Is je kind vaker verkouden dan normaal? Darmbacteriën spelen mogelijk een sleutelrol

Goede darmbacteriën ondersteunen de afweer van kinderen met terugkerende luchtweginfecties.

Kinderen zijn vaak verkouden. Tot elf keer per jaar is geen uitzondering voor kinderen die jonger zijn dan twee jaar, zes keer per jaar is nog normaal voor kinderen tussen vijf en tien jaar.

Toch zijn er kinderen die nóg vaker verkouden zijn. Een deel van hen heeft last van terugkerende luchtweginfecties. De oorzaak daarvan is niet altijd duidelijk, maar uit studies van academische ziekenhuizen blijkt dat tot veertig procent een tekort heeft aan IgA. Deze antistof helpt virussen en bacteriën te herkennen en onschadelijk te maken door de slijmvliezen te beschermen en vormt zo een belangrijke eerste verdedigingslinie tegen ongewenste ziekteverwekkers.

De mogelijkheden om kinderen met terugkerende luchtweginfecties te behandelen zijn beperkt. ‘Soms wordt geprobeerd om de klachten te verminderen, bijvoorbeeld door langere tijd dagelijks antibiotica te geven’, vertelt kinderarts, infectioloog en immunoloog Lilly Verhagen van het Radboudumc Amalia kinderziekenhuis. ‘Maar bij veel kinderen helpt dit weinig en pakt deze aanpak de onderliggende oorzaak niet aan.’

Samen met onderzoekers van het UMC Utrecht wilde Verhagen de oorzaak van het IgA‑tekort achterhalen, zodat ze kinderen met zo’n tekort en terugkerende luchtweginfecties in de toekomst beter kunnen behandelen. Ze vroegen zich af of darmbacteriën misschien een rol spelen bij deze kinderen, omdat die bacteriën een belangrijke functie hebben in onze afweer.

Om dat te onderzoeken, keken ze naar de darmbacteriën van 82 kinderen met terugkerende luchtweginfecties die jonger waren dan zeven jaar. Uit de resultaten bleek dat de samenstelling van de darmbacteriën van kinderen met een IgA-tekort duidelijk afweek van die van kinderen met normale IgA‑waarden.

Om beter te begrijpen welke bacteriën een invloed hebben op de IgA-aanmaak, brachten de onderzoekers darmbacteriën van enkele van deze kinderen over naar muizen. De Bifidobacterium, een bekende ‘goede’ darmbacterie, bleek de belangrijkste rol te spelen bij de IgA-aanmaak. Toen de onderzoekers vervolgens specifiek naar deze bacterie keken bij de kinderen, zagen ze dat kinderen met meer Bifidobacterium in hun darmen minder klachten hadden.

Verhagen vindt het veelbelovend dat een tekort aan IgA mogelijk beïnvloed kan worden via de darmbacteriën. Ze wil nu onderzoeken of behandeling met Bifidobacterium de IgA‑aanmaak bij kinderen kan verbeteren en zo hun luchtwegklachten kan verminderen.