Eos Blogs

Pijn en ritme: hoe je dagelijkse patroon je pijn beïnvloedt

Mensen met chronische pijn kennen het patroon: op een goede dag doen ze veel, maar daarna moeten ze vaak herstellen en afspraken afzeggen. Die voortdurende afwisseling tussen actie en herstel lijkt een logisch gevolg van leven met pijn, maar wetenschappers onderzoeken of die schommelingen zelf ook een rol spelen in hoe pijn wordt ervaren.

Ons lichaam werkt als een klok. Een centrale biologische klok in onze hersenen bepaalt wanneer je slaperig wordt, wanneer je honger krijgt en wanneer hormonen vrijkomen en stuurt zelfs je immuunsysteem aan.

Om goed te werken, heeft die klok informatie nodig van buitenaf. Daglicht is de belangrijkste bron, maar ook beweging, timing van eetmomenten en sociale activiteiten helpen het ritme fijn af te stemmen. Dankzij externe signalen weet je lichaam wanneer het dag is en wanneer het nacht is.

Dat ritme zien we ook terug in ons gedrag. Overdag zijn we doorgaans actief, 's nachts rusten we. Wetenschappers noemen dat het rust-activiteitsritme of de manier waarop activiteit en rust zich over een tijdspanne van 24 uur verdelen. Vandaag kunnen onderzoekers dat ritme vrij eenvoudig meten aan de hand van draagbare sensoren, zoals activiteitstrackers of slimme horloges. Die registreren bewegingen gedurende meerdere dagen of weken en geven zo een beeld van hoe regelmatig iemand leeft.

Ook pijn volgt een ritme

Pijn lijkt misschien willekeurig op te komen, maar ook pijnsignalen blijken niet constant aanwezig te zijn gedurende de dag. Verschillende chronische pijnaandoeningen vertonen zelfs een typisch patroon. Mensen met fibromyalgie rapporteren bijvoorbeeld vaak meer klachten in de ochtend, terwijl spanningshoofdpijn eerder later op de dag piekt (1). Veel patiënten merken intuïtief aan dat hun pijn niet op elk moment even sterk aanwezig is. Dat is geen toeval. Als de biologische klok hormonen, ontstekingsreacties en slaap beïnvloedt, is het logisch dat ze ook een rol speelt bij hoe pijn wordt versterkt of afgeremd.

Een scherp ritme, minder pijn?

Onderzoekers onderzochten de voorbije jaren het rust-activiteitsritme bij verschillende groepen mensen met chronische pijn. Het gaat onder meer om mensen met fibromyalgie, inflammatoire darmziekten en mensen die leven met kankergerelateerde pijn (2).

Hoewel er nog meer onderzoek nodig is, verschijnt er stilaan een opvallend patroon. Mensen met een sterk afgebakend dag-nachtritme rapporteren gemiddeld minder pijn (2). Denk aan het verschil tussen een scherpe en een wazige foto. Bij een scherpe foto zijn de contouren helder, bij een wazige foto lopen ze in elkaar over. Hetzelfde geldt voor je dagelijks ritme. Wanneer actieve uren overdag en rust 's nachts goed van elkaar gescheiden zijn, spreken onderzoekers van een robuust ritme. Mensen bij wie die grens vervaagt, die 's nachts actief blijven of overdag veel in bed liggen, ervaren doorgaans meer pijn.

De boodschap is niet dat iedereen exact volgens hetzelfde schema moet leven. Wel lijkt het belangrijk dat je lichaam duidelijke signalen krijgt en weet: nu is het tijd om te bewegen, nu is het tijd om te rusten.

Nachtuilen lopen mogelijks meer risico

Sommige studies wijzen voorzichtig op een tweede verband. Mensen die hun piek van activiteit later op de dag hebben (de typische nachtuilen) rapporteren gemiddeld meer pijn (2).

Dat resultaat is minder eenduidig dan het verband met een sterk dag-nachtritme, maar het sluit aan bij eerder onderzoek waaruit blijkt dat avondmensen kwetsbaarder lijken voor verschillende pijnklachten en de impact ervan (3).

Waarom dat zo is, weten onderzoekers nog niet precies. Mogelijk speelt een mismatch mee tussen de interne klok en maatschappelijke verwachtingen. Mensen die biologisch gezien later actief zijn maar vroeg moeten functioneren door hun werk of gezin, bouwen sneller een slaaptekort op. En slaap en pijn zijn nauw met elkaar verbonden.

Een vicieuze cirkel, maar ook een uitweg

Pijn verstoort het ritme. Slechte nachten door pijn maken het moeilijk om uitgerust op te staan. Overdag bewegen sommige mensen minder uit angst om klachten uit te lokken. Anderen doen op goede dagen te veel en liggen op slechte dagen in bed, waardoor hun activiteitsniveau sterk schommelt en het dag-nacht ritme verder vervaagt.

Maar tegelijk werkt het omgekeerde ook: een vaag ritme kan de pijn versterken. De biologische klok beïnvloedt namelijk precies die processen die pijn verwerken en onderdrukken. Wie 's nachts slecht slaapt, te actief is en overdag te weinig beweegt, geeft zijn lichaam geen houvast om die regulatie goed te laten verlopen.

Zo ontstaat een cirkel die moeilijk te doorbreken is. Toch zit er een hoopvolle boodschap in deze bevindingen. Als het dagelijks ritme meespeelt in hoe pijn wordt ervaren, biedt het ook een aanknopingspunt voor behandeling. Vaste slaap- en waaktijden, beweging overdag, rust ’s nachts, … het zijn geen spectaculaire ingrepen, maar ze kunnen mogelijk wel een verschil maken.

Activiteitstrackers en andere wearables kunnen daarbij helpen. Ze brengen je ritme objectief in kaart en maken patronen zichtbaar die je zelf misschien niet zou opmerken.

Chronische pijn begrijpen gaat dus verder dan meten hoeveel pijn iemand heeft. Het vraagt ook aandacht voor wanneer die pijn optreedt en hoe iemand zijn dagen organiseert. Een vast ritme aanhouden terwijl pijn onvoorspelbaar is, is allesbehalve makkelijk. Maar steeds meer aanwijzingen suggereren dat net die regelmaat een deel van de oplossing kan zijn.

Bronnen:

1.             Daguet I, Raverot V, Bouhassira D, Gronfier C. Circadian rhythmicity of pain sensitivity in humans. Brain. 2022;145(9):3225-35.

2.             Van Stallen A, De deyne M, Labie C, De Baets L. Circadian Regulation and Pain: A Systematic Review of the Association Between Rest–Activity Rhythm and Pain-Related Outcomes. Clocks & Sleep. 2026;8(2):32.

3.             Herrero Babiloni A, Sangalli L, Boggero IA, Goldfarb C, King CD, Lavigne GJ. The influence of chronotype on pain: a systematic review and meta-analysis. PAIN. 9900.