Sommige zaden voelen regendruppels en grijpen dit signaal aan om hun kiemproces in gang te zetten. Daarmee werd voor het eerst vastgesteld dat planten geluid kunnen waarnemen.
Onderzoekers aan het Massachusetts Institute of Technology voerden een experiment met rijstzaden uit. De zaden werden blootgesteld aan vallende waterdruppels. Een controlegroep kreeg geen druppels over zich heen. Verder verkeerden de zaden in dezelfde omstandigheden: ze werden geplant in ondiep water. De zaden die wel besprenkeld werden, ontkiemden 30 tot 40 procent sneller dan de controlegroep. Dat suggereert dat de zaden dus op een bepaalde manier de geluidsgolven voelden die druppels op het oppervlakte veroorzaakten.
Dat fascinerende gegeven vindt mogelijk een verklaring in de aanwezigheid van zogenoemde statolieten in de cellen van de zaden. Deze organellen, gespecialiseerde onderdelen van een cel, geven planten het vermogen om de zwaartekracht te voelen. Het zijn kleine zetmeelkorrels die onder invloed van de zwaartekracht naar het onderste deel van de cel zinken, een beetje zoals zand in water.
Juiste richting
Voor planten, en zeker voor zaden, is het essentieel de zwaartekracht te voelen. Dat is nodig om te bepalen in welke richting ze moeten groeien. De statolieten zorgen ervoor dat de wortels zich naar beneden richten en de scheuten naar boven, op naar de zon.
Dit nieuwe onderzoek voegt daar iets aan toe: de geluidsvibraties van regen aan het oppervlakte dringen door in de bodem, en hebben genoeg kracht om de statolieten in de cellen van zaden op te schudden. Dat zou voor het zaadjes een signaal zijn om uit de slaapstand te komen en het kiemproces te starten.
De mogelijkheid om het geluid van de regen te voelen heeft een duidelijk biologisch voordeel voor planten. Het feit dat ze zich dicht genoeg bij het oppervlakte bevinden om de geluidsgolven op te merken, is een indicatie dat ze zich precies diep genoeg in de bodem bevinden zodat voldoende vocht kan doordringen.