijk was ik er te veel mee bezig. Dat werkt niet. Ten eerste ligt je focus zo constant op je slaapprobleem. Ten tweede is het bijzonder frustrerend als je al die moeite doet, en vervolgens nóg niet slaapt. Je brandmerkt jezelf als een hopeloos geval.

Al die moeite doen en vervolgens nóg slecht slapen: bijzonder frustrerend

Intussen kies ik heel bewust voor één strategie: beweging. Of misschien twee, want ik probeer te bewegen als de zon schijnt. Voor mij werkt dat goed. Na een flinke wandeling voel ik me altijd rustiger, opgeladen en in een betere stemming.

Daarnaast ga ik éénmaal per week baantjes trekken in het zwembad. Een ontdekking! Misschien benadert beweging in het water wel het dichtst de serene staat waarnaar ik - vaak tevergeefs – zoek. Zwemmend denk ik aan niets anders dan het zwemmen zelf. Het vergt concentratie, ritmische ademhaling en uithoudingsvermogen.

Vermoedelijk helpt ook het feit dat ik nooit een goede zwemmer ben geweest. In het water kan ik me simpelweg geen ingewikkelde gedachtekronkels permitteren.

Delen:

Mensen met een verslaving die rondzwerven op straten en pleinen en slapen in het park. Ze lijken met steed smeer te zijn. Klopt dat? En: hoe kun je mensen met complexe problematiek het beste helpen? Liesbeth Gijsel (Eos Wetenschap) vraagt het aan Luna Van Suetendael.

Hoe kunnen kleuterleerkrachten de taalontwikkeling van jonge kinderen stimuleren? En welke rol spelen dagelijkse interacties daarin? Je leest het in deze blog van Saskia Bruyninckx.

Dit is een artikel van: OpgroeienBlog

Steeds meer scholen experimenteren met beweging tijdens de schooldag: een korte beweegpauze tussen twee lessen, of beweging tijdens de lesuren. Maar is dat wel efficiënt? Het antwoord uit de wetenschap is genuanceerd: beweging biedt vele kansen, mits het doordacht geïmplementeerd wordt.

Wat als je kind vaak druk, boos, stil of gevoelig is? Het heeft niet gewoon een slechte dag, maar het is zo, elke dag. Onder ouders aan de schoolpoort hoor je dan al snel: dat kind heeft een diagnose nodig. Maar klopt dat wel? Eos-redacteur Kim Verhaeghe vraagt het aan Liesbeth Gijsel, hoofdredacteur van Eos Psyche&Brein en auteur van het boek 'Druk, stil, gevoelig?'

Het gaat niet goed met jongeren. Ze hebben last van angsten, depressieve gevoelens en slaapproblemen. Komt dat door de smartphone en sociale media? Liesbeth Gijsel (Eos Wetenschap) vraagt het aan psycholoog Ernst Koster (UGent).

Een begroting opmaken lijkt tegenwoordig enkel te lukken als je meerdere dagen achter elkaar doorwerkt tot in de vroege uurtjes. Is dit echt een succesvolle manier van werken? En kunnen we de uiteindelijke beslissingen die genomen zijn vertrouwen, gezien het feit dat ze genomen zijn onder invloed van aanzienlijke mentale vermoeidheid en slaapgebrek?

Een op de vier jonge nieuwkomers voelt zich vaak of altijd eenzaam. Dat is twee tot drie keer vaker dan leeftijdsgenoten zonder migratieachtergrond. Toch ziet bijna niemand het. Zelfs leerkrachten en medeleerlingen zijn verrast door hoe groot en veelvoorkomend die eenzaamheid is.

Dit is een artikel van: Vlaamse PhD Cup

Theezetten lijkt vanzelfsprekend, maar weinig mensen kunnen vertellen hoe de waterkoker er exact uitziet of gebruikt wordt. Op het werk mijn vingers verbranden was een uitnodiging om daar eens dieper over na te denken.

Een architect ontwerpt gebouwen, toch? Dat niet alleen. Een architect kan ook mensen helpen om hun verlies een plaats te geven. Zo ontstaan persoonlijke herdenkingsplekken die betekenisvol blijven, ook al worden deze nooit gebouwd.

Dit is een artikel van: Vlaamse PhD Cup

En blijf op de hoogte van de laatste inzichten in wetenschap en technologie.

Nieuwsbrieven