Overgewicht bemoeilijkt opsporing tumoren

20 november 2017 door EV

Vrouwen met overgewicht lopen een groter risico dat een tumor in hun borsten pas wordt ontdekt wanneer die groter is dan twee centimeter.

Hoe sneller een tumor wordt ontdekt, hoe minder erg de gevolgen zijn voor de patiënt. Zo wijst een tumor die bij de diagnose kleiner is dan 2 centimeter – vergelijkbaar met een pindanootje - vaker op een kanker in stadium 1, waarbij er nog geen uitzaaiingen zijn naar de lymfeklieren in de oksel. Daarnaast is er een sterk verband tussen de grootte van tumoren en de prognose voor de patiënt.

De onderzoekers raden vrouwen met een hoog BMI aan om vaker dan om de aanbevolen twee jaar een screening te laten uitvoeren

Zweedse onderzoekers van het Karolinska Institutet gingen op zoek naar de redenen waarom tumoren pas ontdekt worden wanneer ze groter zijn dan 2 centimeter. Ze bestudeerden de gegevens van 2.012 gevallen van invasieve borstkanker die tussen 2001 en 2008 waren vastgesteld. Ze volgden de patiënten op tot eind 2015. Ze bekeken daarbij hoe de progressie van de ziekte verband hield met het BMI van de patiënten (hun gewicht in kilogram gedeeld door het kwadraat van hun lengte in meter) en met de dichtheid van hun borstweefsel.

Werden tumoren ontdekt bij de screening, dan kwamen tumoren groter dan 2 centimeter vaker voor bij vrouwen met een hoge weefseldichtheid en bij vrouwen met een BMI hoger dan 25. Maar bij intervalkankers – dat zijn kankers die binnen de twee jaar na een mammografie ontdekt worden, vonden ze alleen een verband tussen grote tumoren en een hoog BMI. Vrouwen met overgewicht hadden bij intervalkankers een slechtere prognose dan vrouwen met een normaal BMI.

De onderzoekers zijn ervan overtuigd dat wanneer artsen de voor- en nadelen van borstkankerscreening uitleggen aan hun patiënten, ze zeker moeten vertellen dat een hoog BMI een goede reden is om een screening te laten uitvoeren. Ze stellen zelfs dat vrouwen met een hoog BMI zouden moeten overwegen om vaker een screening te laten uitvoeren dan om de twee jaar, wat algemeen wordt aanbevolen.