Astronauten van Artemis II beleefden volledige zonsverduistering in de ruimte

Vanuit de Orion-capsule van Artemis II, die momenteel rond de maan vliegt, was een zonsverduistering van bijna een uur lang te zien.

Een zonsverduistering, vastgelegd door de astronauten van Artemis II vanuit de Orion-capsule. Credit: NASA

In de nacht van 31 maart op 1 april lanceerde NASA Artemis II richting de maan, met vier astronauten aan boord. Ze maken een volledige rondvlucht rond de maan en keren daarna terug naar de aarde.

Niet veel mensen hebben ooit het geluk gehad om met hun eigen ogen een volledige zonsverduistering te zien. Tijdens zo’n verduistering staat de maan tussen de aarde en de zon en bedekt ze de zonneschijf, waardoor enkel de vurige buitenste atmosfeerlaag van de zon, de corona, zichtbaar is.

Een zonsverduistering zoals niemand die ooit zag

Astronauten hebben net iets meer geluk. De vier bemanningsleden van NASA’s Artemis II-missie werden getrakteerd op een spektakel dat geen mens ooit eerder meemaakte: een volledige zonsverduistering, op zich al vrij zeldzaam, gezien vanaf enkele duizenden kilometers boven de maan. ‘Seconden nadat de zon achter de maan verdween, zagen we de aardschijn’, vertelde NASA-astronaut en bemanningslid Victor Glover aan Mission Control, de faciliteit die ruimtevluchten vanaf de aarde aanstuurt. De maan was als ‘een zwarte bol’, zei hij. ‘De aarde is ontzettend helder van hier bekeken.’

Het fenomeen was geen typische zonsverduistering zoals we die op aarde zien. Vanuit het Orion-ruimtevaartuig zat de zon tijdens vrijwel de hele verduistering achter de maan verscholen, heel anders dan op aarde. ‘Dat is een unieke manier om een eclips te zien’, zegt Kelsey Young, planeetwetenschapper bij NASA’s Goddard Space Flight Center. Ze leidt de wetenschappelijke maanstudies voor de Artemis II-missie binnen het Science Mission Directorate van NASA.

Vanop aarde zijn volledige zonsverduisteringen spectaculair dankzij kosmisch toeval: hoewel de zon ongeveer 400 keer groter is dan de maan, lijken ze ongeveer even groot aan onze hemel. Dat komt omdat de zon ook ongeveer 400 keer verder weg staat dan de maan. Wanneer beide hemellichamen perfect op één lijn staan, blokkeert de maan de volledige zichtbare schijf van de zon, en zien we enkele minuten lang enkel de corona.

Maar hoe beleefden NASA-astronauten Reid Wiseman, Victor Glover, Christina Koch en Jeremy Hansen deze unieke eclips tienduizenden kilometers van de aarde? Het grootste verschil met een zonsverduistering op aarde is dat deze langer duurde. Op aarde duurt een eclips meestal slechts enkele minuten. In het Orion-ruimtevaartuig duurde de volledige verduistering welgeteld 57 minuten, van 20.35 uur EDT tot 21.32 uur EDT (de zomertijd van de oostkust van Noord-Amerika). De bemanning kon dus uitgebreid van het fenomeen genieten. ‘Ik weet dat het niet van wetenschappelijk belang is, maar ik ben echt blij dat we op 1 april zijn gelanceerd’, zei Glover, verwijzend naar de lanceerdatum, die het mogelijk maakte de eclips waar te nemen. ‘Wij mensen zijn het niet gewend om zoiets zo lang te zien. Het is moeilijk te beschrijven. Het is verbazingwekkend.’

Wiseman was het daarmee eens. ‘Het is gewoon onbeschrijfelijk. Hoe lang we er ook naar kijken, onze hersenen kunnen dit beeld niet verwerken’, zei hij. ‘Het is absoluut spectaculair, surrealistisch. Er zijn geen woorden om het te beschrijven. Misschien moet ik er nieuwe verzinnen om uit te leggen wat we vanuit ons raam zien.’

Visualisatie van de rondvlucht door Artemis II.

Eclipsbril

Wie een zonsverduistering wil bekijken, heeft, zowel op aarde als in de ruimte, een speciale eclipsbril nodig om je ogen te beschermen tegen het felle zonlicht. Ook de bemanning van Artemis II werd eraan herinnerd hoe belangrijk dat is. Zonder bescherming kan je blijvende oogschade of zelfs blindheid oplopen.

The Artemis II-crew met eclipsbril.

Gedurende korte tijd stond de maan precies voor de zon, waardoor het felle zonlicht werd tegengehouden en de zwakke gloed van de corona zichtbaar werd. Dat gaf de bemanning de kans om niet alleen de corona te bestuderen, maar ook de stralen en pluimen van de zon. Het helpt wetenschappers meer inzicht te krijgen in het magnetische veld van onze ster.

Maanstof, aardschijn en een gemiste komeet

De astronauten keken ook naar maanstof dat van het oppervlak was opgewaaid en zichtbaar werd tegen het zwakke licht van de corona. Omdat er op de maan bij gebrek aan atmosfeer, water of wind geen erosie plaatsvindt, bestaat dat stof uit kleine, scherpe glasachtige rotsfragmenten die door de zon elektrostatisch geladen kunnen zijn. Daardoor kunnen ze van het oppervlak loskomen. Het kleverige stof is gevaarlijk voor zowel mensen als machines en kan zich makkelijk verspreiden. Daarom is het belangrijk om te onderzoeken wat maanstof precies is en hoe het zich gedraagt, zeker met het oog op toekomstige maanlandingen. Enkele Apollo-astronauten vertelden dat ze vanuit een baan rond de maan opwaaiend stof konden zien, dus hoopte NASA dat de bemanning van Artemis II hetzelfde geluk zou hebben.

‘Niet veel Apollo-astronauten konden het stof zien, dus hoewel we geen materieel bewijs hebben, zijn we vooral benieuwd naar wat de bemanning ons kan vertellen’, zegt Young tegen Scientific American. ‘We weten niet wat ze zullen zien.’

Tussen de zogenaamde ‘zonsondergang’ (begin) en ‘zonsopgang’ (einde) van de eclips vertoefde de bemanning ongeveer een uur in de capsule zonder direct zonlicht. In die 57 minuten observeerden ze de maan om de aardschijn waar te nemen, zwak zonlicht dat door de aarde wordt weerkaatst op het donkere gedeelte van het maanoppervlak. Ze zagen ook lichtflitsen, veroorzaakt door kleine meteorieten die inslaan, en gebruikten hun camera’s om het omliggende heelal te bestuderen. Zo waren Venus, Mars, Saturnus en Mercurius zichtbaar vanuit Orion, net als tal van sterrenbeelden.

Tijdens de zonsverduistering probeerden de astronauten ook zogeheten zodiakaal licht waar te nemen, een zwakke gloed veroorzaakt door zonlicht dat weerkaatst op stofdeeltjes tussen planeten. Op een foto van de aarde die de bemanning eerder deelde, was dat licht al zichtbaar, maar onderzoekers hopen op meer waarnemingen.

Een opname vanaf een van de zonnepanelen van Orion, terwijl de capsule een totale zonsverduistering nadert. NASA TV

Tijdens de zonsverduistering probeerden de astronauten ook zogeheten zodiakaal licht waar te nemen, een zwakke gloed veroorzaakt door zonlicht dat weerkaatst op stofdeeltjes tussen planeten. Op een foto van de aarde die de bemanning eerder deelde, was dat licht al zichtbaar, maar onderzoekers hopen op meer waarnemingen.

De aarde gezien vanuit het Orion-ruimtevaartuig met de maan op de voorgrond. Credit: NASA

Er was hoop dat de bemanning tijdens de verduistering ook de komeet Comet C/2026 A1 (MAPS) zou kunnen spotten, maar deze ‘ijsbal’ overleefde zijn nauwe passage langs de zon op 4 april niet. Uiteindelijk kwam ook aan deze zonsverduistering een einde. De zon verscheen opnieuw, eerst met haar corona en daarna met haar verblindende helderheid.

Dit artikel verscheen eerder in Scientific American. Vertaling: Alexander Vanvinckenroye.