De wereldreiziger die niemand opmerkt

De wereldreiziger die niemand opmerkt

Delen:

Illustratie: Charlotte Goeyers

Het is niet dat ik niet heb geprobeerd. Ik vroeg aan meerdere wetenschappers wat ze me konden vertellen over straatgras (Poa annua), en ze haalden unaniem hun schouders op: weinig dus, tenzij dan dat het een doodgewoon plantje is dat werkelijk overal groeit, maar door niemand wordt opgemerkt – tenzij je van een effen gazon houdt. Als je zo oninteressant bent, dan prikkelt mij dat net enorm om er een aflevering van Lelijke eendjes aan te wijden. En straatgras is wel degelijk een winnaar, maar daarover dadelijk meer.

Eerst de vraag beantwoorden die voorlopig je verdere aandacht blokkeert, want: ‘Who the fuck is straatgras?’ De kans is groot dat je er nog nooit van hebt gehoord, maar het tegelijk vandaag al hebt gezien. Straatgras is een warrig bundeltje gras dat koppig overleeft tussen stoeptegels en betonbarsten. Het lijkt op een ochtendkapsel met een paar fijne sprieten met losse pluimpjes vol minuscule, bleekgroene tot witte aartjes, de bloempjes van gras. Straatgras wordt niet hoger dan een twintigtal centimeter en groeit echt overal – of had ik dat al gezegd? – maar echt overal. Straatgras heeft een onuitputtelijke reislust. Het groeit zelfs op bergtoppen in Kameroen en Papoea-Nieuw-Guinea en is de enige niet-inheemse bloeiende plantensoort op Antarctica.

Straatgras is de grijze muis onder de planten. Overal waar mensen komen, verschijnt vroeg of laat straatgras.

‘Overal waar mensen komen, verschijnt vroeg of laat straatgras’, vertelt evolutiebioloog Joachim Mergeay van het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek (INBO). ‘We hebben, zonder het te beseffen, een gigantisch kunstmatig leefgebied voor deze soort gebouwd. De spleet tussen twee stoeptegels in Brussel verschilt nauwelijks van die tussen twee trottoirbanden in Kaapstad of Tokio. En wij zijn de perfecte koeriers. Je stapt in Zaventem op een vliegtuig met wat modder in het profiel van je schoenzool. Tussen die modder zitten misschien een paar zaden straatgras. Enkele uren later stap je uit aan de andere kant van de wereld. Zonder douanepapieren, zonder paspoort en zonder dat iemand het merkt, is straatgras weer een continent opgeschoven.’

Het helpt dat straatgras houdt van het snelle leven. ‘Straatgras kan al na amper een paar weken zaad produceren’, vult botanicus Lars Chatrou (Universiteit Gent) aan. ‘Ze doen dat het hele jaar door, in grote hoeveelheden zelfs, en de zaden blijven lange tijd kiemkrachtig.’ Straatgras is bovendien moeilijk kapot te krijgen. ‘Zijn afkomst zit daar mogelijk voor iets tussen’, zegt Chatrou. ‘Straatgras ontstond uit een kruising tussen twee heel verschillende grassoorten: Poa infirma, een warmteminnende soort uit het Middellandse Zeegebied, en Poa supina, een koudebestendige bergsoort uit onder meer de Alpen. Die combinatie schonk het gras eigenschappen om in alle omstandigheden te overleven.’

We houden meer van zeldzame specialisten zoals orchideeën. Dat is een beetje raar. Soms denk ik dan: het is toch ook maar gewoon een orchidee

Botanicus Lars Chatrou

Straatgras biedt niet alleen weerstand aan natuurlijke uitdagingen, maar ook aan menselijke druk. Verhardingen zijn geen probleem, en straatgras ontwikkelt zelfs resistentie tegen herbiciden. ‘Straatgras staat daarin niet alleen’, nuanceert Mergeay. ‘Op plaatsen waar jarenlang herbiciden worden gespoten, duiken geregeld planten op die daar nauwelijks nog last van hebben.

Dat klinkt spectaculair, maar eigenlijk is het evolutie in haar meest alledaagse vorm. Als bijna alle planten sterven na een behandeling met een herbicide, maar enkele toevallig een beetje beter bestand zijn, dan zijn precies zij degenen die zich voortplanten. Na verloop van tijd wordt resistentie steeds gewoner. Intussen zijn al meer dan vijftig plantensoorten resistent geworden tegen glyfosaat, het werkzame bestanddeel van Roundup. Niet omdat het uitzonderlijke planten zijn, maar omdat ze leven op plaatsen waar de selectiedruk extreem hoog is, zoals akkers en bermen.’

Waar geen herbiciden worden ingezet, lijkt straatgras zelfs aan de meer milieuvriendelijke, maar even dodelijke, onkruidbranders te ontsnappen. Joris Vanhove, onderzoeksmedewerker vegetatiekartering bij het INBO, merkt dat op kerkhoven de donkere tot paarse variant van straatgras opvallend goed overleeft en vaker voorkomt dan de normale kleur. ‘Onze werkhypothese is dat de donker gekleurde exemplaren over het hoofd worden gezien door de arbeiders met de brander en er op die manier een positieve selectie ontstaat voor deze vorm.’

Straatgras zal nooit een botanische beroemdheid worden. Het is een opportunist die meesterlijk gebruikmaakt van de wereld die wij voor hem hebben gebouwd. Daar houden we niet echt van, zoals deze rubriek al vaak demonstreerde. We zijn geen fan van succesvolle generalisten zoals straatgras. We houden meer van zeldzame specialisten zoals orchideeën. ‘Dat is een beetje raar’, besluit Chatrou. ‘Soms denk ik dan: het is toch ook maar gewoon een orchidee.’

Delen:

Sorteren en recyclen tussen de operaties door: ziekenhuizen zetten steeds meer in op verduurzaming. Geen sinecure in een sector waar elke seconde telt. Als er mensenlevens op het spel staan, is de planeet even niet van tel.

Uit een analyse van recent gedigitaliseerde historische weergegevens – die tot voor kort alleen beschikbaar waren als handgeschreven archiefstukken – blijkt dat het hele Congobekken consistent opwarmt sinds de jaren zestig.

In onze strijd tegen klimaatverandering moeten we niet alleen minder CO₂ uitstoten, maar ook actief CO₂ uit de lucht halen. Bomen doen dat, maar ook bepaalde stenen kunnen CO₂ uit de lucht halen en in de bodem vangen.

Dat vraagt Anne-Sophie (40) zich af. Professor biomedische wetenschappen Luc Bouwens (VUB) zoekt het uit.

De oorsprong van België – en van Noordwest-Europa – is een mysterieus continentje dat ‘Avalonië’ heet. Het begint een half miljard jaar geleden vanaf de zuidpool aan een onwaarschijnlijke odyssee.

Een kaart die laat zien op welke plekken ter wereld potentieel fossielen te vinden zijn, het klinkt als de ultieme droom voor paleontologen. Maar financiering en toegankelijkheid beperken de zoektocht naar nieuwe puzzelstukjes van de geschiedenis van het leven.

Gedragsbioloog Jonas Torfs voert aan de afdeling bio-ingenieurswetenschappen van de UAntwerpen onderzoek naar het vaginale en darmmicrobioom van bonobo’s.

Nachtvlinders hebben niet bepaald het positieve imago van hun flamboyante vrienden die overdag vliegen. Onterecht. Hoog tijd om de mot van zijn mottige imago te verlossen.

En blijf op de hoogte van de laatste inzichten in wetenschap en technologie.

Nieuwsbrieven