Evenwijdige lijnen, rechte hoeken en zelfs ruiten: 60.000 jaar oude geometrische tekeningen doen vermoeden dat mensen toen al abstract konden denken.
Pythagoras en de andere oude Grieken mogen de driehoeksmeetkunde dan wel hebben uitgevonden, dat wil niet zeggen dat mensen vóór hen verstoken waren van geometrisch inzicht. Integendeel, dat inzicht zou zelfs 60.000 jaar terug kunnen gaan. Op fragmenten van eierschaal van struisvogels uit die tijd staan immers opmerkelijke geometrische vormen en patronen gekrast – van evenwijdige lijnen en rechte hoeken tot rasters en ruitvormen. De vondst van de schaal, gedaan in zuidelijk Afrika, dateert uit 2010, maar nu hebben Italiaanse archeologen de krassen onder de loep genomen.
Volgens de vorsers doet de ontdekking vermoeden dat mensen in de verre prehistorie – jager-verzamelaars, maar nog wel Homo sapiens – al abstract konden nadenken en zich vormen en patronen voor de geest konden halen die ze niet meteen terugzagen in hun dagelijks leven. Dat terwijl de krassen voorkomen op struisvogeleieren die wellicht als waterreservoirs werden gebruikt. In totaal onderzochten de archeologen 112 schaalfragmenten, goed voor een totaal van 1.300 gekraste lijnen. Daarvan vertoont tachtig procent geometrische kenmerken.
Wat de geometrische tekeningen betekenden voor de oermensen, daar kunnen de onderzoekers enkel naar raden. Maar ze tonen wel aan dat deze mensen niet alleen geometrisch inzicht hadden, maar ook vooruit konden denken in de tijd. Dat is immers nodig als je zulke tekeningen wil maken.
Bron: University of Bologna, Italië