DIY

Overstekend wild

Voor veel dieren loopt een wandelingetje over de weg fataal af. Oostenrijkse onderzoekers verzamelden, met de hulp van vrijwilligers, meer dan vijfduizend foto’s van dierlijke verkeersslachtoffers.

Met het project Roadkill willen Florian Heigl en zijn collega’s van de Universität für Bodenkultur in Wenen vooral de slachtoffers onder reptielen en amfibieën in kaart brengen. Die zijn wereldwijd bedreigd.

Vrijwilligers monitorden een half jaar lang bijna honderd kilometer aan vaste fietsroutes op gemeentelijke wegen, landweggetjes en fietspaden in Oostenrijk. Dat leverde plaatjes op van 180 dode amfibieën en 72 dode reptielen, voornamelijk ringslangen en groene en bruine padden.  De meeste vonden de dood op landelijke wegen. De piek lag voor amfibieën in april, juli en augustus. April is de maand van de paddentrek: dan zoeken de dieren massaal poelen en plassen op om er hun eieren af te zetten en te bevruchten.

foto: JGZ, Project Roadkill

Bij de reptielen waren oktober en september de dodelijkste maanden. Dat komt omdat jonge ringslangen dan pas uit het ei zijn gekropen en een eigen territorium zoeken. Maar ook omdat de diertjes op de weg de warmte opzoeken, en omdat er door de druivenpluk meer tractors op de weg zijn.

foto: JGZ, Project Roadkill

Bijzonder aan het project Roadkill is de doorgedreven samenwerking met vrijwilligers, zowel wetenschappers als amateurs. Vrijwilligers meldden dode dieren op hun route via een smartphone app. Anderen hielpen mee om de de app en bijbehorende website te ontwikkelen, checkten de ingeleverde gegevens en werkten mee aan de wetenschappelijke paper.

Goedkope en makkelijke wetenschap, denk je? Niet helemaal. Florian Heigl vergeleek de kosten van zijn citizen science-project met een vergelijkbare studie door professionals. Terwijl het eerste, voor de monitoring van 100 kilometer wegen, uitkomt op 86.000 euro is dat voor een louter professioneel project maar 22.000 euro.

foto: Schindler, Project Roadkill
foto: Schindler, Project Roadkill

Dat komt voornamelijk door de IT-kosten en de professionele ondersteuning van de vrijwilligers. Toch wil Heigle citizen science allerminst afraden. Zo’n project zorgt voor betrokkenheid en bewustwording bij de man in de straat. En het wordt wél economisch interessant zodra je meer dan 400 kilometer wegen gaat monitoren. En dat is precies wat Heigl in de toekomst wil gaan doen: een Roadkill-project over heel Europa.