Aziatisch lieveheersbeestje verdrijft inheemse soorten

02 februari 2012 door Eos-redactie

7 op 8 onderzochte soorten boert achteruit sinds de komst van het Aziatisch lieveheersbeestje.

7 op 8 onderzochte soorten boert achteruit sinds de komst van het Aziatisch lieveheersbeestje.

Het Aziatische lieveheersbeestje ziet er net zoals zijn inheemse verwanten onschuldig uit. Niets is minder waar. Het kevertje werd oorspronkelijk ingezet als plaagbestrijder in de landbouw, maar wist zich in het wild te handhaven en staat bekend als een belangrijke oorzaak voor het achteruitboeren van inheemse lieveheersbeestjes. Een internationaal team wetenschappers, waaronder onderzoekers van het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek (INBO) heeft nu op basis van verspreidingsgegevens duidelijk aangetoond dat waar de Aziaten verschijnen, inheemse soorten verdwijnen.

In België werd het Aziatisch lieveheersbeestje voor het eerst aangetroffen in 2001. Sindsdien is het aantal tweestippelige lieveheersbeestjes met 30 procent afgenomen. In totaal gingen 7 van de 8 onderzochte inheemse soorten erop achteruit, een trend die zich ook voordoet in de andere bestudeerde landen Zwitserland en het Verenigd Koninkrijk.

De getroffen inheemse lieveheersbeestjessoorten moeten niet alleen met de grotere exoten concurreren om hetzelfde leefgebied, uit onderzoek is al duidelijk gebleken dat de Aziaten zich aan het inheemse verwanten tegoed doen. Op sommige plaasten blijkt tot meer dan dertig procent van de Aziatische larven een inheemse soorten achter de kiezen te hebben.