De chips achter AI

Artificiële intelligentie draait op specifieke hardware, en de vraag daarnaar explodeert. Tegen 2030 gaat zeven biljoen dollar naar AI-infrastructuur. De energiehonger van AI wordt een urgent probleem.

AI vereist grafische kaarten (GPU’s) die, in tegenstelling tot gewone processoren, massaal parallelle berekeningen uitvoeren. ‘Nvidia heeft gewoon geluk gehad’, licht professor Marian Verhelst (KU Leuven) toe. ‘Hun chips pasten heel goed bij AI, ondanks dat ze er niet voor ontworpen waren.’ Europa loopt achter: zeventig procent van de GPU's staat in de VS, slechts vijf procent in Europa. Bij ons probeert Openchip mee te draaien. Ze ontwerpen hun eigen AI-chip, een proces dat deels plaatsvindt in het Wintercircus in Gent, waar hun Belgische team zich bevindt.

Onderzoekers werken aan efficiëntere chips. Bij imec in Leuven experimenteren ze met fotonische chips die licht in plaats van elektriciteit gebruiken, en met supergeleidende chips zonder elektrische weerstand. ‘Energie-efficiëntie is de voornaamste reden waarom wij dit doen’, stelt Michael Peeters (imec). ‘Het verbruik van AI-systemen is te groot. Doen we niets, dan slokken ze massale hoeveelheden energie op.’ Supergeleidende chips zouden tegen 2035 marktklaar zijn.

 

Kom meer te weten in de nieuwe Eos: