Toestellen zoals smartwatches, smart tv’s en smart speakers zijn haast niet meer weg te denken uit ons dagelijks leven. Hoewel deze slimme apparaten onmiskenbare voordelen en nieuwe mogelijkheden bieden voor de consument, zetten ze ook onze rechten en vrijheden onder druk. Van verborgen abonnementskosten tot stiekeme dataverzameling en geplande veroudering: hoe ‘slim’ zijn die toestellen écht?
We staan er tegenwoordig amper nog bij stil hoe diep slimme technologie ons dagelijks leven is binnengedrongen. Van een fitness tracker om onze pols tot een spraakassistent of smart-tv in de woonkamer: steeds meer handelingen worden aangestuurd door slimme apparaten. De drijvende kracht achter die apparaten ligt vooral in het bieden van gebruiksgemak, het aanreiken van inzichten in onze levensstijl en het besparen van tijd of geld. Maar achter die voordelen schuilen ook mechanismen die onze autonomie als consument onder druk zetten en ons vaak onbewust afhankelijker maken van grote technologiebedrijven.
Van eenmalige aankoop naar digitale afhankelijkheid
Consumenten raken steeds vaker verwikkeld in zogenaamde Internet of Things-ecosystemen: netwerken van slimme apparaten die zijn uitgerust met sensoren en internetconnectiviteit en die continu gegevens verzamelen en uitwisselen. Dankzij die functionaliteit kunnen producten en diensten beter worden afgestemd op de individuele gebruiker, wat een belangrijk verkoopargument vormt en deels ook de toenemende populariteit van slimme apparaten verklaart.
Op het eerste gezicht lijkt het kopen van zo’n apparaat eenvoudig: je wandelt een winkel binnen, rekent af en neemt het toestel mee naar huis. Maar dat is eigenlijk slechts een deel van het verhaal. Achter die transactie schuilt er immers een verdienmodel dat veel verder gaat dan een klassieke aankoop. Slimme apparaten combineren elementen van een traditioneel verkoopmodel met dat van een abonnementsmodel. Naast het fysieke product worden vaak bijkomende diensten aangeboden, zoals cloudopslag, gepersonaliseerde coaching of extra functies, die meestal gepaard gaan met een doorlopend abonnement of de structurele verwerking van persoonsgegevens.
Het zijn juist die digitale componenten die het apparaat ‘slim’ maken’. Ze stellen de fabrikant bijvoorbeeld in staat om op afstand updates te versturen, diagnostische controles uit te voeren, technische problemen op te lossen en zelfs de onderliggende algoritmes te verbeteren. Tegelijk zorgt dit ervoor dat we langdurig verbonden blijven met de verkoper: wat begon als een eenmalige aankoop, mondt zo uit in een structurele digitale afhankelijkheid van de fabrikant.
Misleiding en geplande veroudering
Naast deze toenemende afhankelijkheid blijkt in de praktijk ook dat sommige slimme producten op de markt worden gebracht met misleidende claims over hun functionaliteit, nauwkeurigheid of milieuvriendelijkheid. Een passend voorbeeld hierbij is het Dieselgate-schandaal, waarbij autofabrikant Volkswagen voertuigen onterecht presenteerde als milieuvriendelijk, terwijl er in werkelijkheid sjoemelsoftware was geïnstalleerd om emissietests te manipuleren.
Daar stopt het verhaal helaas niet. Zo beloven fabrikanten vaak dat hun apparaten vlot kunnen samenwerken met andere toestellen, maar blijkt in de praktijk dat die compatibiliteit tussen verschillende toestellen gebrekkig of zelfs volledig onbestaande is. Hierdoor worden gebruikers bewust binnen één merkspecifiek digitaal ecosysteem ingesloten, wat hun keuzevrijheid aanzienlijk beperkt.
Ook het softwaregedeelte van slimme apparaten brengt nieuwe uitdagingen met zich mee. Regelmatige updates zijn noodzakelijk, bijvoorbeeld om beveiligingsproblemen op te lossen of prestaties te verbeteren. Via dergelijk updates kunnen fabrikanten echter ook planned obsolescence (letterlijk vertaald: geplande veroudering) induceren, waarbij apparaten juist trager worden of functies verliezen. Een treffend voorbeeld hierbij zijn twee rechtszaken tegen Apple en Samsung, waarbij Italiaanse toezichthouders vaststelden dat software-updates de prestaties van bepaalde smartphones negatief beïnvloedden. De updates leidden tot een kortere batterijduur en merkbare vertragingen in de werking van de toestellen. Officieel ging het om ‘prestatiebeheer’ bij oudere batterijen, maar consumenten kregen hierover geen duidelijke keuze of uitleg. Het gevolg? Veel consumenten kozen ervoor om een nieuw toestel aan te schaffen, terwijl hun oude toestel technisch gezien nog prima had kunnen functioneren.
De stille werking van personalisatie
Slimme apparaten leren onze gewoontes kennen en stemmen hun aanbevelingen daarop af. Dat kan handig zijn; denk aan een spraakassistent die exact weet welke muziek we leuk vinden. Maar het roept ook belangrijke vragen op: in welke mate mogen onze aankoopkeuzes worden gestuurd door slimme apparaten? Mag Alexa, de spraakassistent van Amazon, ons bijvoorbeeld subtiel sturen in de richting van een duurder product dat we anders niet zouden overwegen? Dergelijke praktijken zetten onze autonomie als consument onder druk, zeker wanneer belangrijke productinformatie wordt achtergehouden of op een beperkte, ondoorzichtige manier wordt gepresenteerd, bijvoorbeeld via een klein scherm of in gesproken vorm.
Naar een eerlijker digitaal speelveld
De Europese regelgeving over consumentenrechten biedt een omvangrijk kader om consumenten te beschermen tegen oneerlijke handelspraktijken, onduidelijke contractvoorwaarden en conformiteitsproblemen. Maar veel van deze wetgeving stamt uit een tijdperk waarin fysieke producten en traditionele verkoopmodellen centraal stonden. Die context is intussen sterk veranderd: producten zijn steeds vaker samengesteld uit fysieke en digitale elementen.
Hoewel de wetgeving technologieneutraal is geformuleerd, klinkt steeds vaker de oproep om deze beter af te stemmen op deze digitale realiteit. Apparaten die namens ons contracten afsluiten of onze keuzes beïnvloeden op basis van persoonlijke data, vereisen nieuwe interpretaties van wat onder “misleiding” of “oneerlijke beïnvloeding” valt.
Ook duurzaamheid komt steeds prominenter in beeld. Daarom heeft de EU stappen gezet om praktijken zoals geplande veroudering aan te pakken en het recht op reparatie te versterken. Zo ontstaat een kader dat niet alleen economisch beschermt, maar ook inzet op transparantie, duurzaamheid en meer zeggenschap over onze eigen persoonsgegevens.
Slimme technologie in dienst van de consument
Slimme apparaten brengen tal van voordelen met zich mee, maar stellen ook onze consumentenrechten op de proef. Ze confronteren ons met fundamentele vragen over autonomie, machtsverhoudingen en transparantie, en de antwoorden op die vragen zijn vandaag de dag niet altijd even duidelijk. Daarom klinken er binnen de EU steeds luidere stemmen om het consumentenbeleid verder te moderniseren, zodat een eerlijk digitaal speelveld kan ontstaan. De finale doelstelling daarvan is duidelijk: ervoor zorgen dat slimme technologie ten dienste staat van de consument en niet andersom. Zo’n ontwikkeling is pas echte slimme vooruitgang.