Waarom zijn we zo hard voor elkaar op sociale media?

Op sociale media zijn we vaak een stuk harder voor elkaar dan in het normale leven. Hoe komt dat toch?

Felle reacties op Facebook, Instagram, en TikTok zijn schering en inslag. Dat ligt voornamelijk aan wat we online disinhibitie (of ontremming) noemen. 

Normaliter hebben we gezonde remmingen. We doen bepaalde dingen niet omdat ze onbeleefd of zelfs kwetsend kunnen zijn. Dat heet inhibitie. Disinhibitie wil zeggen dat die remmingen wegvallen. Dat kan voorkomen als je alcohol hebt gedronken, maar ook online gebeurt dat, vandaar de term online disinhibitie. Dan is natuurlijk de volgende vraag: waarom vallen die remmingen daar weg? 

De hoofdreden is het feit dat we elkaar niet zien op sociale media. In een fysiek gesprek letten we op aanwijzingen van onze gesprekspartners. Als we het gezicht van onze gesprekspartner kunnen zien, merken we het meteen als die iets niet apprecieert of gekwetst reageert. Dat geeft ons dan ook weer een vervelend gevoel, en dat willen we liefst vermijden. Op sociale media hebben we die feedback niet en kunnen we ook minder goed anticiperen op de ontvanger van onze boodschap. 

Je krijgt bovendien niet altijd meteen reactie op wat je online schrijft, zoals dat gebeurt in een echt gesprek. Als je daar merkt dat je statement niet in goede aarde valt, kan je nog last minute bijsturen. Dat is niet het geval bij sociale media. Het duurt dus een stuk langer voor je acties consequenties krijgen. 

Psychologische afstand

Daarnaast is er op sociale media ook een psychologische afstand. Mensen voelen zich daardoor minder aansprakelijk voor wat ze online posten. In een gewoon gesprek kan je niet ontkennen dat je iets gezegd hebt, maar op sociale media kan dat wel. De afstand is dus groter, wat een gevoel van veiligheid geeft. Mensen denken daarom vaak dat het allemaal niets uitmaakt, want er is toch niemand die ziet wat je zegt of doet.

Er zijn natuurlijk ook redenen van een hele andere orde. De algoritmes van sociale media zetten felle reacties meer op de voorgrond. Die krijgen gebruikers dan ook meer te zien, wat een normverschuiving in de hand werkt. Omdat we zo vaak felle, ongenuanceerde reacties zien, denken we dat dat normaal is en gaan we die stijl zelf ook aannemen. 

Algoritmes zetten felle reacties bewust in de kijker

Op sociale media voer je immers een soort performance op voor je online volgers. Om gezien te worden en ook leuk gevonden te worden, ga je je dus op een bepaalde manier gedragen. Dat werkt dan weer een wij-zij-denken in de hand: de mensen die hetzelfde denken als jij, horen bij de groep, de anderen niet. 

Die polarisatie is natuurlijk geen gevolg van sociale media op zich. Dat is eigen aan onze maatschappij. Multiculturaliteit en economische crisissen, bijvoorbeeld, werken sowieso spanningen in de hand. Sociale media zorgen er wel voor dat die spanningen een breder en ongeremder platform krijgen. 

Online disinhibitie komt voor bij iedereen, maar niet in dezelfde mate. Mensen die van nature heel emotioneel en betrokken zijn in gesprekken, zullen zich ook sneller persoonlijk bedreigd voelen in hun identiteit door bepaalde content op sociale media. Zij halen dan ook sneller heftig uit.

Toch hoeft disinhibitie niet altijd slecht te zijn. De toxische vorm is dat natuurlijk wel, maar er is ook zoiets als benign disinhibition, of positieve disinhibitie. Daardoor kunnen we online vrienden of zelfs een partner vinden omdat we ons meer durven openstellen en gesprekken durven aangaan. Zo kunnen ook mensen die wat geslotener zijn makkelijk relaties opbouwen. Hetzelfde mechanisme dat ons dus zo fel maakt op sociale media, kan ook iets moois teweegbrengen als we het op een goede manier gebruiken. 

Steven Eggermont, onderzoeker bij het Media Psychology Lab en decaan van de Faculteit Sociale Wetenschappen van de KU Leuven, beantwoordde deze vraag. Jante Borremans, journaliste in opleiding, tekende zijn antwoord op. 

Heb je ook een vraag voor de wetenschap? Stel ze op ikhebeenvraag.be