Terug naar school, van thuis uit: focus op interactie

Terug naar school, van thuis uit: focus op interactie

Delen:

Wellicht de belangrijkste factor voor het succes van afstandsonderwijs is interactie. Zowel de prestaties van leerlingen, als hun welbevinden en gevoel van tevredenheid over een online cursus, hangen sterk af van de mogelijkheden om met medeleerlingen en de leerkracht in interactie te treden. Wanneer bij ‘code oranje’ of ‘rood’ leerlingen in de tweede en derde graad van het secundair onderwijs voor langere tijd thuis blijven, is het belangrijk om voldoende mogelijkheden voor interactie aan te bieden. Roblyer & Wiencke (2003) identificeerden 5 vlakken waar, binnen afstandsonderwijs, op interactie kan worden ingezet. Deze indeling kan vooral voor leerkrachten interessant zijn.

Activiteiten gericht op persoonlijk contact met de leerkracht en medeleerlingen
Leerlingen moeten voldoende kansen krijgen om elkaar te leren kennen. Korte momenten voor persoonlijke gesprekken kunnen binnen andere lesactiviteiten worden ingebouwd. Wanneer leerlingen de kans krijgen om een persoonlijke band op te bouwen, zullen ze elkaar sneller durven vragen stellen en anderen helpen. Ook de mogelijkheid om een persoonlijk gesprek te hebben met de leerkracht, zorgt ervoor dat leerlingen zich beter in hun vel voelen en zo meer kunnen bijleren. Persoonlijk contact met medeleerlingen en leerkrachten zal voornamelijk belangrijk zijn voor die leerlingen die van school of klas veranderden. Wanneer de maatregelen volgens ‘code oranje’ van kracht zijn, is het ook van belang om aandacht te besteden aan persoonlijk contact tussen alle leerlingen van een klas, niet alleen aan het contact tussen de ‘halve klassen’ die elkaar op school zien.

Instructie-activiteiten
Ook binnen de instructie-activiteiten, gericht op het leren van de leerling, zijn verschillende mogelijkheden tot interactie. Werkvormen waarbij leerlingen volledig zelfstandig aan de slag gaan, zonder feedback van leerkracht of medeleerlingen, zijn minder effectief dan werkvormen waarbij er meer interactie is. Wanneer leerlingen alleen individueel contact hebben met de leerkracht (bv. vragen stellen), is de interactie eerder beperkt. Andere mogelijkheden tot interactie, zoals met andere leerlingen overleggen (bv. per twee, in kleine groepen of met de hele klas via discussiefora) of actief samenwerken, zorgen ervoor dat leerlingen gevarieerder met de lesstof aan de slag gaan. Idealiter kunnen de leerlingen zowel bij de leerkracht als bij medeleerlingen terecht om de leerstof optimaal te verwerken.

Foto door Julia M Cameron op Pexels.com

Gebruikte technologie
Goed nieuws eerst: een basiscomputervaardigheid is voldoende om met succes op afstand te leren. Noch de leerkracht noch de leerling hoeft een uitgebreide technologische kennis te hebben om afstandsonderwijs te doen werken. Het is belangrijker om de juiste tools te kiezen, waarbij leerlingen en leerkracht informatie uitwisselen en elkaar feedback kunnen geven. Zo kunnen leerlingen hun leerproces beter opvolgen; ze weten wat er goed was en waar ze nog meer aandacht aan moeten besteden. De leerkracht kan dan weer de volgende lessen aanpassen aan de noden van de leerlingen.

Niet alle online tools zijn geschikt voor alle doeleinden. Zowel leraren als leerlingen geven aan dat een combinatie van verschillende tools cruciaal is voor een succesvolle online leeromgeving. Voor leerlingen is het belangrijk dat ze op verschillende manieren met de leerstof aan de slag kunnen. Je kan je voorstellen dat je aandacht snel verslapt wanneer je een volledige lesweek video-opnames moet bekijken, of wanneer je enkel in je handboek kan lezen. Een combinatie van video, audio en geschreven tekst is ideaal. Het ene medium is hierbij niet belangrijker dan het andere, net de combinatie zorgt ervoor dat het werkt!

Een bijkomend aandachtspunt bij het kiezen van (verschillende) tools, is de mogelijkheid voor de leerlingen om zelf met de leerstof aan de slag te gaan. Voor sommige vakken (bv. oefeningen maken na een theorieles wiskunde) is dit meer vanzelfsprekend dan voor andere (bv. verwerken van de leerstof geschiedenis). (Groeps)opdrachten en geleide discussiefora kunnen hier een mooie aanvulling zijn, die de leerlingen stimuleren om de leerstof actief te verwerken.

Tenslotte is ook de mogelijkheid tot synchrone communicatie met de leerkracht cruciaal. Asychrone communicatie, waarbij leerkracht en leerlingen niet op hetzelfde moment online zijn (bv. contact via e-mail, discussiefora…), verhoogt de interactie met leerkracht en medeleerlingen, maar heeft belangrijke beperkingen. Zo kan het even duren vooraleer de leerkracht antwoordt op de vraag van een leerling, waardoor die niet verder kan werken. Ook zit er meer tijd tussen het leren en de feedback, waardoor deze terugkoppeling minder effectief wordt. Synchrone communicatie, waarbij leerkracht en leerling wel op hetzelfde moment online zijn en dus rechtstreeks met elkaar kunnen communiceren (bv. chatten, (video)bellen), komt dichter bij het voeren van een ‘echt’ gesprek.

Betrokkenheid van de leerling
Om bij te leren, moeten leerlingen betrokken zijn bij de les. Ze moeten dus ook de mogelijkheid krijgen om hun betrokkenheid te tonen, bovenop de taken, toetsen of opdrachten die ze verplicht moeten maken. Tijdens een live online les kan de leerkracht bijvoorbeeld gebruik maken van polls, de leerlingen antwoorden laten insturen… Zo wordt van de leerlingen ook een actieve inbreng gevraagd. Een discussieforum is bijvoorbeeld geschikt wanneer leerlingen meer zelfstandig aan de slag gaan. Zo kunnen ze op elk moment vragen of bedenkingen posten of antwoorden op vragen van medeleerlingen.

Betrokkenheid van de leerkracht
Net als bij ‘gewoon’, face-to-face onderwijs, bepaalt de kwaliteit van de leerkracht sterk hoeveel leerwinst er kan geboekt worden. Om van de leerkracht te kunnen profiteren, is het noodzakelijk dat de leerlingen in interactie met de leerkracht aan de slag gaan. Zoals eerder vermeld is regelmatige feedback essentieel voor het welslagen van afstandsonderwijs. Wanneer leerlingen niet voldoende bij de leerkracht terecht kunnen, voelen ze zich genegeerd, alleen en verloren. Voor leerkrachten kan het, ook bij face-to-face lessen, al moeilijk zijn om tijdig op alle berichten van leerlingen te antwoorden. Wanneer de helft van de klas wél, en de andere helft van de klas niet aanwezig is op school, is het een extra uitdaging om betrokken te zijn bij alle leerlingen. Het is belangrijk om reeds van bij het begin duidelijke afspraken te maken met de leerlingen. Er kan bijvoorbeeld afgesproken worden dat vragen eerst in het discussieforum gesteld worden, vooraleer hierover naar de leerkracht gemaild wordt. Of bijvoorbeeld dat leerlingen die op afstand les volgen, hun vragen doorsturen naar de leerlingen die wél op school zijn. Zo worden vragen gebundeld en loopt de mailbox van de leerkracht minder snel over.

One thing we do know is that the effectiveness of distance education appears to have more to do with who is teaching, who is learning, and how that learning is accomplished, and less to do with the medium.

Kerry Lynn Rice, 2006, p. 440

Online tools, inspirerende voorbeelden en tips:
In het groeiende, diverse aanbod aan online tools is het niet evident om te vinden wat je nodig hebt. Katrien Bernaerts bespreekt in Klasse kort enkele tools: https://www.klasse.be/224116/afstandsleren-voor-gevorderden/.
Meer over onderwijs in coronatijd: https://www.klasse.be/reeks/onderwijs-in-coronatijd/

Ook op KlasCement vind je veel tips en tricks om het afstandsleren vorm te geven, bijvoorbeeld dit bundeltje over digitale tools: https://www.klascement.net/artikels/103759/snel-aan-de-slag-met-digitale-tools-voor-afstandsleren-en-preteaching-in-de-lagere-school/.
Meer over onderwijs in coronatijd, inclusief tips voor ouders: https://www.klascement.net/thema/onderwijs-tijdens-corona/

Hoe kies je de juiste online werkvorm? https://pedrodebruyckere.blog/2020/08/04/hoe-kies-je-de-juiste-online-werkvorm-dit-keuzediagram-kan-helpen/

Deze blogpost werd geschreven door Liedewij Borremans, doctoraatsonderzoeker psychologie aan de KU Leuven. Deze blog verschijnt ook op https://opgroeienblog.wordpress.com.

Meer lezen:
Menchaca M. P. & Bekele, T. A. (2008). Learner and instructor identified success factors in distance education. Distance education, 29(3), 231-352.

Rice, K. L. (2006). A comprehensive look at distance education in the K-12 context. Journal of Research on Technology in Education, 38(4), 425-448.

Roblyer, M. D., & Marshall, J. C. (2003). Predicting the success of virtual high school students: Preliminary results from an educational success prediction instrument. Journal of Research on Technology in Education, 35(2), 241-256.

Roblyer M. D., & Wiencke, W. R. (2003) Design and Use of a Rubric to Assess and Encourage Interactive Qualities in Distance Courses, The American Journal of Distance Education, 17(2), 77-98.

Delen:

Dit is een artikel van:

OpgroeienBlog

Mensen met een verslaving die rondzwerven op straten en pleinen en slapen in het park. Ze lijken met steed smeer te zijn. Klopt dat? En: hoe kun je mensen met complexe problematiek het beste helpen? Liesbeth Gijsel (Eos Wetenschap) vraagt het aan Luna Van Suetendael.

Hoe kunnen kleuterleerkrachten de taalontwikkeling van jonge kinderen stimuleren? En welke rol spelen dagelijkse interacties daarin? Je leest het in deze blog van Saskia Bruyninckx.

Dit is een artikel van: OpgroeienBlog

Steeds meer scholen experimenteren met beweging tijdens de schooldag: een korte beweegpauze tussen twee lessen, of beweging tijdens de lesuren. Maar is dat wel efficiënt? Het antwoord uit de wetenschap is genuanceerd: beweging biedt vele kansen, mits het doordacht geïmplementeerd wordt.

Wat als je kind vaak druk, boos, stil of gevoelig is? Het heeft niet gewoon een slechte dag, maar het is zo, elke dag. Onder ouders aan de schoolpoort hoor je dan al snel: dat kind heeft een diagnose nodig. Maar klopt dat wel? Eos-redacteur Kim Verhaeghe vraagt het aan Liesbeth Gijsel, hoofdredacteur van Eos Psyche&Brein en auteur van het boek 'Druk, stil, gevoelig?'

Het gaat niet goed met jongeren. Ze hebben last van angsten, depressieve gevoelens en slaapproblemen. Komt dat door de smartphone en sociale media? Liesbeth Gijsel (Eos Wetenschap) vraagt het aan psycholoog Ernst Koster (UGent).

Een begroting opmaken lijkt tegenwoordig enkel te lukken als je meerdere dagen achter elkaar doorwerkt tot in de vroege uurtjes. Is dit echt een succesvolle manier van werken? En kunnen we de uiteindelijke beslissingen die genomen zijn vertrouwen, gezien het feit dat ze genomen zijn onder invloed van aanzienlijke mentale vermoeidheid en slaapgebrek?

Een op de vier jonge nieuwkomers voelt zich vaak of altijd eenzaam. Dat is twee tot drie keer vaker dan leeftijdsgenoten zonder migratieachtergrond. Toch ziet bijna niemand het. Zelfs leerkrachten en medeleerlingen zijn verrast door hoe groot en veelvoorkomend die eenzaamheid is.

Dit is een artikel van: Vlaamse PhD Cup

Theezetten lijkt vanzelfsprekend, maar weinig mensen kunnen vertellen hoe de waterkoker er exact uitziet of gebruikt wordt. Op het werk mijn vingers verbranden was een uitnodiging om daar eens dieper over na te denken.

Een architect ontwerpt gebouwen, toch? Dat niet alleen. Een architect kan ook mensen helpen om hun verlies een plaats te geven. Zo ontstaan persoonlijke herdenkingsplekken die betekenisvol blijven, ook al worden deze nooit gebouwd.

Dit is een artikel van: Vlaamse PhD Cup

En blijf op de hoogte van de laatste inzichten in wetenschap en technologie.

Nieuwsbrieven