Deze zomer werden we allemaal met de neus op de feiten gedrukt: extreme hitte, langdurige droogte, lage waterstanden in grote rivieren, natuurbranden, ... Als je de krant opendeed, kon je er niet naast kijken: de klimaatverandering is in volle gang en we zullen ons aan een snel tempo moeten aanpassen. Dat is ook zo voor onze boeren, die steeds meer inzetten op duurzaam bodem- en waterbeheer, zodat ze ook in de toekomst nog voldoende water zullen hebben om hun gewassen te telen in drogere omstandigheden. Toch is er in al die ellende ook een lichtpuntje. Het gras in mijn tuin was in de voorbije weken dor en bruin geworden, maar na een week met regenbuien, kwamen de eerste frisgroene grassprietjes alweer tevoorschijn. Gras is dus enorm veerkrachtig!
En laat gras nu net de belangrijkste teelt zijn in de EU. Productief grasland kan homogeen zijn, maar ook bestaan uit mengsels van gras met andere soorten zoals klaver, weegbree of chicorei. Rechtstreeks begrazing door vee gebeurt, maar grasland wordt nog veel vaker gemaaid om nadien als voeder te dienen voor de dieren. De meeste graslanden stoppen snel met groeien als het droog wordt en liggen er dan verdroogd bij. Maar gras begint al vroeg in het jaar te groeien en groeit vooral snel in de lente. In geval van een droge zomer, is het meeste deel van de jaaropbrengst in de lente al geproduceerd.
Veelgestelde vragen
Om ons voor te bereiden op het veranderend klimaat, zetten veredelaars nu in op rassen Engels raaigras die nog vroeger starten met groeien. Op die manier kunnen boeren anticiperen op een droge zomer door vroeger in het jaar gras te produceren. Op de ILVO proefvelden zien we nu duidelijke verschillen in het herstel van verschillende kandidaat rassen (zie foto).
Verschil in herstel van kandidaatrassen Engels raaigras na de droogte. Foto getrokken op ILVO proefvelden op 26/08/2026, ongeveer tien dagen na de eerste regen na een lange droogteperiode. (Foto: Mathias Cougnon)
Een andere strategie om ons grasland klimaatrobuuster te maken door te kiezen voor droogtetolerante grassoorten (Rietzwenkgras, Kropaar) of het grasland te verrijken met droogtetolerante vlinderbloemigen (Rode klaver, Luzerne) en diepwortelende kruiden (Smalle weegbree, Chicorei). Vlinderbloemigen halen ook stikstof uit de lucht en fixeren het in de grond, waardoor de landbouwers op meststoffen kunnen besparen zonder in te boeten aan opbrengst. Grasland wordt bemest met zowel dierlijke als kunstmeststoffen. Op de ILVO proefvelden was de opbrengst in 2024 (ook een droog jaar) 13.1 ton DS/ha voor Engels raaigras en 16.9 ton voor Engels raaigras met rode klaver. Het Engels raaigras had 300 kg stikstof/ha nodig om deze productie te realiseren, de grasklaver slechts 100 kg stikstof/ha! Grasklaver in plaats van grasland met 1 enkele soort zorgt er dus zowel voor dat ons landschap meer weerbaar is tegen klimaatextremen. Daarboven draagt het ook bij aan klimaatmitigatie, doordat er minder kunstmeststof geproduceerd moet worden en dus minder uitstoot van CO2-equivalenten is.
Proefperceeltjes Engels raaigras (links) naast proefperceeltjes Engels raaigras met rode klaver (rechts). Foto genomen op ILVO proefperceel op 03/08/2026, in volle droogteperiode door Mathias Cougnon.
Zeg dus nooit zomaar gras tegen grasland, want het blijft een van de belangrijke sleutels voor een klimaatrobuuste voederproductie en een gezond en veerkrachtig landbouwlandschap met voldoende open ruimte.
Meer weten over ILVO onderzoek naar graskruidenmengsels?
Klik dan door naar het project TGV: Tijdelijke graskruidenmengsels voor meer voederautonomie
Schrijf je in op onze nieuwsbrief
En blijf op de hoogte van de laatste inzichten in wetenschap en technologie.

