Sommige diabetesmedicatie verlaagt het risico op dementie

Wie lijdt aan diabetes type 2 loopt zestig procent meer kans om dementie te ontwikkelen. Een bepaald type diabetesmedicatie waartoe ook Ozempic behoort vermindert dat risico. 

Volgens cijfers van de Diabetesliga uit 2024 lijdt naar schatting  één op de tien Belgen aan diabetes type 2, een vorm van suikerziekte die ook ouderdomsdiabetes wordt genoemd en veelal te wijten is aan een ongezonde levensstijl.

Eerder waren er al aanwijzingen dat een klasse van diabetesmedicatie het risico op cognitieve aandoeningen, zoals dementie, inperkt. Maar objectieve studies met patiënten waren moeilijk omdat diabetes type 2 op zich het risico op dementie aanzienlijk verhoogt, wat weinig betrouwbare resultaten oplevert.

Een grootschalig onderzoek aan de McGill Universiteit (Canada) waarbij meer dan 450.000 proefpersonen waren betrokken, brengt hier nu verandering in. Veertien jaar lang verzamelden onderzoekers diepgaandere gegevens van patiënten met diabetes type 2, die behandeld werden met DPP-4-inhibitoren of GLP-1-receptoragonisten, het type medicatie waartoe ook Ozempic behoort. Dat zijn twee klassen diabetesmedicatie die inspelen op de zogenaamde incretinehormonen, die ervoor zorgen dat suiker uit je bloed wordt opgenomen door je cellen, waar het als brandstof dient. In de studie werden ze vergeleken met sulfonylureumderivaten, een andere klasse van diabetesmedicatie waarbij de onderzoekers geen cognitieve voordelen verwachtten.

Wat bleek? DPP-inhibitoren en GLP-1-receptoragonisten verminderden het risico op dementie bij deze diabetespatiënten met een kwart in vergelijking met sulfonylureumderivaten. Een hogere dosis en langere behandeling bleken daarbij extra voordelig. Het resultaat voor de GLP-1-receptoragonisten was wel minder zeker, omdat er relatief minder patiënten zijn die deze nieuwere medicatie kregen toegediend.

Of mensen die geneesmiddelen zoals Ozempic gebruiken om af te vallen dezelfde gezondheidsvoordelen ondervinden, is een vraag die de wetenschappers in de toekomst verder zullen onderzoeken met nieuwe, langdurige studies. Het hergebruiken van reeds bestaande geneesmiddelen in andere therapeutische domeinen (in dit geval dementie) biedt wel veel potentieel, omdat de veiligheidsprofielen en actiemechanismes eerder al uitvoerig bestudeerd werden voor hun initiële toepassing. En dat versnelt dan weer de klinische proeven in mensen.