Een interdisciplinair onderzoeksteam trekt aan de alarmbel omdat de academische wereld “voorspelbaar” en “voorzichtig” onderzoek lijkt te bevoordelen in plaats van gedurfde ideeën. Dit vormt niet enkel een probleem voor de toekomst van de wetenschap, maar treft vooral de nieuwe generatie vorsers/academisch talent.
Zou Robert Fitzroy onze geliefde Charles Darwin de kans hebben gegeven om mee te varen met de HMS Beagle als hij op voorhand wist dat Darwin een radicale theorie zou ontwikkelen? Als we kijken naar hoe zijn theorie rond natuurlijke selectie onthaald werd door de wetenschappelijke gemeenschap, en de maatschappij in zijn geheel, lijkt die kans toch wel klein te zijn geweest. Het is zeker niet gemakkelijk om gedurfd en risicovol onderzoek gefinancierd te krijgen, al zeker niet voor jonge academici die aan het begin van hun carrière staan.
De wetenschapper wordt niet minder creatief of ambitieus, het systeem dwingt hen ertoe
Een internationale groep wetenschappers waarschuwt nu, via een artikel in het vakblad Nature Human Behaviour, dat het nemen van risico’s binnen de wetenschap alsmaar moeilijker lijkt te worden in het huidige academische landschap. Daarbij stellen ze dat zaken zoals korte financieringscycli, peer review, hoge publicatiekosten, job(on)zekerheid en academische hiërarchieën ervoor zorgen dat er voorkeur wordt gegeven aan “veilig” en “voorspelbaar” onderzoek in plaats van gedurfde ideeën die mogelijk tot niets kunnen leiden. Anders gezegd, de wetenschapper wordt niet minder creatief of ambitieus, het systeem biedt gewoonweg geen tijd en ruimte om creatief te kunnen zijn.
Wetenschap dat enkel en alleen teert op de nieuwsgierigheid van de wetenschapper is allang verleden tijd. Tegenwoordig moet er constant gewikt en gewogen worden voor welke ideeën er financiering zal worden aangevraagd. Dit komt doordat de moderne wetenschap in toenemende mate gekenmerkt wordt door (zeer) korte financieringscycli, evaluaties op basis productiviteit (vb. het aantal publicaties en citaties), en hevige concurrentie tussen wetenschappers onderling. Tegelijkertijd vereisen grote wetenschappelijke doorbraken vaak intellectuele vrijheid, tolerantie voor onzekerheid, voldoende tijd om ideeën te ontwikkelen, en de mogelijkheid om te falen. Het spanningsveld dat hierdoor ontstaat heeft dan ook een grote impact op welk soort onderzoek, er in de meeste gevallen, succesvol blijkt, nl. “veilig” of “conformistisch” onderzoek met weinig risico op vlak van resultaten.
Haubrock en collega’s stellen dat deze tweestrijd vooral gevolgen heeft voor de nieuwe lichting aan onderzoekers omdat zij (nog) grotendeels afhankelijk zijn van hun promotoren voor onder andere hun werkingsmiddelen, publicaties en zelfs hun toekomstige loopbaan. Daarnaast worden veel doctoraatsstudenten en postdoctoraal onderzoekers, naast hun eigen onderzoek, ook belast met andere taken ter ondersteuning van hun promotor bij het geven van lessen, labowerk, schrijven van papers, peer review, organiseren van en deelnemen aan conferenties, etc. Hierdoor schiet er niet veel tijd, noch mentale ruimte over om straffe onderzoeksideeën te ontwikkelen en uit te werken. Peer review en onderzoeksfinanciering kunnen de druk nog verder opvoeren door voorkeur te geven aan methodologische vertrouwdheid, voorspelbare resultaten en haalbaarheid op korte termijn boven conceptuele vernieuwing. Voor onderzoekers die afhankelijk zijn van hun volgende publicatie of onderzoeksbeurs om hun job in de wetenschap veilig te stellen, kan het nastreven van “veilig” en “voorspelbaar” onderzoek daarom een rationele carrièrestrategie worden.
Om deze trend naar wetenschappelijk conformisme te bestrijden pleiten de auteurs voor onder meer langere financieringsperiodes, meer steun voor gedurfd en risicovol (ookal is er een kans op falen) onderzoek en stabielere carrièremogelijkheden. Dit probleem vereist een stevige systeemverandering waarbij er terug meer aandacht wordt gegeven aan academische vrijheid en de tijd die nodig is om tot straffe/sterke ideeën en onderzoek te komen. Zo niet, dreigt de wetenschap voorkeur te blijven geven aan conformisme in plaats van creativiteit wat wetenschappelijke vooruitgang en innovatie zal ondermijnen.
Originele publicatie
Haubrock, P. J., Kouba, A., Soto, I., Abreo, N. A. S., Vilizzi, L., Błońska, D., Tarkan, A. S., De Santis, V., Sousa, R., Nogueira, A. B., Heeren, S., Garrido Nogueira, J., Cano-Barbacil, C., Cremella, B., Strubbe, D., Pereira da Silva, J., Poloni, R., Deschepper, P., Thoré, E. S. J., Misteli, B., Sun, J., Panisi, M., Dudgeon, D., Stamatiadou, V., Galib, S. M., Maes, C., Baso, N. C., Beukema, W., Števove, B., Záhorská, E., Kurtul, I., Kaur, D., Huber, A. F., Halabowski, D., de Assis Guilherme Padilha, J., Balzani, P., Kaya, C., Bayçelebi, E., Mugnai, M., Ahmed, D. A., Saç, G., Aksu, S., Kaya, B. M., Ciftcioglu, M., Jiang, X., Rodríguez-Rey, M., Martín-Forés, I., Gonçalves Leles, S., Pârvulescu, L., Pergl, J., Rossetto, F., Wei, H., Kirichenko, N. I., Briski, E., Gallitelli, L., Britton, J. R., & Everts, T. How contemporary academic structures constrain scientific creativity and hold back Early Career Researchers. Nature Human Behaviour. (2026). https://doi.org/10.1038/s41562-026-02575-5