Vinvissen hebben bungeezenuwen

04 mei 2015 door Eos-redactie

Vinvissen eten plankton door enorme hoeveelheden water in hun mond te nemen. Daarvoor hebben ze bijzondere, elastische zenuwen, zo blijkt nu.

Vinvissen eten plankton door enorme hoeveelheden water in hun mond te nemen. Daarvoor hebben ze bijzondere, elastische zenuwen, zo blijkt nu.

Zenuwen in het menselijke lichaam, en bij uitbreiding in dat van zowat alle gewervelde dieren, zijn niet zonder meer rekbaar. Zenuwverrekkingen zijn dan ook geen uitzondering. Maar één soort heeft daar geen last van: de vinvis. Canadese onderzoekers ontdekten dat die walvis zenuwen heeft die verdubbelen in lengte, waarna ze gewoon weer inkrimpen tot hun oorspronkelijk formaat. ‘Net als een bungeekoord’, aldus hoofdonderzoekers Wayne Vogl.

Het gaat meer bepaald om de zenuwen in de tong en mond van de vinvis. Want het zeezoogdier moet enorme hoeveelheden zeewater in zijn mond kunnen opnemen. Via zeefachtige structuren genaamd baleinen filtert hij vervolgens het plankton uit het water. Soms neemt de vinvis meer water in de mond dan zijn eigen lichaamsgewicht – en dat bedraagt al 40 tot 80 ton. Om dat mogelijk te maken rekt zijn mond uit als een kolossale waterballon. Rekbare bungeezenuwen helpen daarbij.

Ontrollen

Al is ‘rekbaar’ hier een rekbaar begrip. Het lijkt erop dat de vinvissen hun mond- en tongzenuwen eerder ontrollen. De zenuwvezels zitten als het ware verpakt in de kern van de zenuw. Die wordt omgeven door een robuuste, flexibele laag elastinevezels. Elastine is een veerkrachtig eiwit dat bij mensen voorkomt in de longen en de urineblaas. De onderzoekers publiceerden hun resultaten in het vakblad Current Biology. Ze willen nu nagaan of ook andere soorten, zoals kikkers of kameleons, zulke bijzondere zenuwen gebruiken. (adw)