Wat je zelf kan doen tegen klimaatverandering

Elf doe-het-zelf-opties om een catastrofale klimaatverandering tegen te gaan.

De immensiteit van de opwarming van de aarde kan intimiderend en ontmoedigend zijn. Wat kan één persoon, of zelfs één land, op zijn eentje doen om klimaatverandering te remmen en tegen te gaan? We sommen elf veranderingen op die jij kan maken om je milieu-impact te verkleinen. Niet elke tip is voor iedereen. Sommige zaken doe je al of verafschuw je. Maar slechts enkele van deze tips toepassen kan al een verschil maken.

1. Geef fossiele brandstoffen op

De eerste uitdaging is om de verbranding van kool, olie en, uiteindelijk, aardgas te stoppen. Dit is mogelijk de meest ontmoedigende uitdaging omdat de inwoners van rijkere landen producten gemaakt van deze “fossiele zonneschijn” letterlijk eten, dragen, ermee werken en spelen en er zelfs op slapen. En inwoners van ontwikkelingslanden willen en verdienen hetzelfde comfort, dat in grote mate te danken is aan de energie die we uit deze fossiele brandstoffen halen.

Olie is het smeermiddel van de globale economie, verstopt in alomtegenwoordige voorwerpen als plastic en maïs, en is fundamenteel voor het transport van zowel personen als goederen. Kool levert bijna de helft van het wereldwijde energiegebruik, en dat percentage gaat volgens het Internationaal Energie Agentschap in de komende jaren waarschijnlijk groeien. Koolstofneutrale brandstoffen kunnen de prijs van voedsel opdrijven en tot boskapping leiden, en nucleaire energie stoot geen broeikasgassen uit, maar produceert wel radioactief afval. Er zijn dus geen perfecte oplossingen om onze afhankelijkheid van fossiele brandstoffen tegen te gaan, maar alle beetjes helpen.

Probeer dus wanneer mogelijk alternatieven te gebruiken, zoals plantaardig plastic, biodiesel en windkracht, en investeer in de verandering. Dit kan door weg te stappen van olieaandelen of door te investeren in bedrijven die werken aan koolstofafvang en –opslag.

2. Renoveer infrastructuur

Wereldwijd dragen gebouwen bij tot een derde van de uitstoot van broeikasgassen, hoewel een investering in dikkere isolatie en andere rendabele manieren om de temperatuur te regelen op lange termijn winstgevend is. Het elektriciteitsnetwerk is overbelast, maar de vraag naar energie blijft maar stijgen. Ook kunnen slechte wegen het brandstofrendement van zelfs de meest efficiënte wagens naar beneden halen. Door te investeren in nieuwe infrastructuur, of door bestaande snelwegen en transmissielijnen radicaal te verbeteren, kunnen we de uitstoot van broeikasgassen verminderen en de economie in ontwikkelingslanden doen groeien.

Hiervoor hebben we natuurlijk veel cement nodig om nieuwe gebouwen en wegen te bouwen. Cement is een grote bron van broeikasgassen, omdat kalksteen en andere ingrediënten tot 1.450 graden Celsius verhit moeten worden. De ontginning van koper en andere elementen die nodig zijn voor elektrische bedrading en transport vervuilt ook.

Energie-efficiënte gebouwen en betere processen om cement te maken, waarbij alternatieve brandstoffen gebruikt worden om de oven op te warmen, kunnen de uitstoot van broeikasgassen in de ontwikkelde wereld verminderen en in ontwikkelingslanden voorkomen.

3. Verbruik minder

De gemakkelijkste manier om je uitstoot van broeikasgassen te verminderen is door minder te kopen. Of je nu geen auto koopt of een herbruikbare zak gebruikt voor je boodschappen, door minder te verbruiken worden er minder fossiele brandstoffen verbrand om producten te produceren en over de hele wereld te vervoeren.

Denk “groen” als je aankopen maakt. Als je bijvoorbeeld een nieuwe auto wil kopen, koop dan degene die het langste meegaat en het minste impact heeft op het milieu. Zo biedt een tweedehandsauto met een hybridemotor een beter brandstofrendement en heeft hij niet dezelfde milieu-impact als de productie van een nieuwe auto.

Paradoxaal is het beter om basisbehoeftes, zoals boodschappen, in bulk te kopen. Als je in bulk koopt, heb je minder plastic verpakkingen, kartonnen dozen en andere onnodige materialen. Soms verbruik je minder door meer te kopen.

4. Ga dichter bij je werk wonen

Uit een recent rapport van de Vlaamse Milieumaatschappij blijkt dat wij, consumenten, in de afgelopen vijftien jaar steeds meer verontreinigende stoffen zijn gaan uitstoten, de industrie vervuilt steeds minder. Vooral het toegenomen autoverkeer is daarvan de oorzaak. Een manier om de nood aan brandstof voor transport drastisch te beperken is dichter bij je werk te gaan wonen, openbaar vervoer te gebruiken of te voet of met de fiets naar je werk te gaan. Je kan ook van thuis werken en meerdere dagen per week tele-werken.

5. Stop met langeafstandsreizen

Vliegtuigreizen zijn een van de snelst groeiende bronnen van uitstoot van broeikasgassen en een bron die de gassen hoog in de atmosfeer uitstoot, de ergst mogelijke plaats. Vluchten zijn ook een van de weinige vervuilingsbronnen waar nog geen alternatief voor bestaat. Vliegtuigen gebruiken kerosine omdat die brandstof meer energie per kilogram levert dan andere brandstoffen, waardoor vliegtuigen snel en ver kunnen vliegen. Je hebt wel 10 liter olie nodig om een liter kerosine te produceren. Vluchten beperken tot enkel belangrijke langeafstandstrajecten zou de uitstoot van vliegtuigen beperken. Treinen kunnen namelijk in veel delen van de wereld vliegtuigen vervangen voor korte en middellange trajecten.

6. Doe het licht uit en pomp je banden op

Je kan makkelijk een nog grotere impact maken door meer te doen met minder. Inwoners van veel ontwikkelde landen zijn verkwistende energieverspillers. We rijden te snel in brandstofslurpende auto’s of laten het licht aan wanneer we niet in een kamer zijn.

Door goed te rijden en onze auto goed te onderhouden (door er onder andere voor te zorgen dat de banden goed zijn opgepompt), kunnen we de uitstoot van broeikasgassen van onze auto limiteren en, misschien nog belangrijker, moeten we minder vaak naar het tankstation.

Door meer efficiënte koelkasten, airco’s en andere apparaten met een A+++ label te gebruiken, kunnen we onze elektriciteitsrekening verlagen. En door dubbele beglazing te plaatsen kunnen we onze verwarmingsrekening verlagen. Deze inspanningen kunnen we ook op het werk toepassen door bijvoorbeeld efficiëntere turbines te plaatsen in energiecentrales of het licht uit te doen als we het kantoor verlaten.

7. Eet slim, eet vegetarisch

Om maïs te telen is er enorm veel olie nodig om de meststoffen en brandstof te maken die nodig zijn om het gewas te laten groeien en te transporteren. Sommige winkels verkopen organische producten die geen meststof nodig hebben, maar die producten komen vaak van de andere kant van de wereld. En alle dieren hebben kilo’s voeder nodig per kilo vlees die wij eten.

Het is helemaal niet gemakkelijk om voedsel te kiezen dat zowel voedingswaarde, smaak als ecologische impact combineert. Etenswaren hebben vaak een etiket met nutritionele informatie, maar het is moeilijk om te weten hoe ver een krop sla gereisd heeft.

Onderzoekers aan de Universiteit van Chicago schatten dat vleeseters anderhalve ton meer broeikasgassen produceren door hun voedingskeuze dan vegetariërs. We hebben ook veel minder land nodig om gewassen te telen voor mensen dan voor dieren, waardoor er meer plaats vrijkomt om bomen te planten.

8. Gebruik duurzaam hout

Elk jaar wordt 133 duizend km2 bos gekapt. De houtoogst in de tropen stoot elk jaar 1,5 miljard ton koolstof in de atmosfeer uit. Dit is 20 percent van de productie van broeikasgassen door de mens en is een bron die relatief gemakkelijk vermeden kan worden. Verbeterde landbouwpraktijken en papierrecyclage en bosmanagement, waarbij er evenveel bomen gekapt worden als dat er nieuwe bomen bijkomen, kunnen deze significante uitstoot snel wegnemen.

Als je houtproducten koopt, zoals meubels en vloeren, koop dan tweedehandsproducten of hout dat duurzaam geoogst is. Het Amazonewoud en andere bossen zijn niet alleen de longen van de aarde, ze zijn ook onze beste hoop om de klimaatverandering op korte termijn tegen te gaan.

PEFC en FSC zijn internationale labels voor duurzame bosbouw (meer info).

9. Trek de stekker uit

Geloof het of niet, we verbruiken meer energie met apparaten die uitstaan dan apparaten die aanstaan. Televisies, radio’s, computers, batterijladers en een heleboel andere toestellen en apparaten verbruiken nog altijd energie wanneer ze uit lijken te staan, dus trek de stekker er gewoon uit.

Energie-efficiënte toestellen kopen kan zowel energie als geld besparen, en zo dus de uitstoot van broeikasgassen voorkomen. Efficiënte batterijladers kunnen bijvoorbeeld meer dan een miljard kilowattuur besparen, en zo de uitstoot van meer dan een miljoen ton broeikasgassen voorkomen.

Als we onze oude gloeilampen vervangen door efficiëntere compacte fluorescerende lampen (opgepast: deze lampen bevatten kwik en moeten correct weggegooid worden op het einde van hun lange levensduur), kunnen we miljarden kilowattuur besparen.

10. Krijg maximaal één kind

Er leven vandaag minstens 6,6 miljard mensen, een aantal dat volgens de VN tegen 2050 tot minstens negen miljard zal groeien. Het VN-Milieuprogramma schat dat iedereen gemiddeld 218 duizend m2 nodig heeft om te overleven – waaronder voedsel, kleren en andere grondstoffen die we uit de aarde halen. Het lijkt onhoudbaar om deze bevolkingsgroei voort te zetten.

Zakkende geboortecijfers in sommige ontwikkelde landen en ontwikkelingslanden (een groot deel waarvan te wijten is aan een limiet voor het aantal kinderen dat een koppel mag krijgen) beginnen de bevolkingsexplosie in te perken. Het blijft onduidelijk hoe veel mensen er comfortabel op aarde kunnen leven, maar het is duidelijk dat ons energieverbruik per persoon naar beneden moet als we de klimaatverandering willen controleren.

Een eenkindpolitiek is uiteindelijk ook niet duurzaam en er is geen perfect nummer voor de menselijke bevolking. Het is wel duidelijk dat meer mensen voor meer uitstoot zorgen.

11. Brandstoffen van de toekomst

Het vervangen van fossiele brandstoffen wordt de grote uitdaging van de 21ste eeuw. Er zijn veel kanshebbers, zoals ethanol uit gewassen en waterstof die geëlektrolyseerd wordt uit water. Ze hebben echter allemaal ook nadelen en geen enkele is snel op grote schaal beschikbaar.

Biobrandstoffen hebben een heleboel negatieve impacts: ze drijven de voedselprijs omhoog en hebben meer energie nodig dan ze produceren. Waterstof moet gemaakt worden, oftewel door aardgas te hervormen of door watermoleculen te splitsen met elektriciteit. Hybride voertuigen die biodiesel en elektriciteit gebruiken door ’s nachts op het elektriciteitsnet aangesloten te worden, bieden op korte termijn de beste transportoplossing, gezien de energiedichtheid van diesel, de koolstofneutrale brandstof uit planten en de uitstoot van elektrische motors. Uit recent onderzoek blijkt dat sommige landen genoeg energie produceren om alle wagens te vervangen door plug-inhybride wagens, waardoor de uitstoot van broeikasgassen verlaagd kan worden.

Maar plug-inhybride wagens hebben nog altijd elektriciteit nodig, die voornamelijk geproduceerd wordt door vuile kool te verbranden. Er zijn massieve investeringen nodig in energieopwekking met weinig uitstoot, zoals thermische zonne-energie of kernsplijting, om de uitstoot van broeikasgassen radicaal te verlagen. We hebben uiteindelijk misschien zelfs meer speculatieve energiebronnen nodig, zoals hyperefficiënte fotovoltaïsche cellen, zonne-energiestations in de ruimte of zelfs kernfusie.

Experiment Aarde

De oplossingen die hierboven beschreven worden vormen een schets van een plan om de opwarming van de aarde persoonlijk tegen te gaan. Maar mochten deze individuele en nationale inspanningen tekortschieten, is er nog een laatste, potentieel wanhopige oplossing:

De klimaatverandering is ons eerste wereldwijde experiment. Maar als alle andere oplossingen tekortschieten, kan het niet het laatste zijn. Geo-engineering, radicale interventies om zonlicht te blokkeren of broeikasgassen te verminderen, is een mogelijk laatste redmiddel om de uitdaging van klimaatopwarming tegen te gaan.

Dit zijn enkele mogelijke ideeën: sulfaatdeeltjes in de lucht loslaten om het koelende effect van een massieve vulkaanuitbarsting na te bootsen; miljoenen kleine spiegels of lenzen in de ruimte plaatsen om zonlicht af te buigen; delen van de planeet met reflecterende folie bedekken om zonlicht terug de ruimte in te kaatsen; de oceanen met ijzer of andere voedingsstoffen bevruchten zodat plankton meer koolstof absorbeert; en de bewolking of de weerspiegeling van bestaande bewolking vergroten.

Ze kunnen allemaal onbedoelde consequenties hebben, waardoor de oplossing schadelijker kan zijn dan het originele probleem. Maar het is duidelijk dat we op zijn minst een vorm van geo-engineering nodig hebben: koolstofdioxide opvangen voor hij vrijkomt in de atmosfeer en hem op de een of andere manier opslaan, oftewel diep onder de aardoppervlakte, op de bodem van de oceaan of in carbonaatmineralen. Deze koolstofafvang en –opslag is kritisch voor elke serieuze inspanning om de klimaatverandering tegen te gaan.

Vertaling: Marc Lebailly