Slakken kunnen verschillende soorten slijm produceren met uiteenlopende toepassingen: glijden, plakken, afdichten of beschermen bijvoorbeeld. Hoe ze dat doen, kan wetenschappers inspireren om nieuwe lijmen of wondverbanden te ontwikkelen.
We vinden het meestal vooral irritant of vies wanneer slakken slijmsporen trekken op het terras of een raam. Slakkenslijm is nochtans een natuurwonder. Met amper een paar ingrediënten kunnen slakken verschillende soorten slijm voor verschillende doeleinden produceren.
De zwartgerande tuinslak (Cepaea nemoralis) bijvoorbeeld, die je ook bij ons in de tuin kan tegenkomen, produceert niet alleen glibberig slijm om zich voort te bewegen, maar ook kleefslijm om zich aan oppervlakken te verankeren, een beschermend slijm dat calciet bevat, een zeer kleverig geel slijm dat uitzonderlijk rekbaar en scheurbestendig is, en een schuimend slijm dat roofdieren moet afschrikken.
Droog slijm en kleefslijm
Duitse wetenschappers plukten op regenachtige dagen slakken die ze op het terrein van hun instituut vonden, en onderzochten de verschillende soorten slijm in het lab. Ze ontdekten dat collageen in al het slijm een belangrijk bestanddeel is, maar dat de concentratie ervan verschilt. Ook calcium en andere ionen bepalen de specifieke eigenschappen van elk type slijm. Meer collageen en calcium zorgen bijvoorbeeld voor steviger en kleveriger slijm, waarmee slakken zich aan oppervlakken kunnen vasthechten. In droog slijm dient calcium dan weer als voorloper van mineralen die het beschermende slijm harder maken. Dat gebruiken de slakken om zichzelf tijdens de winterslaap in hun schelp af te sluiten. Door met de verhoudingen van de ingrediënten te ‘spelen’ kan een slak schakelen tussen verschillende types slakkenslijm.
Volgens de onderzoekers biedt het veelzijdige slakkenslijm inspiratie voor toepassingen die mensen helpen, zoals kleefslijm om wonden te dichten.